
Onverzekerd voertuig in het verkeer: politierechter past op feiten van vóór 1 september 2026 terecht het oude strafrecht toe
In dit vonnis van 23 september 2026 veroordeelt de Politierechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, een voertuigeigenaar voor vier verkeersinbreuken: een voertuig zonder BA-verzekering in het verkeer brengen, datzelfde voertuig in het verkeer brengen zonder inschrijving of zonder de toegekende nummerplaat, en twee parkeerovertredingen (niet rechts geparkeerd en een zone met parkeerregeling niet nageleefd). De feiten dateren van augustus 2025, ruim een jaar vóór de inwerkingtreding van het nieuwe Strafwetboek op 1 september 2026. De rechtbank herinnert daarom aan de regels over de toepassing van de strafwet in de tijd: geen zwaardere straf dan die van op het moment van de feiten, en bij een wetswijziging de voor de beklaagde meest gunstige bepalingen. Het vonnis past voor de samenloop het oude Strafwetboek toe en verhoogt de geldboeten met de 70 opdeciemen die golden op het moment van de feiten. De rechtbank acht alle feiten bewezen en past de absorptieregel van artikel 65 van het oude Strafwetboek toe: één straf voor de verzekering en de inschrijving samen, en één straf voor de twee parkeerovertredingen samen. Voor de eerste groep volgt een geldboete van 960 euro (120 euro verhoogd met 70 opdeciemen), waarvan de helft met uitstel voor één jaar, en een verval van het recht tot sturen van één maand. Voor de parkeerovertredingen volgt een geldboete van 160 euro (20 euro verhoogd met 70 opdeciemen), bij niet-betaling vervangbaar door een rijverbod van 15 dagen. Daarnaast betaalt de beklaagde de bijdragen aan het Slachtofferfonds en het Begrotingsfonds en de kosten.