Rechtspraak

    Geanonimiseerde vonnissen met juridische analyse. Ontdek relevante rechtspraak uit heel Vlaanderen.
    Google 4.9/5 (175) · Trustlocal 9.7/10 (178)050 67 32 06

    Op deze pagina vindt u een overzicht van geanonimiseerde vonnissen en arresten uit rechtbanken in heel Vlaanderen en Nederlandstalig Brussel. Elke uitspraak is voorzien van een juridische analyse door ervaren advocaten van LawBase, met aandacht voor de kernpunten, het toepasselijke recht en de praktische gevolgen. Gebruik de zoekfunctie en filters, of kies rechtstreeks een thema: rechtspraak over verkeersrecht, familierecht, huurrecht, erfrecht, strafrecht, verbintenissenrecht, handelsrecht of burgerlijk recht.

    Tag:

    9 resultaten gevonden

    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Omgangsrecht beperken wegens alcohol vader: geen overnachtingen meer

    Na een echtscheiding door onderlinge toestemming bracht de moeder de zaak opnieuw voor de familierechtbank wegens de alcoholproblematiek van de vader. De rechtbank behield het gezamenlijk gezag, maar schrapte de overnachtingen: het jongste kind verblijft enkel op zaterdag in de pare weken van 10 tot 19 uur bij de vader, het oudste kind in onderling overleg, en een intoxicatieclausule blijft gelden. Omdat de vader zijn financiële afspraken niet nakwam, legde de rechtbank een all-in onderhoudsbijdrage van 300 euro per maand en per kind op, met uitzondering van de buitengewone medische kosten.

    Rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 10 april 2025Gepubliceerd: 20 september 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    3 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Onderhoudsgeld berekenen: verdienvermogen telt bij deeltijds werken

    Na een echtscheiding moest de familierechtbank het gezag, de verblijfsregeling en de onderhoudsbijdragen vastleggen voor drie kinderen. De rechtbank rekende bij beide ouders een voltijds verdienvermogen van ongeveer 2.200 euro per maand in, ook bij de moeder die deeltijds werkte en bij de werkzoekende vader, omdat geen van beiden een beletsel aantoonde om voltijds te werken. Het jongste kind kreeg een week-weekregeling, de tiener een vrije omgangsregeling met de moeder, die voor hem 210 euro per maand betaalt. Een all-in bijdrage werd geweigerd: de buitengewone kosten worden bij helften gedeeld.

    Rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 12 januari 2026Gepubliceerd: 18 september 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    4 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Erfrecht
    Vordering toegewezen

    Curator onbeheerde nalatenschap: uitweg bij geblokkeerde huurwaarborg

    Een medehuurder overleed zonder afstammelingen of directe erfgenamen, waarna de beheerder van de huurwaarborg weigerde vrij te geven zonder attest van erfopvolging, dat niet te verkrijgen was. De overlevende medehuurder, zelf geen erfgenaam, vroeg de familierechtbank een curator over de onbeheerde nalatenschap aan te stellen. De rechtbank willigde het verzoek in op grond van artikel 4.58 BW en artikel 1228 Ger.W., kende geen rechtsplegingsvergoeding toe en liet de verzoekster het rolrecht betalen, met de mogelijkheid die kosten in de nalatenschap in te brengen.

    Rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Kortrijk, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 26 maart 2026Gepubliceerd: 5 september 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    0 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Verblijfsregeling niet nageleefd: dwangsom in kort geding

    Dit vonnis in kortgeding van de Nederlandstalige familierechtbank te Gent behandelt een vordering van een vader tot naleving van een verblijfsregeling voor zijn minderjarige dochter. De ouders, die een lange historiek van juridische procedures kennen, hebben een gelijkmatig verdeelde week-weekregeling die werd vastgelegd in een arrest van het Hof van Beroep te Gent. De zaak escaleerde toen de moeder, na een middagmaal, de dochter niet terug naar school of naar de vader bracht, stellende dat het kind een crisis doormaakte. Ze ondersteunde dit met een doktersattest en audiovisuele opnames en schrijfsels van het kind. De vader vorderde in kortgeding de strikte naleving van het arrest van het Hof van Beroep, gekoppeld aan een dwangsom. Hij argumenteerde dat de moeder eenzijdig de gerechtelijke beslissing schond en vroeg de rechtbank om de door de moeder aangebrachte bewijsstukken (opnames en schrijfsels) te weren wegens onrechtmatigheid en een gebrek aan bewijswaarde. De moeder verweerde zich door te stellen dat ze handelde in het belang van het kind, met wie het volgens haar al geruime tijd niet goed ging. Ze vroeg de opschorting van de verblijfsregeling bij de vader en voerde aan dat de door haar voorgelegde stukken de noodzaak hiervan aantoonden. De kortgedingrechter oordeelde dat hij niet bevoegd was voor vorderingen ten gronde, zoals de ondergeschikte vordering om de verblijfsregeling om te zetten naar een weekendregeling of het bevelen van een maatschappelijk onderzoek. Wat de bewijsstukken betreft, wees de rechter de wering af, maar relativeerde de bewijswaarde ervan. De opnames geven volgens de rechtbank slechts een fragmentarisch en selectief beeld, en de schrijfsels moeten met de nodige omzichtigheid worden benaderd. Ze volstaan niet om emotionele schade of een trauma vast te stellen; daarvoor is een onderzoek door een deskundige nodig. De rechter stelde vast dat de moeder de verblijfsregeling effectief niet had nageleefd en dat de aangevoerde bewijzen (inclusief een recent verslag van een crisisteam) onvoldoende aantoonden dat het verblijf bij de vader schadelijk was. De problematiek leek eerder te liggen in het aanslepende conflict tussen de ouders zelf. Bijgevolg werd de vordering van de vader in grote mate toegewezen en de tegenvordering tot opschorting afgewezen. De rechtbank zei voor recht dat het arrest van het Hof van Beroep strikt moet worden nageleefd, op straffe van een dwangsom die zij ex aequo et bono matigde. De moeder werd als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld tot de gedingkosten.

    Rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, sectie familierechtbankUitspraak: 15 mei 2026Gepubliceerd: 9 juli 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    33 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Vordering toegewezen

    EOT-vonnis: wat toetst de familierechtbank nog?

    Dit vonnis van de familie- en jeugdrechtbank te Antwerpen behandelt een vordering tot echtscheiding door onderlinge toestemming (EOT), ingediend door twee echtgenoten. De zaak kenmerkt zich door het feit dat de partijen niet tegenover elkaar staan, maar gezamenlijk de rechtbank verzoeken om hun huwelijk te ontbinden op basis van een voorafgaand akkoord. De feiten zijn eenvoudig: de echtgenoten hebben op 10 april 2026 een gezamenlijk verzoekschrift neergelegd bij de griffie. Het vonnis vermeldt de door partijen voorgebrachte overeenkomsten en stukken, overeenkomstig de artikelen 1287, 1288 en 1288bis van het Gerechtelijk Wetboek. Dergelijke overeenkomsten bevatten doorgaans een volledige regeling van de wederzijdse rechten en plichten, zowel op vermogensrechtelijk als op familiaal vlak. Beide partijen lieten zich bijstaan door dezelfde advocaat, wat de consensus tussen hen verder onderstreept. Als gezamenlijke verzoekers vragen zij samen de echtscheiding op basis van hun overeenkomsten. Er is geen sprake van een geschil dat de rechter moet beslechten. De rechter vervult in deze procedure een voornamelijk formele rol. De beslissing van de rechtbank is dan ook een bekrachtiging van de wil van de partijen. De rechter stelt vast dat aan alle wettelijke voorwaarden is voldaan: het verzoekschrift is correct ingediend en de vereiste overeenkomsten zijn voorgelegd. Gelet op het schriftelijk advies van het Openbaar Ministerie, spreekt de rechtbank de echtscheiding tussen de echtgenoten uit. De juridische grondslag voor deze beslissing is primair te vinden in de artikelen 1287 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek, die de procedure voor EOT regelen. Deze artikelen schrijven voor dat echtgenoten die in onderlinge toestemming willen scheiden, voorafgaandelijk een allesomvattende overeenkomst moeten sluiten over de gevolgen van hun echtscheiding. De rechtbank toetst enkel of aan de wettelijke voorwaarden naar vorm en inhoud is voldaan (art. 1297 en 1298 Ger. W.), zonder zich uit te spreken over de billijkheid van de door de partijen getroffen regeling. De overeenkomsten mogen wel enkel rechten regelen waarover de echtgenoten vrij kunnen beschikken (art. 1287 Ger. W.), en wanneer de persoonlijke verschijning van de echtgenoten wordt bevolen, kan de rechter bepalingen die kennelijk strijdig zijn met de belangen van minderjarige kinderen laten schrappen of wijzigen (art. 1290 Ger. W.).

    Rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 19 mei 2026Gepubliceerd: 16 juni 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    68 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Blijvende saisine: dwangsom voor vader die verblijfsregeling niet naleeft

    Een vader en een moeder hadden in juli 2024 een akkoord over hun kind laten bekrachtigen door de familierechtbank in Brugge. Vanaf 1 januari 2025 zou een week-weekregeling gelden, zonder onderhoudsbijdrage. Die regeling werd amper één week toegepast: de vader liet telkens weten dat hij niet voor het kind kon zorgen. De vader bracht de zaak op 29 juli 2025 opnieuw voor de familierechtbank via de blijvende saisine van artikel 1253ter/7 van het Gerechtelijk Wetboek, bij conclusie, zonder nieuw verzoekschrift. De moeder stelde tegenvorderingen in: hoofdverblijf bij haar, een weekendregeling voor de vader, een dwangsom en een onderhoudsbijdrage van 250 euro per maand. In haar vonnis van 26 maart 2026 bekrachtigt de rechtbank het deelakkoord over het verblijf: hoofdverblijf bij de moeder, om de veertien dagen een weekend bij de vader en een vaste vakantieregeling. Ze legt de vader een dwangsom op van 500 euro per keer dat hij het kind niet ophaalt, voor maximaal 24 maanden, en bepaalt de onderhoudsbijdrage op 200 euro per maand vanaf 1 februari 2025. De leeftijdstoeslag, de schoolfacturen als buitengewone kosten en een bijkomend kledijbedrag worden niet toegekend.

    Rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 26 maart 2026Gepubliceerd: 3 april 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    235 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Kind stopt met studeren: wanneer eindigt onderhoudsgeld?

    Dit vonnis van de familierechtbank te Hasselt behandelt een geschil over de onderhoudsplicht voor een meerderjarig kind dat haar hogere studies heeft stopgezet. De ouders waren eerder uit elkaar gegaan, waarbij de jongste dochter haar hoofdverblijf bij de vader had en de moeder aan de vader een onderhoudsbijdrage van €245 per maand en per kind betaalde voor de twee kinderen. Het geschil spitst zich toe op de jongste dochter, die na het behalen van haar middelbaar diploma, haar hogere studies op 28 november 2024 afbrak. De moeder vorderde dat de onderhoudsbijdrage voor die dochter minstens vanaf 1 september 2024 voorlopig zou worden geschorst, omdat de vader weigerde haar documenten te bezorgen waaruit bleek dat de dochter nog hogere studies volgde. De rechtbank verwees naar de 'wachttijd' van één jaar voor een werkloosheidsuitkering van een schoolverlater, zoals het vonnis die vermeldt, een periode waarin de ouderlijke onderhoudsplicht in principe doorloopt. De vader voerde aan dat zijn dochter de intentie had opnieuw te studeren en actief werk zocht. De rechtbank oordeelde dat het stopzetten van een eerste poging tot hogere studies geen abnormaal studieverloop uitmaakt. De rechter stelde echter ook vast dat de vader systematisch had verzuimd de moeder correct en tijdig te informeren over het studieverloop. Hoewel de onderhoudsplicht in principe doorloopt tijdens de wachttijd, besloot de rechtbank hiervan af te wijken. Gezien de concrete omstandigheden, waaronder de actuele grote vraag naar arbeidskrachten, nam de rechtbank het verstrijken van de wachttijd niet als criterium. Zij oordeelde dat de dochter geacht wordt zes maanden na het beëindigen van haar studies minstens deeltijds werk te hebben gevonden of al deeltijds te hebben gewerkt. Bijgevolg werd de onderhoudsplicht van de moeder beëindigd vanaf 1 mei 2025. Het dictum verklaart de vordering van de moeder, die de procedure startte, deels gegrond. Toch werd de moeder veroordeeld tot de kosten van het geding (begroot op 0 euro rolrecht) en tot een rechtsplegingsvergoeding van 313,95 euro. De rechtbank motiveert die kostenveroordeling met "de gedeeltelijke gegrondheid van de vordering van de vader".

    Rechtbank van eerste aanleg Limburg, afdeling Hasselt, sectie familie en jeugdUitspraak: 5 januari 2026Gepubliceerd: 5 februari 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    1.325 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Erfrecht
    Vordering toegewezen

    Gerechtelijke verdeling erfenis: rechtbank stelt notaris aan

    Dit vonnis van de Familie- en Jeugdrechtbank te Dendermonde behandelt een vordering tot gerechtelijke vereffening en verdeling van een nalatenschap. De partijen in de zaak zijn drie zussen, die de enige wettige en reservataire erfgenamen zijn van hun overleden moeder. De eiseres stelde vast dat het na het overlijden van hun moeder onmogelijk was om tot een minnelijke, ofwel onderlinge, verdeling van de erfenis te komen. Geconfronteerd met deze impasse, besloot zij de rechtbank te vatten om de gerechtelijke uitonverdeeldheidtreding te vorderen en de aanstelling van een notaris-vereffenaar te vragen om dit proces te leiden. De twee verwerende zussen, die in persoon verschenen, betwistten de vordering niet. De rechtbank stelde eerst haar bevoegdheid vast, zowel materieel (op basis van art. 572bis, 9° Ger.W. voor de familierechtbank) als territoriaal (op basis van art. 627, 3° Ger.W., de plaats waar de erfenis is opengevallen). Ten gronde baseerde de rechter zijn beslissing op het fundamentele principe van artikel 4.66 van het Burgerlijk Wetboek (voorheen artikel 815 oud BW), dat stelt dat niemand gedwongen kan worden in onverdeeldheid te blijven. Aangezien de partijen niet tot een akkoord kwamen, was de vordering tot gerechtelijke verdeling gegrond. Omdat de partijen geen gezamenlijk voorstel voor een notaris deden, stelde de rechtbank ambtshalve een notaris-vereffenaar aan conform artikel 1210 van het Gerechtelijk Wetboek. De rechtbank besliste verder dat de gerechtskosten, die het gevolg zijn van een procedure die alle erfgenamen ten goede komt, door de 'massa' (de nalatenschap zelf) gedragen moeten worden. Concreet betekent dit dat elke zus een derde van de kosten draagt. Er werd geen rechtsplegingsvergoeding toegekend.

    Familie- en jeugdrechtbank van de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling DendermondeUitspraak: 21 maart 2024Gepubliceerd: 28 januari 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    540 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Echtscheiding met akkoord partner: termijnen en notaris

    Dit vonnis van de familie- en jeugdrechtbank te Brugge behandelt een vordering tot echtscheiding op grond van onherstelbare ontwrichting (E.O.O.), ingesteld door de echtgenoot. De zaak wordt gekenmerkt door de context van aanhoudende spanningen door de voortdurende samenwoning van de partijen na de beslissing om te scheiden. De eisende partij, de echtgenoot, vordert de echtscheiding op basis van artikel 229 §3 van het oud Burgerlijk Wetboek, stellende dat de voortzetting van het huwelijk onmogelijk is geworden. Tijdens de procedure verklaart de verwerende partij, de echtgenote, zich akkoord met de echtscheidingsvordering. Naast de echtscheiding zelf, worden ook voorlopige maatregelen besproken. De echtgenote vraagt om een verlenging van de termijn om de gezinswoning te verlaten, maar bij gebrek aan akkoord behoudt de rechtbank de oorspronkelijke verhuisdatum. Partijen bereiken wel een tijdelijk akkoord over een week-week verblijfsregeling voor een van de kinderen en over een gewijzigde startdatum voor het doorstorten van de helft van het verhoogde groeipakket. De rechtbank beslist in dit vonnis enkel over de echtscheiding en de daaruit voortvloeiende vereffening-verdeling. De rechter stelt vast dat aan de wettelijke voorwaarden voor een E.O.O. is voldaan. De onherstelbare ontwrichting wordt als bewezen beschouwd, niet door feiten van de ontwrichting zelf, maar door het akkoord van de verweerster met de vordering in de loop van de procedure, in combinatie met het verstrijken van de wettelijk voorgeschreven termijnen. Bijgevolg spreekt de rechtbank de echtscheiding tussen de partijen uit. Aangezien de partijen geen overeenstemming konden bereiken over de keuze van een notaris voor de verdeling van de huwgemeenschap en/of de gebeurlijke onverdeeldheid, stelt de rechtbank ambtshalve een notaris-vereffenaar aan. De beslissingen over de overige geschilpunten, zoals de verblijfsregeling voor de kinderen, onderhoudsbijdragen en de verdeling van de gerechtskosten, worden aangehouden en naar een latere zitting verwezen. Het vonnis benadrukt dat de uitspraak over de echtscheiding zelf niet uitvoerbaar bij voorraad is.

    Rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 5 mei 2025Gepubliceerd: 23 januari 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    165 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Rechtsgebied
    Rechtbank

    Veelgestelde vragen over rechtspraak

    Wat is jurisprudentie en waarom is het belangrijk?▾
    Jurisprudentie is het geheel van rechterlijke uitspraken (vonnissen en arresten) die als referentie dienen voor toekomstige zaken. In België is jurisprudentie geen formele rechtsbron, maar rechters houden er in de praktijk sterk rekening mee. Door relevante rechtspraak te kennen, kunt u beter inschatten hoe een rechter over uw zaak zal oordelen.
    Zijn Belgische vonnissen openbaar?▾
    Ja, op basis van artikel 149 van de Grondwet zijn vonnissen in België in principe openbaar. Wel worden vonnissen geanonimiseerd gepubliceerd om de privacy van betrokkenen te beschermen, conform de AVG/GDPR-wetgeving. LawBase publiceert uitsluitend geanonimiseerde vonnissen met toestemming en na juridische review.
    Wat is het verschil tussen een vonnis en een arrest?▾
    Een vonnis is een uitspraak van een rechtbank (zoals de politierechtbank, familierechtbank of arbeidsrechtbank); een uitspraak van een hof heet een arrest, zoals het Hof van Beroep of het Hof van Cassatie. Arresten hebben doorgaans meer juridisch gewicht als referentie voor toekomstige zaken.
    Hoe kan ik rechtspraak gebruiken voor mijn eigen zaak?▾
    U kunt relevante rechtspraak opzoeken in onze database op rechtsgebied, rechtbank of trefwoord. Door vergelijkbare zaken te bestuderen, krijgt u inzicht in mogelijke uitkomsten en juridische argumenten. Een advocaat van LawBase kan u helpen de meest relevante jurisprudentie toe te passen op uw specifieke situatie.
    Worden alle vonnissen op LawBase geanonimiseerd?▾
    Ja, alle vonnissen op LawBase worden volledig geanonimiseerd voordat ze gepubliceerd worden. Persoonsnamen, adressen en andere identificeerbare gegevens worden verwijderd of vervangen. Elke publicatie doorloopt een anonimiseringscontrole en juridische review door een ervaren advocaat.
    Bij welke Vlaamse rechtbanken pleiten de advocaten van LawBase?▾
    De advocaten van LawBase pleiten bij alle rechtbanken in Vlaanderen en Nederlandstalig Brussel, waaronder de familierechtbanken, politierechtbanken, arbeidsrechtbanken, ondernemingsrechtbanken en de hoven van beroep in Gent, Antwerpen en Brussel.

    Rechtspraak in Vlaanderen: juridische analyse door advocaten

    Rechtspraak — ook wel jurisprudentie genoemd — vormt een onmisbare bron van juridische informatie in België. Hoewel rechterlijke uitspraken formeel geen bindende precedentwerking hebben zoals in Anglo-Saksische rechtsstelsels, spelen vonnissen en arresten in de praktijk een cruciale rol bij de interpretatie en toepassing van het Belgische recht.

    De advocaten van LawBase analyseren geanonimiseerde vonnissen uit de belangrijkste Vlaamse rechtbanken: de familierechtbanken, politierechtbanken, arbeidsrechtbanken, ondernemingsrechtbanken en vredegerechten, evenals arresten van de hoven van beroep te Gent, Antwerpen en Brussel. Elke analyse omvat een samenvatting van de feiten, de toegepaste wetsartikelen, de juridische redenering van de rechter en de praktische gevolgen van de uitspraak.

    Door onze rechtspraakdatabase te raadplegen, krijgt u een realistisch beeld van hoe rechters in Vlaanderen oordelen over kwesties als echtscheiding en alimentatie, verkeersovertredingen, arbeidsgeschillen, huurconflicten en handelszaken. Dit helpt u niet alleen bij het inschatten van uw eigen juridische positie, maar stelt uw advocaat ook in staat om de sterkste argumenten voor te bereiden.

    Alle gepubliceerde vonnissen zijn volledig geanonimiseerd conform de AVG/GDPR en doorlopen een strenge juridische review voordat ze op het platform verschijnen. Neem contact op als u juridisch advies nodig heeft over een specifieke uitspraak of als u een advocaat zoekt die uw belangen bij de rechtbank verdedigt.

    Juridisch advies over uw eigen situatie?

    Kies een eerste consultatie op kantoor (€ 90,75 incl. 21 % btw) of via videocall (€ 60,50 incl. btw).

    Liever eerst bellen? 050 67 32 06

    Meer info: cookie beleid · privacy