Veroordeling voor Radarverklikker en Bedekte Nummerplaat: Rechtbank Past Eendaadse Samenloop Toe en Legt Werkstraf Op
Samenvatting van de Zaak
Situatie
In dit vonnis van de Franstalige Politierechtbank te Brussel van 6 maart 2026 werd een beklaagde vervolgd voor twee verkeersgerelateerde misdrijven. De eerste tenlastelegging betrof het bezit van apparatuur die bedoeld is om de vaststelling van verkeersovertredingen te hinderen of te voorkomen, specifiek een radarverklikker of -verstoorder. De tweede tenlastelegging was het in het verkeer brengen van een voertuig waarvan de nummerplaat bedekt was, zelfs met een doorzichtig materiaal, waardoor de leesbaarheid werd belemmerd.
Geschil
Het Openbaar Ministerie vorderde een veroordeling voor beide feiten, stellende dat deze bewezen waren op basis van de stukken in het strafdossier. De verdediging, vertegenwoordigd door een advocaat, voerde het woord namens de beklaagde. De beklaagde gaf tijdens de procedure zijn akkoord om een autonome werkstraf uit te voeren als bestraffing voor de feiten. De rechtbank oordeelde dat beide tenlasteleggingen (A en B) bewezen waren. Een cruciaal element in de redenering van de rechter was de vaststelling dat beide misdrijven werden gepleegd met 'dezelfde misdadige opzet' ('même intention délictueuse'). De opzet was in beide gevallen gericht op het ontlopen van snelheidscontroles. Op basis van dit principe, gekend als de eendaadse samenloop van misdrijven, besloot de rechtbank om slechts één straf op te leggen, namelijk de zwaarste van de toepasselijke straffen.
Beslissing
Rekening houdend met de aard en de ernst van de feiten, de persoonlijke situatie van de beklaagde en diens strafblad, en met het akkoord van de beklaagde zelf, legde de rechtbank een autonome werkstraf van 100 uur op. Als stok achter de deur werd een subsidiaire geldboete van 800 euro vastgesteld, die enkel opeisbaar wordt indien de werkstraf niet of niet correct wordt uitgevoerd. Daarnaast werd de beklaagde veroordeeld tot het betalen van diverse bijdragen aan fondsen en de gerechtskosten.
Relevante Juridische Tools
Bereken zelf uw situatie met onze gratis tools:
Kernpunten
- 1Het bezit van een radarverklikker en het bedekken van een nummerplaat worden beschouwd als misdrijven met dezelfde opzet, wat leidt tot één bestraffing (eendaadse samenloop).
- 2Een autonome werkstraf is een volwaardige hoofdstraf die met instemming van de beklaagde kan worden opgelegd als alternatief voor een geldboete.
- 3Zelfs een doorzichtige folie over een nummerplaat is strafbaar als deze de leesbaarheid kan belemmeren, de intentie is hierbij van ondergeschikt belang voor de vaststelling van de inbreuk.
- 4Naast de hoofdstraf omvat een veroordeling ook aanzienlijke bijkomende kosten, zoals bijdragen aan fondsen en gerechtskosten.
Juridische Analyse
Analyse van de Tenlasteleggingen
De beklaagde in deze zaak werd geconfronteerd met twee afzonderlijke, maar nauw verbonden, tenlasteleggingen die beide de intentie verraden om aan verkeerscontroles te ontsnappen. De analyse van deze specifieke inbreuken is essentieel om de reikwijdte van het vonnis te begrijpen.
Tenlastelegging A: Bezit van een radarverklikker
De eerste tenlastelegging is gebaseerd op artikel 29bis van de Wegverkeerswet (Wet van 16 maart 1968). Dit artikel stelt een algemeen verbod in op het bezit en gebruik van apparatuur die de vaststelling van verkeersinbreuken kan belemmeren of verhinderen, of die automatisch werkende toestellen (zoals flitspalen) detecteert. De strafbaarstelling hiervoor is terug te vinden in artikel 62bis van dezelfde wet.
De wetgever viseert hier een breed scala aan toestellen:
- Radarverklikkers: Apparaten die de radiosignalen van snelheidsradars detecteren en de bestuurder waarschuwen.
- Laserverklikkers: Apparaten die de lichtpulsen van laserguns detecteren.
- Radar- en laserverstoorders (jammers): Apparatuur die actief het signaal van meettoestellen verstoort, waardoor een meting onmogelijk wordt. Dit wordt als een veel ernstiger feit beschouwd.
Het is belangrijk op te merken dat het loutere bezit van dergelijke apparatuur in het voertuig al strafbaar is, zelfs als het toestel op het moment van de controle niet ingeschakeld is. De wetgever wil hiermee elke mogelijkheid tot gebruik preventief bestraffen. De rechtbank hoefde dus enkel vast te stellen dat de beklaagde het toestel aan boord had.
Tenlastelegging B: Bedekte nummerplaat
De tweede tenlastelegging betreft een overtreding van artikel 31, §2 van het Koninklijk Besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen. Dit artikel bepaalt dat de reproductie van de officiële nummerplaat op geen enkele wijze bedekt mag zijn, zelfs niet met een doorzichtige stof. De ratio legis is duidelijk: de nummerplaat moet te allen tijde perfect leesbaar en identificeerbaar zijn, zowel voor het menselijk oog als voor automatisch werkende camera's (ANPR, trajectcontrole, flitspalen).
In de praktijk gaat het vaak om speciale folies of sprays die reflecties veroorzaken wanneer een flitser afgaat, waardoor de nummerplaat op de foto onleesbaar wordt. De wet is hier zeer strikt: de aanwezigheid van eender welke bedekking volstaat voor een veroordeling. De intentie om de leesbaarheid te belemmeren is inherent aan de handeling zelf.
De Juridische Redenering van de Rechtbank
Toepassing van Eendaadse Samenloop (Art. 65 Sw.)
Het meest interessante juridische aspect van dit vonnis is de toepassing van de eendaadse samenloop van misdrijven, voorzien in artikel 65 van het Strafwetboek. Dit principe is van toepassing wanneer meerdere misdrijven het gevolg zijn van één en hetzelfde feit, of van meerdere feiten die zo nauw met elkaar verbonden zijn dat ze voortspruiten uit eenzelfde misdadige opzet.
De rechtbank stelt expliciet vast: "Les infractions visées aux préventions A et B ont été commises avec la même intention délictueuse." (De misdrijven bedoeld in de tenlasteleggingen A en B werden gepleegd met dezelfde misdadige opzet.)
In casu is de redenering van de rechter glashelder: zowel het bezit van de radarverklikker als het bedekken van de nummerplaat dienden hetzelfde doel, namelijk het ontlopen van (snelheids)controles. De rechtbank beschouwt dit als één globaal misdadig plan. Het gevolg van de toepassing van artikel 65 Sw. is dat de rechter niet voor elk misdrijf een aparte straf oplegt, maar enkel de zwaarste straf toepast die op één van de misdrijven staat. Dit voorkomt een onredelijke opeenstapeling van straffen voor feiten die in wezen uit dezelfde intentie voortkomen.
De Keuze voor een Autonome Werkstraf
De rechtbank kiest niet voor een klassieke geldboete of gevangenisstraf, maar voor een autonome werkstraf van 100 uur. Dit is een hoofdstraf die sinds de wet van 17 april 2002 in het Belgische strafrecht bestaat. De keuze hiervoor is significant en duidt op een geïndividualiseerde straftoemeting.
Voorwaarden en implicaties:
- Instemming: Een werkstraf kan enkel worden opgelegd als de beklaagde hiermee instemt. In dit geval heeft de beklaagde zijn akkoord gegeven.
- Individualisering: De rechter houdt rekening met de persoonlijkheid van de dader en diens kansen op re-integratie. Een werkstraf wordt vaak als constructiever beschouwd dan een geldboete, omdat het de dader confronteert met de maatschappelijke gevolgen van zijn daden en hem een kans biedt om iets terug te doen.
- Subsidiaire straf: De wet verplicht de rechter om een vervangende straf (hier: een geldboete van €800) op te leggen voor het geval de werkstraf niet of onvolledig wordt uitgevoerd. Dit fungeert als een stok achter de deur en garandeert dat de veroordeling niet zonder gevolg blijft.
Praktische Implicaties en Aandachtspunten
Voor Automobilisten
Dit vonnis is een duidelijke waarschuwing. Het gebruik van middelen om snelheidscontroles te omzeilen wordt streng bestraft. De pakkans voor het gebruik van anti-radarfolie is door de veralgemening van ANPR-camera's aanzienlijk verhoogd. Bovendien kunnen moderne politievoertuigen uitgerust zijn met apparatuur die de signalen van actieve radarverklikkers en -verstoorders kan detecteren.
Voor de Juridische Praktijk
Voor advocaten die cliënten in gelijkaardige zaken bijstaan, biedt dit vonnis enkele nuttige inzichten:
- Focus op de straftoemeting: Aangezien de feiten vaak materieel moeilijk te betwisten zijn (het apparaat of de folie wordt fysiek vastgesteld), is de strategie van de verdediging best gericht op de straftoemeting.
- Argumenteer de eendaadse samenloop: Indien meerdere dergelijke inbreuken samen worden vervolgd, is het cruciaal om de toepassing van artikel 65 Sw. te bepleiten, om een opeenstapeling van straffen te vermijden.
- Stel een werkstraf voor: Het actief voorstellen van een werkstraf kan, afhankelijk van het profiel van de cliënt (bv. blanco strafblad, vaste job, spijtbetuiging), een constructieve uitweg bieden die door de rechtbank positief onthaald kan worden.
Tot slot illustreert het vonnis dat een veroordeling meer inhoudt dan enkel de hoofdstraf. De beklaagde werd ook veroordeeld tot het betalen van een bijdrage aan het Slachtofferfonds (€250), een bijdrage aan het fonds voor juridische tweedelijnsbijstand (€26), de gerechtskosten (€32,26) en een administratieve vergoeding (€62,37). Deze bijkomende kosten kunnen de financiële impact van een veroordeling aanzienlijk verhogen.
Toegepaste Wetsartikelen
Art. 29bis
Wegverkeerswet (16/03/1968)
Verbod op apparatuur die de vaststelling van overtredingen belemmert of detecteert.
Art. 62bis
Wegverkeerswet (16/03/1968)
Strafbaarstelling voor het bezit of gebruik van verboden apparatuur (radarverklikkers).
Art. 31, §2
KB Inschrijving Voertuigen (20/07/2001)
Verbod op het bedekken van de nummerplaat of de reproductie ervan.
Art. 65
Strafwetboek
Eendaadse samenloop van misdrijven.
Vergelijkbare situatie?
Neem vrijblijvend contact op voor persoonlijk advies van onze advocaten.
Gerelateerde Zaken
Alle rechtspraakRijden met medische aandoening: De dubbele sanctie van een straf en een veiligheidsmaatregel (art. 42 WVW)
Politierechtbank West-Vlaanderen - Afdeling Brugge
21 jan 2026
Rijden onder invloed met herhaling: De impact van een bijkomende ongeschiktverklaring (Art. 42 WVW)
Politierechtbank Antwerpen
2 mrt 2026
Werkstraf voor leerling-bestuurder na stapel aan verkeersinbreuken: analyse van samenloop en sanctie
Politierechtbank West-Vlaanderen - Afdeling Kortrijk
10 feb 2026