
Echtscheiding met akkoord partner: termijnen en notaris
Dit vonnis van de familie- en jeugdrechtbank te Brugge behandelt een vordering tot echtscheiding op grond van onherstelbare ontwrichting (E.O.O.), ingesteld door de echtgenoot. De zaak wordt gekenmerkt door de context van aanhoudende spanningen door de voortdurende samenwoning van de partijen na de beslissing om te scheiden. De eisende partij, de echtgenoot, vordert de echtscheiding op basis van artikel 229 §3 van het oud Burgerlijk Wetboek, stellende dat de voortzetting van het huwelijk onmogelijk is geworden. Tijdens de procedure verklaart de verwerende partij, de echtgenote, zich akkoord met de echtscheidingsvordering. Naast de echtscheiding zelf, worden ook voorlopige maatregelen besproken. De echtgenote vraagt om een verlenging van de termijn om de gezinswoning te verlaten, maar bij gebrek aan akkoord behoudt de rechtbank de oorspronkelijke verhuisdatum. Partijen bereiken wel een tijdelijk akkoord over een week-week verblijfsregeling voor een van de kinderen en over een gewijzigde startdatum voor het doorstorten van de helft van het verhoogde groeipakket. De rechtbank beslist in dit vonnis enkel over de echtscheiding en de daaruit voortvloeiende vereffening-verdeling. De rechter stelt vast dat aan de wettelijke voorwaarden voor een E.O.O. is voldaan. De onherstelbare ontwrichting wordt als bewezen beschouwd, niet door feiten van de ontwrichting zelf, maar door het akkoord van de verweerster met de vordering in de loop van de procedure, in combinatie met het verstrijken van de wettelijk voorgeschreven termijnen. Bijgevolg spreekt de rechtbank de echtscheiding tussen de partijen uit. Aangezien de partijen geen overeenstemming konden bereiken over de keuze van een notaris voor de verdeling van de huwgemeenschap en/of de gebeurlijke onverdeeldheid, stelt de rechtbank ambtshalve een notaris-vereffenaar aan. De beslissingen over de overige geschilpunten, zoals de verblijfsregeling voor de kinderen, onderhoudsbijdragen en de verdeling van de gerechtskosten, worden aangehouden en naar een latere zitting verwezen. Het vonnis benadrukt dat de uitspraak over de echtscheiding zelf niet uitvoerbaar bij voorraad is.