Wat bepaalt artikel 42 Wegverkeerswet?
Inhoudsopgave
Wat bepaalt artikel 42 Wegverkeerswet?
26 september 2025
De Toepassing van Artikel 42 Wegverkeerswet – Alles wat u moet weten
Artikel 42 van de Wegverkeerswet is een cruciale bepaling voor iedereen die zich bezighoudt met verkeersrecht, zowel voor bestuurders als voor advocaten gespecialiseerd in verkeerszaken. In dit artikel leggen we uit wat artikel 42 precies inhoudt, wanneer het wordt toegepast en wat de gevolgen zijn voor bestuurders.
Wat bepaalt artikel 42 Wegverkeerswet?
Artikel 42 regelt het verval van het recht tot sturen wegens lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid. Dit betekent dat wanneer iemand, naar aanleiding van een veroordeling of een opschorting van straf of internering wegens een verkeersovertreding of een verkeersongeval te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader, lichamelijk of geestelijk ongeschikt wordt bevonden om een motorvoertuig te besturen, de rechter verplicht is het verval van het recht tot sturen uit te spreken. Dit kan in elke graad van veroordeling, ongeacht wie het rechtsmiddel heeft ingesteld.
Nadere details en uitleg van artikel 42
Artikel 42 van de Wegverkeerswet, voluit de Wet betreffende de politie over het wegverkeer van 16 maart 1968, is een van de meest ingrijpende bepalingen in het Belgische verkeersrecht. Het doel ervan is primair de verkeersveiligheid te waarborgen door bestuurders die een gevaar vormen voor zichzelf of anderen, van de weg te halen. Het gaat hier niet om een straf in de klassieke zin, maar eerder om een veiligheidsmaatregel. De bepaling stelt de rechter in staat om, naast eventuele andere straffen zoals een geldboete of een rijverbod van bepaalde duur, het recht tot sturen definitief – of althans voor onbepaalde duur – te ontnemen wanneer er sprake is van medische ongeschiktheid. Dit "verval van het recht tot sturen" is dus een maatregel van openbare orde.
De wet spreekt expliciet over een "verplichting" voor de rechter om dit verval uit te spreken. Dit betekent dat de rechter geen discretionaire bevoegdheid heeft om al dan niet tot deze maatregel over te gaan, zodra de voorwaarden van artikel 42 zijn vervuld. De kern van de zaak is de vaststelling van de lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid. Deze ongeschiktheid moet direct verband houden met de bekwaamheid om een motorvoertuig veilig te besturen. Het kan gaan om een breed scala aan aandoeningen of omstandigheden, zoals ernstige verslavingen (alcohol, drugs), bepaalde psychische stoornissen, ernstige neurologische aandoeningen, of zelfs bepaalde visuele beperkingen die niet met corrigerende middelen voldoende kunnen worden verholpen.
De aanleiding voor de toepassing van artikel 42 is altijd een verkeersovertreding of een verkeersongeval. Het is belangrijk op te merken dat het gaat om een overtreding of ongeval "te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader". Dit sluit situaties uit waarin de bestuurder louter betrokken was bij een ongeval zonder dat hem enige schuld treft, of wanneer de overtreding van dien aard is dat deze geen verband houdt met zijn rijgeschiktheid.
Praktische voorbeelden uit de Belgische rechtspraktijk
- Chronische alcoholverslaving: Een bestuurder wordt herhaaldelijk veroordeeld voor rijden onder invloed van alcohol, telkens met hoge alcoholconcentraties. Hoewel hij aanvankelijk enkel rijverboden van bepaalde duur krijgt, kan de rechtbank op basis van medisch advies (bijvoorbeeld van een gerechtsdeskundige of de medische commissie) oordelen dat er sprake is van een chronische alcoholverslaving die hem structureel ongeschikt maakt om een voertuig te besturen. De rechter zal dan artikel 42 toepassen.
- Ernstige psychische aandoening: Een persoon veroorzaakt een zwaar verkeersongeval. Uit het onderzoek blijkt dat de bestuurder lijdt aan een onbehandelde psychose, waardoor hij tijdens het rijden hallucinaties ervoer en de realiteit niet correct kon inschatten. Na medisch onderzoek wordt de ongeschiktheid vastgesteld en wordt artikel 42 toegepast.
- Epilepsie: Een bestuurder veroorzaakt een ongeval doordat hij tijdens het rijden een epileptische aanval krijgt. Indien blijkt dat de bestuurder reeds bekend was met epilepsie en zich niet aan de medische richtlijnen voor rijgeschiktheid hield (bijvoorbeeld door niet de voorgeschreven medicatie te nemen of door te rijden tegen medisch advies in), kan de rechter het verval van het recht tot sturen uitspreken. De ongeschiktheid is dan niet de ziekte zelf, maar het onverantwoord gedrag ermee.
- Zware medicatie: Een bestuurder veroorzaakt een zwaar ongeval en het blijkt dat hij onder invloed was van zware kalmerende medicatie die de rijvaardigheid ernstig beïnvloedt. Indien de arts die de medicatie voorschreef heeft gewaarschuwd voor de risico's, of indien de bestuurder de voorgeschreven dosis aanzienlijk overschreed, kan dit leiden tot de vaststelling van ongeschiktheid.
Relevante wetsartikelen of rechtspraak referenties
De basis van artikel 42 is te vinden in de Wet betreffende de politie over het wegverkeer van 16 maart 1968, specifiek Artikel 42, §1. De exacte formulering luidt:
"De rechter is verplicht het verval van het recht tot sturen uit te spreken wanneer, naar aanleiding van een veroordeling, een opschorting van de uitspraak van de veroordeling of een internering wegens een verkeersovertreding of een verkeersongeval te wijten aan het persoonlijk toedoen van de dader, deze lichamelijk of geestelijk ongeschikt wordt bevonden om een motorvoertuig te besturen."
De procedure voor het vaststellen van de ongeschiktheid en de herziening ervan wordt verder gespecificeerd in Artikel 44 en Artikel 44/1 van dezelfde wet, waarin de rol van de medische en psychologische onderzoeken en de procedure voor het herstel van het recht tot sturen wordt beschreven. Rechtspraak heeft door de jaren heen de invulling van "lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid" verder verfijnd. Het Hof van Cassatie heeft bijvoorbeeld herhaaldelijk bevestigd dat de rechter de ongeschiktheid autonoom kan vaststellen, eventueel na advies van een gerechtsdeskundige, en dat deze vaststelling niet noodzakelijk gebonden is aan de criteria van de medische commissies voor rijgeschiktheid (die meer gericht zijn op preventieve screening). Het is de concrete gevaarzetting in het kader van het gepleegde feit die de rechter in de beoordeling meeneemt.
Duur van het verval en herstel van het recht tot sturen
De duur van het verval van het recht tot sturen is afhankelijk van het bewijs dat de betrokkene niet langer ongeschikt is om een motorvoertuig te besturen. Dit betekent dat het verval niet automatisch eindigt na een vaste termijn, maar dat de bestuurder actief moet aantonen weer geschikt te zijn. Dit kan bijvoorbeeld door middel van medische of psychologische onderzoeken.
Nadere details en uitleg over de duur en het herstel
Het unieke aan het verval van het recht tot sturen op basis van artikel 42 is dat het in principe van onbepaalde duur is. In tegenstelling tot een klassiek rijverbod, dat een vaste einddatum heeft, blijft de maatregel van kracht totdat de betrokkene zelf het initiatief neemt om aan te tonen dat de ongeschiktheid is verdwenen. Dit legt een aanzienlijke bewijslast bij de veroordeelde.
De focus ligt hier op de "niet langer ongeschiktheid". Dit is geen louter medische kwestie, maar een juridische beoordeling door de rechtbank. De bewijsvoering hiervoor omvat meestal een combinatie van medische en psychologische expertises. Het is niet voldoende om enkel een attest van de eigen huisarts voor te leggen; de rechtbank zal vaak een gerechtsdeskundige aanstellen of de betrokkene verwijzen naar de medische of psychologische selectieproeven van de overheid (bijvoorbeeld via het CARA of het Centrum voor Rijgeschiktheid en Aangepaste Voertuigen).
Voorbeelden van bewijs:
- Medische attesten: Van behandelende artsen die de verbetering van de gezondheidstoestand bevestigen.
- Bloed- of urinetesten: Bij verslavingsproblematiek om aan te tonen dat er geen middelenmisbruik meer is.
- Psychologische rapporten: Die de stabiliteit van de geestelijke gezondheid aantonen en de risico's op herhaling inschatten.
- Rijgeschiktheidstesten: Specifieke testen die de praktische rijvaardigheid evalueren, vooral bij fysieke beperkingen.
Praktische voorbeelden uit de Belgische rechtspraktijk
- Herstel na alcoholverslaving: Een bestuurder die zijn rijbewijs verloor wegens chronische alcoholverslaving, kan na enkele jaren van succesvolle abstinentie (aangetoond door regelmatige bloedtesten en deelname aan therapie) een verzoek tot herziening indienen. De rechtbank zal een psychiater aanstellen die de stabiliteit van het herstel beoordeelt en adviseert over mogelijke voorwaarden, zoals periodieke controles.
- Controle van epilepsie: Een persoon met epilepsie, waarvan de aanvallen onder controle zijn dankzij medicatie en die conform de medische richtlijnen zes maanden of een jaar aanvalsvrij is gebleven, kan een verzoek indienen. De neuroloog die de behandeling begeleidt, zal een gedetailleerd attest opstellen dat de stabiliteit van de aandoening bevestigt.
- Stabilisatie van psychische aandoening: Een bestuurder die eerder ongeschikt werd bevonden wegens een psychose, kan na jarenlange stabiele medicatie en psychotherapie, ondersteund door rapporten van zijn behandelende psychiater en een gerechtsdeskundige, aantonen dat hij weer in staat is om veilig te rijden.
Relevante wetsartikelen of rechtspraak referenties
De procedure voor het herstel van het recht tot sturen is vastgelegd in Artikel 44 van de Wegverkeerswet. Dit artikel bepaalt onder meer:
"Wie van het recht tot sturen vervallen is verklaard, kan na minstens zes maanden een herziening vragen via een verzoekschrift aan het gerecht dat het verval heeft uitgesproken. Wordt het verzoek afgewezen, dan kan pas na zes maanden een nieuw verzoek worden ingediend."
Verder specificeert Artikel 44/1 dat de rechter bij het herstel van het recht tot sturen bepaalde voorwaarden kan opleggen, zoals het afleggen van psychologische en medische examens. De uitvoering van deze examens wordt geregeld door het Koninklijk Besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs. Dit KB beschrijft de rol van het CARA (Centrum voor Rijgeschiktheid en Aangepaste Voertuigen) en de medische en psychologische selectieproeven. De rechtspraak van het Hof van Cassatie heeft ook hier de interpretatie van deze artikelen verduidelijkt, door te benadrukken dat de rechter een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het al dan niet toekennen van het herstel, en dat de bewijslast volledig bij de aanvrager ligt.
Procedure en gevolgen
Het verval van het recht tot sturen wegens lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid gaat in bij de uitspraak van de beslissing wanneer deze op tegenspraak is gewezen, of bij de betekening wanneer zij bij verstek is gewezen. Wie van het recht tot sturen vervallen is verklaard, kan na minstens zes maanden een herziening vragen via een verzoekschrift aan het gerecht dat het verval heeft uitgesproken. Wordt het verzoek afgewezen, dan kan pas na zes maanden een nieuw verzoek worden ingediend.
Nadere details en uitleg over procedure en gevolgen
De onmiddellijke ingang van het verval van het recht tot sturen is een cruciaal aspect. Dit betekent dat de veroordeelde zijn rijbewijs direct moet inleveren zodra de beslissing definitief is (of bij betekening van een verstekvonnis). Rijden nadat het verval is uitgesproken, wordt beschouwd als rijden zonder geldig rijbewijs, wat een zware overtreding is met potentieel ernstige straffen, waaronder gevangenisstraf en bijkomende rijverboden.
De "betekening" van een verstekvonnis is een officiële kennisgeving door een gerechtsdeurwaarder, waardoor de veroordeelde formeel op de hoogte wordt gesteld van de uitspraak. Vanaf dat moment mag de persoon niet meer rijden, ook al heeft hij nog geen fysieke kennisgeving van de beslissing ontvangen of zijn rijbewijs nog niet ingeleverd.
De herzieningsprocedure
Het aanvragen van een herziening na minstens zes maanden is de enige weg om het recht tot sturen terug te krijgen. Dit gebeurt via een "verzoekschrift" gericht aan de rechtbank die de oorspronkelijke beslissing tot verval heeft genomen (meestal de politierechtbank). Dit verzoekschrift moet een gedetailleerde argumentatie bevatten waarom de ongeschiktheid niet langer aanwezig is, ondersteund door alle relevante medische en psychologische bewijsstukken. Het is raadzaam om hierin bijstand te krijgen van een advocaat.
De rechtbank zal het verzoekschrift behandelen tijdens een openbare zitting. De rechter zal de ingediende bewijsstukken beoordelen en kan, indien nodig, bijkomende expertises bevelen. Dit kan bijvoorbeeld een verwijzing inhouden naar het CARA voor een uitgebreide medische en/of psychologische evaluatie, of het aanstellen van een onafhankelijke gerechtsdeskundige. De kosten van deze expertises zijn in de meeste gevallen voor rekening van de aanvrager.
Een afwijzing van het verzoek tot herziening betekent dat de rechtbank niet overtuigd is dat de ongeschiktheid is verdwenen. In dat geval moet de aanvrager opnieuw zes maanden wachten voordat een nieuw verzoek kan worden ingediend. Dit onderstreept het belang van een grondige voorbereiding van het eerste verzoek, om niet onnodig tijd te verliezen.
Gevolgen voor de betrokkene
- Verlies van mobiliteit: Dit is het meest directe gevolg, met een grote impact op werk, sociaal leven en dagelijkse bezigheden.
- Financiële last: Kosten voor medische/psychologische onderzoeken, gerechtskosten, en eventuele advocaatkosten.
- Stigma: Het verval van het recht tot sturen kan een sociaal stigma met zich meebrengen.
- Verzekeringsproblemen: Rijden zonder geldig rijbewijs leidt tot het vervallen van de verzekeringsdekking en kan aanzienlijke financiële gevolgen hebben bij een ongeval.
- Mogelijke beroepsbeperkingen: Voor beroepen waarbij een rijbewijs essentieel is, kan dit verval het einde van de carrière betekenen.
Praktische voorbeelden uit de Belgische rechtspraktijk
- Snel rijbewijs kwijt: Een bestuurder wordt veroordeeld voor rijden onder invloed met een zeer hoog promillage en er wordt een medische ongeschiktheid vastgesteld. De rechter spreekt het verval uit. De bestuurder moet onmiddellijk zijn rijbewijs inleveren bij de griffie van de rechtbank of het politiekantoor.
- Succesvolle herziening: Een persoon met een gokverslaving die leidde tot roekeloos rijgedrag en een ongeval, ondergaat jarenlang therapie. Na anderhalf jaar dient hij een verzoek tot herziening in, voorzien van uitgebreide verslagen van zijn therapeut en een psychiater die zijn stabiliteit en inzicht bevestigen. De rechtbank stelt een gerechtspsycholoog aan die de bevindingen bevestigt, en het recht tot sturen wordt hersteld, eventueel onder voorwaarden.
- Afwijzing en wachttijd: Een bestuurder die zijn rijbewijs kwijt is wegens drugsmisbruik, dient na zeven maanden een verzoek in met enkel een attest van een huisarts die stelt dat hij "clean" is. De rechtbank oordeelt dat dit onvoldoende bewijs is van duurzaam herstel en wijst het verzoek af. De bestuurder moet dan zes maanden wachten voordat hij een nieuw, beter onderbouwd verzoek kan indienen.
Relevante wetsartikelen of rechtspraak referenties
Naast de reeds genoemde Artikelen 42 en 44 van de Wegverkeerswet, is ook Artikel 499 van het Strafwetboek relevant. Dit artikel bepaalt de straffen voor het rijden zonder (geldig) rijbewijs, wat van toepassing is wanneer iemand rijdt terwijl het recht tot sturen is vervallen. De straffen kunnen variëren van geldboetes tot gevangenisstraffen, en vaak wordt een bijkomend rijverbod opgelegd.
Het Koninklijk Besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs, met name de bepalingen rond de groep 1 en groep 2 rijbewijzen en de medische en psychologische selectieproeven, is eveneens van groot belang voor de concrete uitvoering van de herzieningsprocedure en de vereisten voor rijgeschiktheid.
Belang voor bestuurders en advocaten
Voor bestuurders betekent een toepassing van artikel 42 dat zij hun rijbewijs kunnen verliezen zolang zij niet kunnen bewijzen weer geschikt te zijn om te rijden. Voor advocaten is het belangrijk om cliënten goed te informeren over de mogelijkheden tot herziening en de noodzaak van bewijsvoering omtrent de geschiktheid.
Nadere details en uitleg over het belang
Voor bestuurders is de impact van artikel 42 enorm. Het is niet zomaar een tijdelijk ongemak, maar een fundamentele inperking van hun mobiliteit met potentieel levenslange gevolgen als de ongeschiktheid niet kan worden opgeheven. Het besef dat het recht tot sturen niet automatisch terugkeert, is cruciaal. Velen realiseren zich pas de ernst van de situatie wanneer het vonnis is uitgesproken en ze geconfronteerd worden met de complexe procedure om hun rijbewijs terug te krijgen.
De noodzaak van actieve bewijsvoering betekent dat de bestuurder zelf moet investeren in zijn herstel, zowel op medisch/psychologisch vlak als financieel. Dit kan een lang en zwaar traject zijn, waarbij discipline en doorzettingsvermogen essentieel zijn. Het is niet zelden dat bestuurders, geconfronteerd met de complexiteit en de kosten, het herstel van hun recht tot sturen uitstellen, soms zelfs jarenlang.
Voor advocaten gespecialiseerd in verkeersrecht is artikel 42 een bepaling die uiterste zorgvuldigheid vereist. De rol van de advocaat is meervoudig:
- Informeren: De cliënt volledig informeren over de aard van het verval, de onbepaalde duur en de procedure voor herstel. Veel cliënten begrijpen het verschil tussen een tijdelijk rijverbod en een verval van het recht tot sturen niet onmiddellijk.
- Adviseren in de verdediging: Waar mogelijk, proberen de toepassing van artikel 42 te voorkomen. Dit kan door aan te tonen dat de ongeschiktheid niet bewezen is, of dat de overtreding niet te wijten is aan een structurele ongeschiktheid. Dit vereist vaak vroegtijdige inschakeling van medische expertise.
- Begeleiden bij het herstel: Wanneer het verval is uitgesproken, de cliënt begeleiden bij het opstellen van het verzoekschrift, het verzamelen van medische en psychologische bewijzen, en het voorbereiden op de zitting. Dit omvat ook het adviseren over de te volgen medische trajecten en de te verwachten kosten.
- Onderhandelen: In sommige gevallen kunnen er voorwaarden worden onderhandeld met de rechtbank of het Openbaar Ministerie, bijvoorbeeld over de aard van de expertises.
Praktische voorbeelden uit de Belgische rechtspraktijk
- Advocaat voorkomt artikel 42: Een bestuurder veroorzaakt een lichte aanrijding en blijkt onder invloed van zware slaapmedicatie te zijn. De advocaat kan aantonen dat het hier om een eenmalige fout ging, dat de medicatie recent was voorgeschreven en de bestuurder niet voldoende was geïnformeerd over de bijwerkingen, en dat er geen sprake is van een structurele ongeschiktheid of misbruik. Zo kan een art. 42-verval worden afgewend.
- Advocaat begeleidt complexe herstelprocedure: Een cliënt wil na jaren zijn rijbewijs terug na een verval wegens ernstige psychische problemen. De advocaat werkt samen met de behandelende psychiater van de cliënt om een gedegen dossier samen te stellen. Hij adviseert over de noodzaak van een recente psychologische evaluatie door een onafhankelijke expert en bereidt de cliënt voor op de vragen die de rechter zou kunnen stellen tijdens de zitting.
- Fouten in de communicatie vermijden: Een advocaat legt duidelijk uit aan zijn cliënt dat het rijbewijs fysiek moet worden ingeleverd en dat rijden zonder dit te doen, zelfs voor een korte boodschap, desastreuze gevolgen kan hebben. Dit voorkomt verdere juridische problemen voor de cliënt.
Relevante wetsartikelen of rechtspraak referenties
Naast de reeds vermelde artikelen, is de Code van het Wegverkeer in zijn geheel relevant voor advocaten, aangezien alle aspecten van het verkeersrecht met elkaar verbonden zijn. Specifiek voor de procedurele aspecten van de herziening zijn de bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek inzake verzoekschriften en de procedure voor de politierechtbank van belang. Rechtspraak van het Hof van Cassatie en de hoven van beroep biedt verder inzicht in de interpretatie van de begrippen "lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid" en de vereisten voor het bewijs van herstel. Advocaten raadplegen regelmatig de meest recente rechtspraak om hun cliënten zo goed mogelijk te adviseren.
Conclusie
Artikel 42 van de Wegverkeerswet is een beschermingsmaatregel die de verkeersveiligheid ten goede komt door te waarborgen dat enkel geschikte personen een motorvoertuig besturen. Bent u geconfronteerd met een procedure op basis van artikel 42 of wilt u juridisch advies over uw situatie? Neem dan contact op met een gespecialiseerde advocaat verkeersrecht voor begeleiding op maat.
Zoekt u meer informatie of juridische bijstand? Ons kantoor staat voor u klaar met expertise en ervaring in verkeersrecht.
Veelgestelde Vragen (FAQ)
1. Wat is het verschil tussen een "rijverbod" en een "verval van het recht tot sturen" onder artikel 42?
Een rijverbod is een tijdelijke strafmaatregel waarbij u voor een bepaalde duur (bijvoorbeeld 3 maanden, 6 maanden, etc.) geen motorvoertuig mag besturen. Na het verstrijken van deze termijn en het voldoen aan eventuele voorwaarden (zoals het afleggen van theorie- of praktijkexamen), krijgt u uw rijbewijs automatisch terug. Een verval van het recht tot sturen onder artikel 42 is daarentegen een maatregel van onbepaalde duur, gericht op de veiligheid. Het wordt opgelegd wegens lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid en eindigt niet automatisch. U moet zelf via een complexe procedure, ondersteund door medische en/of psychologische bewijzen, aantonen dat u weer geschikt bent om te rijden voordat uw recht tot sturen kan worden hersteld.
2. Kan ik mijn rijbewijs kwijtraken op basis van artikel 42 als ik geen zwaar verkeersongeval heb veroorzaakt?
Ja, dat is mogelijk. Artikel 42 kan worden toegepast "naar aanleiding van een veroordeling, een opschorting van de uitspraak van de veroordeling of een internering wegens een verkeersovertreding of een verkeersongeval". Dit betekent dat zelfs bij een "eenvoudige" verkeersovertreding, zoals herhaaldelijk rijden onder invloed van alcohol of drugs, de rechter het verval van het recht tot sturen kan uitspreken indien tevens de lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid wordt vastgesteld. Het veroorzaken van een zwaar ongeval is geen absolute voorwaarde, hoewel het de kans op de toepassing van artikel 42 wel aanzienlijk vergroot.
3. Wat als ik het niet eens ben met de vaststelling van mijn ongeschiktheid?
Indien de rechter de ongeschiktheid vaststelt op basis van een gerechtsdeskundige of de Medische Commissie, en u bent het niet eens met deze bevindingen, kunt u in beroep gaan tegen het vonnis. In beroep kunt u dan uw eigen medische of psychologische expertise laten uitvoeren om de bevindingen te betwisten. Het is cruciaal om dit zo snel mogelijk te doen en u te laten bijstaan door een gespecialiseerde advocaat, aangezien de termijnen voor beroep kort zijn. Een goede voorbereiding en onderbouwing zijn essentieel om uw standpunt succesvol te verdedigen.
4. Hoe lang duurt het gemiddeld om mijn recht tot sturen terug te krijgen na een verval onder artikel 42?
De duur is sterk afhankelijk van de aard en ernst van de ongeschiktheid en de snelheid waarmee u het hersteltraject doorloopt. De wet voorziet een minimale wachttijd van zes maanden voordat u een verzoek tot herziening kunt indienen. Echter, het hele proces van herstel, het verzamelen van bewijzen, het indienen van het verzoekschrift, de behandeling door de rechtbank en eventuele bijkomende expertises kan gemakkelijk een jaar of langer in beslag nemen. Bij complexe medische of psychologische aandoeningen kan dit zelfs meerdere jaren duren. Het is een langdurig proces dat geduld en doorzettingsvermogen vereist.
5. Welke rol speelt de Medische Commissie bij de toepassing van artikel 42?
De Medische Commissie, onderdeel van het FOD Volksgezondheid, speelt een cruciale rol bij de beoordeling van de medische en psychologische geschiktheid van bestuurders. Bij twijfel over de geschiktheid kan de rechter een advies vragen aan deze commissie, of kan de bestuurder zelf verplicht worden zich te onderwerpen aan een onderzoek. Hun advies is zwaarwegend, maar de uiteindelijke beslissing over het al dan niet toepassen van artikel 42 ligt bij de rechter.
6. Wat zijn de gevolgen als ik rijd terwijl mijn recht tot sturen is vervallen onder artikel 42?
Rijden terwijl uw recht tot sturen is vervallen, is een zware overtreding en wordt streng bestraft in België. U riskeert een gevangenisstraf van 15 dagen tot 2 jaar en/of een geldboete van 500 tot 2.000 euro (x 8 opdeciemen). Bovendien kan de rechter een nieuw verval van het recht tot sturen uitspreken, waardoor de periode dat u niet mag rijden verder wordt verlengd.
7. Kan artikel 42 worden toegepast op alle bestuurders, ongeacht hun leeftijd?
Ja, artikel 42 Wegverkeerswet kan worden toegepast op bestuurders van alle leeftijden, van jonge bestuurders tot senioren. De bepaling focust op de lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid om een motorvoertuig te besturen, en niet op de leeftijdscategorie van de bestuurder. Wel kan leeftijd een factor zijn die de kans op bepaalde ongeschiktheden vergroot.
8. Is er een verschil tussen de toepassing van artikel 42 bij beroepschauffeurs en particuliere bestuurders?
Hoewel artikel 42 in principe voor alle bestuurders geldt, kunnen de gevolgen voor beroepschauffeurs extra ingrijpend zijn. Het verval van het recht tot sturen betekent voor hen vaak het verlies van hun beroep. De criteria voor medische geschiktheid zijn voor beroepschauffeurs (groep 2 rijbewijzen) doorgaans ook strenger dan voor particuliere bestuurders (groep 1 rijbewijzen).
9. Wordt een verval van het recht tot sturen onder artikel 42 automatisch vermeld op mijn strafblad?
Ja, een rechterlijke beslissing tot verval van het recht tot sturen op basis van artikel 42 wordt opgenomen in het strafregister. Dit kan gevolgen hebben voor bepaalde professionele activiteiten of andere situaties waar een uittreksel uit het strafregister wordt gevraagd. Het is een officiële gerechtelijke maatregel.
10. Welke specifieke aandoeningen kunnen leiden tot de toepassing van artikel 42?
Artikel 42 noemt geen specifieke aandoeningen, maar verwijst algemeen naar "lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid". Dit kan variëren van ernstige cardiovasculaire aandoeningen, neurologische ziekten zoals epilepsie of dementie, tot ernstige psychische stoornissen die de rijvaardigheid beïnvloeden. Ook langdurig middelenmisbruik kan leiden tot ongeschiktheid.
Veelgestelde vragen
Handige Tools
Gebruik onze gratis tools om direct inzicht te krijgen in uw situatie:
Meer over Verkeersrecht
Ontdek alle juridische ondersteuning bij verkeersovertredingen en rijbewijskwesties.
Vragen over dit onderwerp?
Neem vrijblijvend contact op voor persoonlijk advies van onze advocaten in Brugge.