Inkorting van schenkingen en legaten: bescherm uw reservatair erfdeel
Schenkingen en legaten mogen het wettelijke erfdeel van de kinderen en de langstlevende niet uithollen. Hoe u berekent of uw reserve is aangetast, en binnen welke termijn u moet reageren.

Mr. Peter-Jan De Meulenaere
Advocaat • Balie West-Vlaanderen • Universiteit Gent
Wettelijk Kader
Dit artikel is gebaseerd op de volgende Belgische wetgeving:
- •
- •
Burgerlijk Wetboek(art. 4.147 BW)
Rechten van de langstlevende echtgenoot, en de uitzondering bij feitelijke scheiding
- •
- •
- •
- •
Burgerlijk Wetboek(art. 4.157 BW)
Termijnen van de vordering tot inkorting, en de aanmaning door de begiftigde
- •
- •
Wet van 31 juli 2017(hervorming erfrecht)
In werking 1 september 2018: afschaffing van de reserve van (groot)ouders
Uw ouder is overleden en u ontdekt dat er tijdens zijn leven grote schenkingen zijn gedaan, aan een broer, een nieuwe partner, een neef of een goed doel, of dat een testament bijna alles aan iemand anders nalaat. U voelt zich opzij geschoven, terwijl u als kind of langstlevende echtgenoot wettelijk recht hebt op een beschermd minimumdeel: de reserve. Klopt dat gevoel? Vaak wél. Als de erflater méér heeft weggeschonken of nagelaten dan het beschikbaar deel, kunt u via een vordering tot inkorting uw beschermd erfdeel alsnog opeisen.
U hoeft dit niet alleen uit te zoeken. Een advocaat erfrecht berekent voor u de zogenaamde rekenboedel, toont exact of en voor hoeveel uw reserve is aangetast, en eist het tekort op, minnelijk bij de notaris of, indien nodig, voor de Familierechtbank. Zo verliest u geen rechten door een verjaringstermijn en tekent u niets wat u later niet meer kunt terugdraaien.
Wanneer schakelt u best een advocaat erfrecht in?
- Er zijn grote schenkingen aan een derde gebeurd (nieuwe partner, neef, goed doel) die uw erfdeel lijken te hebben uitgehold.
- Een broer of zus is duidelijk voorgetrokken, een woning, een bedrijf of een groot geldbedrag "buiten erfdeel".
- Er is een testament dat het grootste deel van de nalatenschap aan iemand anders nalaat.
- U ontdekt dat rekeningen vlak voor het overlijden werden leeggehaald of dat er onduidelijke bankgiften zijn gebeurd.
- De notaris legt u een verdeling of dading ter ondertekening voor en u twijfelt of de berekening klopt.
- Er speelt een schenking met voorbehoud van vruchtgebruik (blote eigendom) waarvan de waardering betwist wordt.
- U vreest dat een verjaringstermijn dreigt te verstrijken (2 jaar bij een derde is snel voorbij).
- U wilt net zélf conflicten voorkomen via een erfovereenkomst bij leven.
Videocall 30 min € 60,50 incl. btw · kantoorafspraak 60 min € 90,75 incl. btw · vaak gedekt door uw rechtsbijstandsverzekering
Wie heeft recht op een reserve?
Niet iedereen kan in België zomaar zijn volledige vermogen wegschenken of nalaten aan wie hij wil. De wetgever beschermt bepaalde naaste familieleden via het reservatair erfdeel (de wettelijke reserve). De personen die op dat beschermde deel recht hebben, zijn de reservataire erfgenamen. In het huidige erfrecht zijn dat uitsluitend de kinderen (afstammelingen) en de langstlevende echtgenoot. Wat overblijft nadat de reserves zijn afgetrokken, is het beschikbaar deel: daarover mag de erflater vrij beschikken (schenken aan een goed doel, een vriend, of een kind voortrekken).
De reserve van de kinderen
Sinds 1 september 2018 is de berekening van de reserve van de kinderen sterk vereenvoudigd. Voorheen hing de reserve af van het aantal kinderen (1 kind: 1/2, 2 kinderen: 2/3, 3 of meer: 3/4). Vandaag geldt: de globale reserve van de kinderen is altijd de helft (1/2) van de rekenboedel (de fictieve massa), ongeacht het aantal kinderen. Het beschikbaar deel is dus ook steeds de helft. Binnen die globale reserve heeft elk kind recht op een gelijk deel, de individuele reserve.
| Aantal kinderen | Globale reserve (samen) | Individuele reserve per kind | Beschikbaar deel |
|---|---|---|---|
| 1 kind | 1/2 | 1/2 | 1/2 |
| 2 kinderen | 1/2 | 1/4 per kind | 1/2 |
| 3 kinderen | 1/2 | 1/6 per kind | 1/2 |
| 4 kinderen | 1/2 | 1/8 per kind | 1/2 |
De reserve van de langstlevende echtgenoot
De langstlevende echtgenoot (gehuwd, niet louter wettelijk samenwonend) geniet een aparte bescherming, los van de reserve van de kinderen. Anders dan bij de kinderen bestaat die reserve niet in volle eigendom, maar in vruchtgebruik. De langstlevende echtgenoot verkrijgt het vruchtgebruik van de helft van de rekenboedel (art. 4.147, § 1 BW).
Daarnaast mogen giften hem nooit het vruchtgebruik of het recht op huur van de gezinswoning en de huisraad ontnemen (art. 4.147, § 2 BW). Dat vruchtgebruik wordt op het eerste toegerekend, maar is er niet toe beperkt: ook als de gezinswoning meer dan de helft van het vermogen uitmaakt, behoudt de langstlevende minstens de gezinswoning. Er is dus geen keuze tussen twee reserves; de bescherming van de gezinswoning is een ondergrens.
Enkel in één geval kan de erflater die rechten bij testament ontnemen: als de echtgenoten op de dag van het overlijden al meer dan zes maanden gescheiden leefden, een van hen bij een gerechtelijke akte een afzonderlijk verblijf of de echtscheiding wegens onherstelbare ontwrichting had gevorderd, en zij daarna niet opnieuw zijn gaan samenwonen (art. 4.147, § 4 BW).
Wat met de ouders en grootouders?
In het oude erfrecht hadden ouders een reservatair erfdeel wanneer de overledene geen kinderen naliet. Die reserve van (groot)ouders is volledig afgeschaft door de Wet van 31 juli 2017. Ter compensatie bestaat er nog een onderhoudsvordering: laat de overledene geen kinderen na en zijn de ouders behoeftig, dan kunnen zij een uitkering vorderen ten laste van de nalatenschap, beperkt tot maximaal 1/4 van de rekenboedel per opgaande lijn. Die vordering moet wel binnen één jaar na het overlijden worden ingesteld (art. 205bis, § 5 oud BW). Dat is dus geen automatische reserve meer.
Hoe weet u of uw reserve geschonden is?
Om te weten of uw reserve is geschonden, kijkt men niet naar de bankrekening op de sterfdag, maar naar de juridische omvang van de nalatenschap. Een concreet voorbeeld maakt dat meteen duidelijk.
De erfenis van vader Jan. Vader Jan overlijdt en laat twee kinderen na. Zijn feitelijke nalatenschap (de goederen min de schulden op de dag van overlijden) bedraagt € 100.000. Enkele jaren voordien schonk hij echter een woning met een geïndexeerde waarde van € 400.000 aan zijn favoriete neef.
Om te controleren of de rechten van de kinderen gerespecteerd zijn, stellen we de rekenboedel (de fictieve massa) samen: € 100.000 + € 400.000 = € 500.000. De helft daarvan (€ 250.000) is de globale reserve van de twee kinderen samen; de andere helft is het beschikbaar deel. De schenking aan de neef (€ 400.000) overschrijdt dat beschikbaar deel ruim, waardoor de reserve van de kinderen is aangetast voor € 150.000. Via een vordering tot inkorting kunnen zij dat tekort opeisen. De neef behoudt de woning, maar moet de kinderen financieel vergoeden.
Precies dit type berekening, inclusief de indexatie van oude schenkingen en de juiste waarderingsdatum, is waar een advocaat erfrecht het verschil maakt tussen een vaag vermoeden en een afdwingbare vordering.
Inbreng of inkorting: niet hetzelfde
In erfrechtelijke discussies worden inbreng en inkorting vaak verward, terwijl ze een totaal ander doel dienen. Het correct kwalificeren van een schenking is dé sleutel om te weten welk mechanisme speelt.
- Inbreng dient om de gelijkheid tussen erfgenamen (vooral de kinderen) te herstellen: wat u als voorschot op erfdeel kreeg, wordt later verrekend met uw deel.
- Inkorting dient uitsluitend ter bescherming van de reserve, en treedt in werking bij schenkingen buiten erfdeel of bij legaten die het beschikbaar deel overschrijden.
De kwalificatie van elke schenking is daarbij bepalend:
- Schenking op voorschot van erfdeel. Voor een schenking aan een kind geldt het wettelijk vermoeden dat het om een voorschot gaat, tenzij uitdrukkelijk anders bepaald. Zulke schenkingen zijn onderworpen aan inbreng.
- Schenking buiten erfdeel (met vrijstelling van inbreng). De erflater bepaalt uitdrukkelijk dat de begiftigde de schenking mag behouden bóvenop zijn normale erfdeel. Een schenking aan een niet-erfgenaam (vriend, neef, goed doel) is automatisch buiten erfdeel. Deze schenkingen worden aangerekend op het beschikbaar deel; overschrijden ze dat, dan volgt inkorting.
| Kenmerk | Inbreng | Inkorting |
|---|---|---|
| Doel | Gelijkheid tussen erfgenamen | De wettelijke reserve beschermen |
| Soort schenking | Voorschot op erfdeel | Buiten erfdeel / legaat boven beschikbaar deel |
| Aangerekend op | Het erfdeel van het begiftigde kind | Het beschikbaar deel van de nalatenschap |
| Gevolg | Verrekening in de verdeling | Begiftigde vergoedt de overschrijding aan de benadeelde |
Een clausule "buiten erfdeel" betekent dus niet dat een schenking onaantastbaar is: zij ontslaat enkel van inbreng, niet van inkorting wanneer de reserve wordt geschonden.
De rekenboedel: hoe wordt hij samengesteld?
Om te weten of een reserve is aangetast, moet u eerst de juridische omvang van de nalatenschap kennen. Dat gebeurt niet door louter naar de bankrekening op de sterfdatum te kijken: men stelt de fictieve massa of rekenboedel samen.
De formule luidt in grote lijnen:
rekenboedel = goederen aanwezig bij overlijden − schulden van de nalatenschap + geïndexeerde waarde van de schenkingen
Concreet: (1) alle bezittingen op de dag van overlijden (vastgoed, rekeningen, beleggingen), (2) min de schulden (leningen, facturen, begrafeniskosten), (3) plus alle giften die de erflater tijdens zijn leven deed, ongeacht aan wie en hoe lang geleden, die fictief worden bijgeteld. Op dat totaal past men vervolgens de breukdelen van de reserve toe.
Tegen welke waarde tellen schenkingen mee?
De waardebepaling van vroegere schenkingen is een van de meest technische discussies bij inkorting. Vóór 2018 ontstond vaak ongelijkheid doordat vastgoed anders werd behandeld dan geld; sinds de hervorming is dit gelijkgetrokken.
| Vermogensoverdracht | Waarderingsregel |
|---|---|
| Gewone schenking | Intrinsieke waarde op de dag van de schenking, geïndexeerd (consumptieprijzen) tot het overlijden |
| Schenking met voorbehoud van vruchtgebruik | Waarde op de dag van het overlijden van de schenker. Verkrijgt de begiftigde het beschikkingsrecht over de volle eigendom pas later, dan wordt die waarde verminderd met de waarde van het voorbehouden recht |
| Legaat | Waarde op de dag van het openvallen van de nalatenschap |
De uitzondering bij een schenking met voorbehoud van vruchtgebruik (bv. de blote eigendom van een woning wordt geschonken terwijl de ouders er blijven wonen) is belangrijk: hier telt niet de waarde bij de schenking, maar de waarde van de volle eigendom op het ogenblik dat het vruchtgebruik uitdooft. Wat het goed vandaag op de markt waard is, speelt bij een gewone schenking geen rol meer, dat beschermt de begiftigde zowel tegen plotse waardestijgingen als tegen waardeverlies.
De procedure van inkorting
Blijkt uit de rekenboedel dat uw reservatair erfdeel is aangetast, dan moet u actief een vordering tot inkorting instellen. Dat gebeurt doorgaans in het kader van de vereffening-verdeling bij de notaris, en bij betwisting voor de Familierechtbank.
Stap 1: Inventarisatie van nalatenschap en schenkingen
U verzamelt alle bewijsstukken: de staat van activa en passiva op de overlijdensdatum, én vooral de spoorzoeking naar bankgiften, notariële schenkingen of onrechtstreekse begiftigingen uit het verleden. Zonder correcte inventarisatie is elke reserveberekening onbetrouwbaar.
Stap 2: Berekening van de rekenboedel en het beschikbaar deel
Op basis van de fictieve massa bepaalt men de globale reserve, het beschikbaar deel, en of (en in welke mate) de giften dat deel overschrijden.
Stap 3: De volgorde van inkorting
De wet legt een dwingende volgorde op:
- Eerst de legaten (testamentaire beschikkingen) worden ingekort;
- pas daarna de schenkingen, en dan te beginnen bij de meest recente en zo terugwerkend naar de oudste.
De redenering: bij een oude schenking was er destijds mogelijk nog voldoende beschikbaar deel, het is de laatste gift die "de emmer deed overlopen".
Stap 4: Inkorting in waarde, niet in natura
Dit is de belangrijkste vernieuwing van het huidige erfrecht. Vóór 2018 gebeurde inkorting in natura: een geschonken onroerend goed moest fysiek terug naar de nalatenschap. Vandaag geldt als hoofdregel dat inkorting in waarde gebeurt:
- de begiftigde behoudt het goed;
- hij wordt schuldenaar van de nalatenschap en betaalt een inkortingsvergoeding (een geldsom) aan de benadeelde reservataire erfgenaam.
De begiftigde kan er nog steeds zelf voor kiezen het goed in natura terug te geven, maar enkel als het nog in zijn bezit is én vrij van lasten die na de schenking werden gevestigd.
Er zijn twee uitzonderingen op de inkorting in waarde (art. 4.150 BW). Voor de bescherming van de gezinswoning van de langstlevende echtgenoot geldt de regel niet. En een legaat aan iemand die geen erfgenaam is, zoals een goed doel of een vriend, wordt in volle of blote eigendom in natura ingekort. Overschrijden de schenkingen alleen al het beschikbaar deel, dan vervallen zulke legaten zelfs volledig (art. 4.155 BW).
Binnen welke termijn moet u vorderen?
Een vordering tot inkorting gebeurt niet automatisch; u moet er tijdig aanspraak op maken. "Altijd 30 jaar" is onvolledig, de wet maakt een strikt onderscheid naargelang aan wie de schenking destijds werd gedaan.
| Situatie | Verjaringstermijn | Startpunt |
|---|---|---|
| Schenking aan een mede-erfgenaam | 30 jaar | Vanaf het openvallen van de nalatenschap (dag overlijden) |
| Schenking aan een niet-erfgenaam (derde) | 2 jaar | Vanaf de afsluiting van de vereffening-verdeling (max. 30 jaar na overlijden bij gebrek aan vereffening) |
Let op, verval bij stilzwijgen. Was u als reservataire erfgenaam bij de afsluiting van de vereffening-verdeling op de hoogte van de aantasting van uw reserve, maar vorderde u de inkorting toen niet, dan vervalt uw recht, u kunt dan niet jaren later alsnog naar de rechter stappen. Twijfelt u of de termijn al loopt? Laat uw rechten meteen veiligstellen, desnoods via een stuitingshandeling.
Let op, de begiftigde kan u dwingen. Een begiftigde die geen erfgenaam is, kan de reservataire erfgenamen op elk ogenblik aanmanen om standpunt in te nemen over de inkorting. Neemt u niet binnen het jaar na die ingebrekestelling een standpunt in over het principe van de inkorting, dan vervalt uw recht. Na die principeverklaring hebt u nog twee jaar om de inkorting te vorderen (art. 4.157, § 2 BW).
Leeggehaalde rekeningen vóór het overlijden
Stelt u vast dat rekeningen vlak voor het overlijden werden leeggehaald, dat grote schenkingen aan een derde gebeurden, of dat een broer of zus sterk werd voorgetrokken? Blijf niet bij de pakken zitten en handel gestructureerd:
- Teken niets zonder voorbehoud. Ga niet akkoord met een definitieve verdeling zolang u twijfelt over de berekening.
- Verzamel documentatie. Rekeninguittreksels, notariële akten en het testament, als erfgenaam hebt u hier recht op.
- Kwalificeer de schenkingen. Voorschot op erfdeel of buiten erfdeel? Aan een erfgenaam of een derde? Met of zonder voorbehoud van vruchtgebruik? Die kwalificatie beïnvloedt zowel de berekening als de verjaring.
- Schakel tijdig een advocaat erfrecht in. Een minnelijke regeling via de notaris is vaak mogelijk; weigert de begiftigde te vergoeden, dan start u een vordering tot inkorting voor de Familierechtbank, vóór de verjaring verstrijkt.
Waar zitten de moeilijkheden?
Een inkortingsdossier lijkt soms eenvoudig, maar de moeilijkheden zitten in de bewijsvoering van oude schenkingen, de waardering op de juiste datum, de indexatie, het onderscheid inbreng/inkorting en de correcte toepassing van de verjaringsregels. Laat u daarom begeleiden van bij de eerste berekening.
De erfovereenkomst als alternatief
Wil een ouder tijdens zijn leven een bedrijf overdragen aan één kind, of een zorgbehoevend kind extra steunen, dan kan een erfovereenkomst latere vorderingen tot inkorting vermijden. Er bestaan twee vormen:
- De punctuele erfovereenkomst regelt één specifiek punt. Bijvoorbeeld: de ouders schenken een woning aan kind A (buiten erfdeel), en kind B en C verzaken in een punctuele erfovereenkomst aan hun recht om die specifieke schenking later in te korten of te doen inbrengen.
- De globale erfovereenkomst (familiepact) is een allesomvattende overeenkomst tussen de ouder(s) en alle kinderen. Men somt alle eerdere schenkingen, voordelen en gemaakte kosten op; gaan alle kinderen akkoord dat dit een evenwichtig geheel vormt, dan zijn de boeken gesloten en kan niemand na het overlijden nog inbreng of inkorting vorderen.
Strenge notariële formaliteiten. Een erfovereenkomst is geen document dat u aan de keukentafel tekent. De wet voorziet een beschermingsprocedure: een ontwerp van akte door de notaris, een verplichte voorafgaande vergadering met alle betrokkenen en een wettelijke wachttijd, waardoor de volledige procedure minstens 6 weken in beslag neemt vóór de akte kan worden ondertekend.
Voorbeelden uit de praktijk (illustratief)
De onderstaande situaties zijn illustratief en dienen enkel om te tonen hoe een inkortingsdossier kan verlopen. Elk dossier is anders; de uitkomst hangt af van de concrete feiten.
Voorbeeld 1: De voorgetrokken broer
Situatie: Na het overlijden van moeder blijkt dat één zoon jaren eerder een woning "buiten erfdeel" geschonken kreeg, terwijl de nalatenschap zelf beperkt is. De twee andere kinderen voelen hun reserve aangetast.
Aanpak: We stellen de rekenboedel samen met de geïndexeerde waarde van de geschonken woning, kwalificeren de schenking en berekenen de individuele reserves.
Resultaat: De begiftigde zoon behoudt de woning en betaalt zijn broers en zussen een inkortingsvergoeding, waardoor ieders reserve wordt hersteld, zonder procedure, via een dading bij de notaris.
Voorbeeld 2: Het legaat aan een derde
Situatie: Een alleenstaande vader laat via testament het grootste deel van zijn vermogen na aan een goed doel. Zijn enige dochter vreest met bijna niets achter te blijven.
Aanpak: We toetsen het legaat aan het beschikbaar deel en stellen tijdig een vordering tot inkorting in, legaten worden immers als eerste ingekort. Omdat het goede doel geen erfgenaam is, wordt het legaat in natura ingekort en niet met een vergoeding afgekocht (art. 4.150 BW).
Resultaat: De dochter recupereert haar globale reserve; het goede doel behoudt enkel het deel dat binnen het beschikbaar deel valt.
Voorbeeld 3: De schenking net vóór het overlijden
Situatie: Vlak voor het overlijden blijken grote bedragen van de rekeningen te zijn verdwenen richting één familielid. De verjaringstermijn voor een schenking aan een derde dreigt te lopen.
Aanpak: We stellen meteen een stuitingshandeling en vragen de bankgegevens op om de giften te reconstrueren en te dateren.
Resultaat: De giften worden aan de rekenboedel toegevoegd en de vordering blijft tijdig gevrijwaard, zodat onderhandeld kan worden over de vergoeding.
Onze aanpak: van videocall tot afgehandeld dossier
Bij LawBase werkt u met een advocaat erfrecht via een vast, transparant stappenplan:
- Intake: videocall. In een videocall van 30 minuten (€ 60,50 incl. btw) bekijken we het testament, de schenkingen en de termijnen die spelen.
- Strategie & berekening. We stellen de rekenboedel samen, kwalificeren de schenkingen en legaten, en berekenen exact voor hoeveel uw reserve is aangetast. U krijgt een helder advies over uw slaagkansen en de verjaringstermijnen.
- Onderhandeling of dagvaarding. We proberen eerst een minnelijke regeling via de notaris of de tegenpartij. Lukt dat niet, dan bereiden we de dagvaarding voor.
- Procedure voor de Familierechtbank. Bij betwisting verdedigen we uw vordering tot inkorting voor de rechtbank, tot en met de inkortingsvergoeding.
- Nazorg. We begeleiden de effectieve uitbetaling of verdeling en zorgen dat de afspraken correct worden uitgevoerd.
Twijfelt u of uw reservatair erfdeel is aangetast, dan wint u met vroeg advies bijna altijd: meer kans op een minnelijke oplossing, minder risico dat bewijs verdwijnt of een verjaringstermijn verstrijkt. Onze advocaten erfrecht begeleiden u van de eerste berekening tot de finale afrekening.
Laat uw dossier nakijken door een advocaat. Wilt u eerst zelf een inschatting maken? Gebruik dan onze erfenis-simulator of bereken de fiscale impact met de module successierechten berekenen.
Dichtstbijzijnde kantoor: LawBase Brugge(West-Vlaanderen)
Oosterlingenplein 4A, 8000 Brugge
Veelgestelde vragen
Gerelateerde Artikelen
Alle expertiseCentraal register testamenten
Het CRT zegt of er een testament is en bij welke notaris het ligt, niet wat erin staat. Wie mag opzoeken, wanneer, en wat als de inhoud betwist wordt?
Legaat bijzonder algemeen
Welk soort legaat u krijgt, bepaalt of u de schulden van de nalatenschap meedraagt en hoe u het goed in handen krijgt. Het verschil is groter dan het lijkt.
Schulden nalatenschap
Bent u verplicht om schulden uit een erfenis te betalen? Ontdek uw opties: verwerpen, aanvaarden onder voorrecht van boedelbeschrijving of zuiver aanvaarden. Bescherm uw vermogen.