Rechtspraak

    Geanonimiseerde vonnissen met juridische analyse. Ontdek relevante rechtspraak uit heel Vlaanderen.
    Google 4.9/5 (175) · Trustlocal 9.7/10 (178)050 67 32 06

    Op deze pagina vindt u een overzicht van geanonimiseerde vonnissen en arresten uit rechtbanken in heel Vlaanderen en Nederlandstalig Brussel. Elke uitspraak is voorzien van een juridische analyse door ervaren advocaten van LawBase, met aandacht voor de kernpunten, het toepasselijke recht en de praktische gevolgen. Gebruik de zoekfunctie en filters, of kies rechtstreeks een thema: rechtspraak over verkeersrecht, familierecht, huurrecht, erfrecht, strafrecht, verbintenissenrecht, handelsrecht of burgerlijk recht.

    Tag:

    5 resultaten gevonden

    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Verblijfsregeling niet nageleefd: dwangsom in kort geding

    Dit vonnis in kortgeding van de Nederlandstalige familierechtbank te Gent behandelt een vordering van een vader tot naleving van een verblijfsregeling voor zijn minderjarige dochter. De ouders, die een lange historiek van juridische procedures kennen, hebben een gelijkmatig verdeelde week-weekregeling die werd vastgelegd in een arrest van het Hof van Beroep te Gent. De zaak escaleerde toen de moeder, na een middagmaal, de dochter niet terug naar school of naar de vader bracht, stellende dat het kind een crisis doormaakte. Ze ondersteunde dit met een doktersattest en audiovisuele opnames en schrijfsels van het kind. De vader vorderde in kortgeding de strikte naleving van het arrest van het Hof van Beroep, gekoppeld aan een dwangsom. Hij argumenteerde dat de moeder eenzijdig de gerechtelijke beslissing schond en vroeg de rechtbank om de door de moeder aangebrachte bewijsstukken (opnames en schrijfsels) te weren wegens onrechtmatigheid en een gebrek aan bewijswaarde. De moeder verweerde zich door te stellen dat ze handelde in het belang van het kind, met wie het volgens haar al geruime tijd niet goed ging. Ze vroeg de opschorting van de verblijfsregeling bij de vader en voerde aan dat de door haar voorgelegde stukken de noodzaak hiervan aantoonden. De kortgedingrechter oordeelde dat hij niet bevoegd was voor vorderingen ten gronde, zoals de ondergeschikte vordering om de verblijfsregeling om te zetten naar een weekendregeling of het bevelen van een maatschappelijk onderzoek. Wat de bewijsstukken betreft, wees de rechter de wering af, maar relativeerde de bewijswaarde ervan. De opnames geven volgens de rechtbank slechts een fragmentarisch en selectief beeld, en de schrijfsels moeten met de nodige omzichtigheid worden benaderd. Ze volstaan niet om emotionele schade of een trauma vast te stellen; daarvoor is een onderzoek door een deskundige nodig. De rechter stelde vast dat de moeder de verblijfsregeling effectief niet had nageleefd en dat de aangevoerde bewijzen (inclusief een recent verslag van een crisisteam) onvoldoende aantoonden dat het verblijf bij de vader schadelijk was. De problematiek leek eerder te liggen in het aanslepende conflict tussen de ouders zelf. Bijgevolg werd de vordering van de vader in grote mate toegewezen en de tegenvordering tot opschorting afgewezen. De rechtbank zei voor recht dat het arrest van het Hof van Beroep strikt moet worden nageleefd, op straffe van een dwangsom die zij ex aequo et bono matigde. De moeder werd als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld tot de gedingkosten.

    Rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, sectie familierechtbankUitspraak: 15 mei 2026Gepubliceerd: 9 juli 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    33 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Burgerlijk Recht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Dwangsom snoeien bomen: 18.900 in plaats van 210.000 euro

    Deze zaak betreft een geschil over de inning van dwangsommen die werden opgelegd in een eerder vonnis van de vrederechter. De eiseres, de boomeigenares, werd veroordeeld tot het snoeien van overhangende takken van een esdoorn en een zomereik, en het inkorten van een Leylandii-haag. Bij niet-naleving binnen de maand na betekening zou een dwangsom van 350 euro per dag verschuldigd zijn. De verwerende partijen, haar buren, lieten het vonnis betekenen en eisten na het verstrijken van de termijn een aanzienlijk bedrag aan verbeurde dwangsommen op, oplopend tot meer dan 200.000 euro. De boomeigenares tekende verzet aan tegen de inning van deze dwangsommen. Zij argumenteerde dat ze de hoofdveroordeling wel degelijk had uitgevoerd. De haag werd kort na de veroordeling gesnoeid. Voor de bomen was echter een omgevingsvergunning nodig, wat voor vertraging zorgde. Na het verkrijgen van de vergunning liet ze de snoeiwerken uitvoeren op 20 juli 2024. Ze stelde dat ze vanaf die datum had voldaan aan de veroordeling en er dus geen dwangsommen meer verschuldigd waren. Bovendien vorderde ze een schadevergoeding wegens rechtsmisbruik door haar buren, die onredelijk hoge bedragen bleven vorderen ondanks de uitgevoerde werken. De buren stelden dat de snoeiwerken niet voldeden aan de veroordeling en dat de dwangsommen dus terecht verder liepen. Zij vroegen de afwijzing van het verzet. De rechtbank stelde een gerechtsdeskundige aan om de uitgevoerde snoeiwerken te beoordelen. Op basis van het deskundigenverslag oordeelde de rechtbank dat de boomeigenares op 20 juli 2024 had voldaan aan de essentie van de hoofdveroordeling. De snoei was zo drastisch als mogelijk, rekening houdend met de gezondheid van de bomen en de verkregen vergunning. Bijgevolg waren er enkel dwangsommen verschuldigd voor de periode van de vertraging, namelijk van 27 mei 2024 tot en met 20 juli 2024 (54 dagen), wat neerkomt op 18.900 euro. De rechtbank oordeelde tevens dat de buren rechtsmisbruik hadden gepleegd door onredelijk hoge dwangsommen te blijven eisen nadat de snoeiwerken waren uitgevoerd. De rechtbank kende aan de boomeigenares een principieel bedrag van 500 euro toe. Zij beperkte de vergoeding tot dat bedrag omdat ook de boomeigenares niet aantoonde dat zij tijdig rekening had gehouden met de klachten, en maande beide partijen aan tot een betere verstandhouding als buren.

    Rechtbank van Eerste Aanleg West-Vlaanderen - Afdeling BruggeUitspraak: 16 juni 2026Gepubliceerd: 20 juni 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    66 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Familierecht
    Gedeeltelijk toegewezen

    Blijvende saisine: dwangsom voor vader die verblijfsregeling niet naleeft

    Een vader en een moeder hadden in juli 2024 een akkoord over hun kind laten bekrachtigen door de familierechtbank in Brugge. Vanaf 1 januari 2025 zou een week-weekregeling gelden, zonder onderhoudsbijdrage. Die regeling werd amper één week toegepast: de vader liet telkens weten dat hij niet voor het kind kon zorgen. De vader bracht de zaak op 29 juli 2025 opnieuw voor de familierechtbank via de blijvende saisine van artikel 1253ter/7 van het Gerechtelijk Wetboek, bij conclusie, zonder nieuw verzoekschrift. De moeder stelde tegenvorderingen in: hoofdverblijf bij haar, een weekendregeling voor de vader, een dwangsom en een onderhoudsbijdrage van 250 euro per maand. In haar vonnis van 26 maart 2026 bekrachtigt de rechtbank het deelakkoord over het verblijf: hoofdverblijf bij de moeder, om de veertien dagen een weekend bij de vader en een vaste vakantieregeling. Ze legt de vader een dwangsom op van 500 euro per keer dat hij het kind niet ophaalt, voor maximaal 24 maanden, en bepaalt de onderhoudsbijdrage op 200 euro per maand vanaf 1 februari 2025. De leeftijdstoeslag, de schoolfacturen als buitengewone kosten en een bijkomend kledijbedrag worden niet toegekend.

    Rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie familie- en jeugdrechtbankUitspraak: 26 maart 2026Gepubliceerd: 3 april 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    235 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Burgerlijk Recht
    Vordering afgewezen

    Uitvoerbaarheid bij voorraad schorsen in hoger beroep?

    Dit vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, behandelt een hoger beroep in een burenruzie. De oorspronkelijke zaak voor het Vredegerecht betrof een vordering van de geïntimeerden tegen de appellante wegens hinder door overhangende takken en een te hoge haag. De vrederechter had de vordering gegrond verklaard en de appellante veroordeeld tot het snoeien van de bomen en het inkorten van de haag, op straffe van een dwangsom van €350 per dag vertraging. Het vonnis was, overeenkomstig de wettelijke hoofdregel van artikel 1397 Ger.W., uitvoerbaar bij voorraad. De appellante stelde hoger beroep in en vorderde in haar verzoekschrift de opheffing, minstens de opschorting, van de uitvoerbaarheid bij voorraad van het bestreden vonnis; op de inleidende zitting werden enkel die uitvoerbaarheid bij voorraad en de dwangsom behandeld. In uiterst ondergeschikte orde vroeg ze de opheffing van de dwangsom en de opschorting van de looptijd ervan. De rechtbank van eerste aanleg wijst de vorderingen tot opheffing en tot opschorting van de uitvoerbaarheid bij voorraad af. De rechter oordeelt dat de mogelijkheid om in hoger beroep de uitvoerbaarheid bij voorraad aan te vechten, sinds de Potpourri V-wet van 2017 zeer beperkt is. De hoofdregel is dat vonnissen uitvoerbaar zijn niettegenstaande beroep. Een appelrechter kan enkel tussenkomen wanneer de eerste rechter expliciet is afgeweken van de wettelijke regels omtrent uitvoerbaarheid, wat hier niet het geval was. De vrederechter had louter de standaardregel toegepast. De rechtbank stelt expliciet dat oudere cassatierechtspraak die een mildering van dit principe toeliet, niet langer van toepassing is na de wetswijziging. Wat de dwangsom betreft, stelt de rechtbank vast dat ze door de 'cascade' van vorderingen niet kan oordelen over de uiterst ondergeschikte vorderingen tot opheffing van de dwangsom en tot opschorting van de looptijd ervan. Louter volledigheidshalve voegt ze toe dat er geen reden zou zijn om de dwangsom op te heffen en dat zij geen rechtsmacht heeft over de vordering tot opschorting van de looptijd, omdat een vordering op grond van artikel 1385quinquies Ger.W. moet worden gericht aan de rechter die de dwangsom heeft opgelegd, in casu de vrederechter. Over de grond van het hoger beroep, de burenhinder zelf, oordeelt dit vonnis nog niet.

    Rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Brugge, sectie burgerlijke rechtbankUitspraak: 26 juni 2024Gepubliceerd: 14 januari 2026Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    1.116 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Burgerlijk Recht
    Vordering afgewezen

    Dwangsom opheffen wegens onmogelijkheid? Niet bij eigen fout

    Deze zaak betreft een vordering tot opheffing of opschorting van een dwangsom die eerder werd opgelegd in een geschil over burenhinder. In een vorig vonnis werd de eiseres (destijds verweerster) veroordeeld tot het snoeien van overhangende takken van enkele bomen en het inkorten van een haag. Aan deze verplichting werd een dwangsom gekoppeld van een bepaald bedrag per dag vertraging, te rekenen vanaf één maand na betekening van het vonnis. De eiseres vraagt nu de opheffing of minstens de opschorting van deze dwangsommen. Ze argumenteert dat ze de snoeiwerken niet tijdig kon uitvoeren omdat hiervoor een omgevingsvergunning vereist was. Ze stelt dat de dwangsom pas zou mogen lopen vanaf het moment dat de vergunning is verleend. Daarnaast vraagt ze dat de dwangsommen niet zouden verbeuren buiten de zomermaanden, om schade aan de bomen te voorkomen. Ze beriep zich ook op de bescherming van vogels (Soortenbesluit). De verwerende partijen (de buren) verzetten zich tegen deze vordering. Zij wijzen erop dat de eiseres pas laat een vergunning aanvroeg, dat de strijdigheid met het Soortenbesluit niet bewezen is en dat de eiseres intussen andere procedures tegen hen voerde. De vrederechter wijst de vordering van de eiseres af als ongegrond. De rechter oordeelt dat er geen sprake is van onmogelijkheid om het vonnis uit te voeren. De noodzaak om een vergunning aan te vragen was voorzienbaar en de eiseres is zelf verantwoordelijk voor de laattijdige aanvraag. De rechter stelt vast dat de eiseres haar tijd en energie heeft besteed aan 'rancuneus en recalcitrant' gedrag in plaats van aan de uitvoering van het vonnis. Het argument over de bescherming van vogels noemt de rechter een post-factumargument ('pour les besoins de la cause'); het argument dat de snoei in een voor de bomen schadelijke periode zou vallen, had de beroepsrechter al verworpen. De vrederechter concludeert dat de dwangsom noodzakelijk blijft om de eiseres tot naleving van haar verplichtingen te dwingen en het evenwicht tussen de buren te herstellen.

    Vredegerecht van het eerste kanton BruggeUitspraak: 5 november 2024Gepubliceerd: 14 januari 2026Mr. Chanel Ribas Colomar
    117 weergaven
    Vergelijkbare zaak? Laat uw dossier beoordelen →
    Rechtsgebied
    Rechtbank

    Veelgestelde vragen over rechtspraak

    Wat is jurisprudentie en waarom is het belangrijk?▾
    Jurisprudentie is het geheel van rechterlijke uitspraken (vonnissen en arresten) die als referentie dienen voor toekomstige zaken. In België is jurisprudentie geen formele rechtsbron, maar rechters houden er in de praktijk sterk rekening mee. Door relevante rechtspraak te kennen, kunt u beter inschatten hoe een rechter over uw zaak zal oordelen.
    Zijn Belgische vonnissen openbaar?▾
    Ja, op basis van artikel 149 van de Grondwet zijn vonnissen in België in principe openbaar. Wel worden vonnissen geanonimiseerd gepubliceerd om de privacy van betrokkenen te beschermen, conform de AVG/GDPR-wetgeving. LawBase publiceert uitsluitend geanonimiseerde vonnissen met toestemming en na juridische review.
    Wat is het verschil tussen een vonnis en een arrest?▾
    Een vonnis is een uitspraak van een rechtbank (zoals de politierechtbank, familierechtbank of arbeidsrechtbank); een uitspraak van een hof heet een arrest, zoals het Hof van Beroep of het Hof van Cassatie. Arresten hebben doorgaans meer juridisch gewicht als referentie voor toekomstige zaken.
    Hoe kan ik rechtspraak gebruiken voor mijn eigen zaak?▾
    U kunt relevante rechtspraak opzoeken in onze database op rechtsgebied, rechtbank of trefwoord. Door vergelijkbare zaken te bestuderen, krijgt u inzicht in mogelijke uitkomsten en juridische argumenten. Een advocaat van LawBase kan u helpen de meest relevante jurisprudentie toe te passen op uw specifieke situatie.
    Worden alle vonnissen op LawBase geanonimiseerd?▾
    Ja, alle vonnissen op LawBase worden volledig geanonimiseerd voordat ze gepubliceerd worden. Persoonsnamen, adressen en andere identificeerbare gegevens worden verwijderd of vervangen. Elke publicatie doorloopt een anonimiseringscontrole en juridische review door een ervaren advocaat.
    Bij welke Vlaamse rechtbanken pleiten de advocaten van LawBase?▾
    De advocaten van LawBase pleiten bij alle rechtbanken in Vlaanderen en Nederlandstalig Brussel, waaronder de familierechtbanken, politierechtbanken, arbeidsrechtbanken, ondernemingsrechtbanken en de hoven van beroep in Gent, Antwerpen en Brussel.

    Rechtspraak in Vlaanderen: juridische analyse door advocaten

    Rechtspraak — ook wel jurisprudentie genoemd — vormt een onmisbare bron van juridische informatie in België. Hoewel rechterlijke uitspraken formeel geen bindende precedentwerking hebben zoals in Anglo-Saksische rechtsstelsels, spelen vonnissen en arresten in de praktijk een cruciale rol bij de interpretatie en toepassing van het Belgische recht.

    De advocaten van LawBase analyseren geanonimiseerde vonnissen uit de belangrijkste Vlaamse rechtbanken: de familierechtbanken, politierechtbanken, arbeidsrechtbanken, ondernemingsrechtbanken en vredegerechten, evenals arresten van de hoven van beroep te Gent, Antwerpen en Brussel. Elke analyse omvat een samenvatting van de feiten, de toegepaste wetsartikelen, de juridische redenering van de rechter en de praktische gevolgen van de uitspraak.

    Door onze rechtspraakdatabase te raadplegen, krijgt u een realistisch beeld van hoe rechters in Vlaanderen oordelen over kwesties als echtscheiding en alimentatie, verkeersovertredingen, arbeidsgeschillen, huurconflicten en handelszaken. Dit helpt u niet alleen bij het inschatten van uw eigen juridische positie, maar stelt uw advocaat ook in staat om de sterkste argumenten voor te bereiden.

    Alle gepubliceerde vonnissen zijn volledig geanonimiseerd conform de AVG/GDPR en doorlopen een strenge juridische review voordat ze op het platform verschijnen. Neem contact op als u juridisch advies nodig heeft over een specifieke uitspraak of als u een advocaat zoekt die uw belangen bij de rechtbank verdedigt.

    Juridisch advies over uw eigen situatie?

    Kies een eerste consultatie op kantoor (€ 90,75 incl. 21 % btw) of via videocall (€ 60,50 incl. btw).

    Liever eerst bellen? 050 67 32 06

    Meer info: cookie beleid · privacy