Advocaat laster en eerroof: uw reputatie beschermen of uw verdediging opbouwen

    Zwartgemaakt of beschuldigd van laster of eerroof? Een advocaat strafrecht regelt bewijs, klacht, verwijdering en verweer. Videocall 30 min € 60,50 incl. btw bij LawBase.

    Door Mr. Peter-Jan De Meulenaere•17 min leestijd•1155 lezers
    Delen:
    Expert Review
    Mr. Peter-Jan De Meulenaere - Advocaat bij LawBase

    Mr. Peter-Jan De Meulenaere

    Advocaat • Balie West-Vlaanderen • Universiteit Gent

    Juridisch geverifieerd door Peter-Jan
    VerkeersrechtVastgoedErfrecht

    Wettelijk Kader

    Dit artikel is gebaseerd op de volgende Belgische wetgeving:

    • •
      Strafwetboek 1867 (oud)(art. 240 Sw.)

      Laster; verzamelt laster en eerroof van art. 443 Sw. 1867 in één misdrijf, met een verweer wanneer de betichte het feit aannemelijk maakt

    • •
      Strafwetboek 1867 (oud)(art. 242 en 244 Sw.)

      Lasterlijke aangifte (242) en belediging (244) blijven aparte misdrijven; waren art. 445 en 448 Sw. 1867

    • •
      Strafwetboek 1867 (oud)(art. 243 Sw.)

      Lasterlijke aantijging tegen een ondergeschikte; nieuw, zonder tegenhanger in het Strafwetboek 1867

    • •
      Strafwetboek 1867 (oud)(art. 247 Sw.)

      Smaad tegen een ambtenaar; was art. 275 Sw. 1867, met de verzwarende omstandigheden in art. 248

    • •
      Strafwetboek 1867 (oud)(art. 443-450 Sw.)

      Laster en eerroof (443), openbaarheidsvoorwaarde (444), lasterlijke aangifte (445), bewijs van waarheid (447), belediging (448) en de klachtvereiste (450)

    Wordt u onterecht zwartgemaakt, valselijk beschuldigd of is uw reputatie het doelwit van een online lastercampagne? Of wordt u zelf verdacht van laster, eerroof of belediging en riskeert u strafrechtelijke vervolging? De grens tussen vrije meningsuiting en een strafbaar feit is flinterdun, maar de gevolgen voor uw eer en goede naam zijn groot, en online verdwijnt bewijs razendsnel. U hoeft dit niet alleen uit te zoeken. Een advocaat strafrecht beoordeelt of er sprake is van strafbare laster, stelt uw bewijs veilig, kiest de snelste route (ingebrekestelling, klacht, dagvaarding of civiele verwijdering onder dwangsom) en voert het verweer als u zelf beschuldigd wordt. Op deze pagina leest u wat laster en eerroof precies zijn, welke straf u riskeert, hoe u een klacht indient en wanneer u het best juridische hulp inschakelt.

    Let op de datum van de feiten. Sinds 1 september 2026 geldt het nieuwe Strafwetboek: laster staat in art. 240 Sw., de lasterlijke aangifte in art. 242, de lasterlijke aantijging tegen een ondergeschikte in art. 243, de belediging in art. 244 en de smaad in art. 247. De artikelnummers en straffen van het Strafwetboek 1867 die hieronder aan bod komen, blijven gelden voor feiten van vóór die datum (art. 2 Sw.). Onderaan staat het volledige overzicht.

    Wanneer schakelt u best een advocaat in?

    Twijfelt u of uw situatie ernstig genoeg is? In de volgende gevallen loont het om snel een advocaat strafrecht te contacteren, vaak nog vóór u zelf reageert:

    • U bent verhoord of gedagvaard wegens laster, eerroof of belediging, een veroordeling belandt op uw strafblad.
    • Iemand maakt u online zwart (Facebook, Instagram, Google Reviews, WhatsApp-groepen) en de schade loopt op.
    • Uw ex of een collega legt een valse klacht neer bij politie of parket (mogelijke lasterlijke aangifte).
    • Er dreigt omzet-, klanten- of reputatieverlies door valse beschuldigingen over u of uw onderneming.
    • U wilt de berichten snel laten verwijderen en verdere verspreiding onder dwangsom laten verbieden.
    • U twijfelt of het om een mening of een bepaald feit gaat, dat onderscheid bepaalt of er überhaupt sprake is van een misdrijf.
    • U wilt bewijs veiligstellen vóór het verdwijnt (screenshots, vaststelling door een gerechtsdeurwaarder).

    In veel dossiers maakt een snelle keuze tussen klacht, dagvaarding, verwijdering of schadevordering het verschil.

    Laat uw dossier nakijken door een advocaat→

    Videocall 30 min € 60,50 incl. btw · kantoorafspraak 60 min € 90,75 incl. btw · vaak gedekt door uw rechtsbijstandsverzekering

    Wat zijn laster en eerroof?

    Laster en eerroof zijn misdrijven tegen de eer en goede naam van personen. De kernbepaling staat in art. 443 Sw.: het gaat om het kwaadwillig ten laste leggen van een bepaald feit aan iemand, waardoor diens eer wordt gekrenkt of waardoor die persoon aan de openbare verachting wordt blootgesteld, en waarvan het wettelijk bewijs niet wordt geleverd.

    Het onderscheid tussen laster en eerroof is technisch, maar bepalend, en hangt uitsluitend af van de toelaatbaarheid van het bewijs:

    • Laster: de wet laat toe dat het bewijs van het beweerde feit wordt geleverd, maar dat bewijs wordt niet geleverd (of u slaagt er niet in). U beschuldigt iemand van een concreet feit dat bewezen mág worden, maar u staaft uw gelijk niet. art. 443 Sw.
    • Eerroof: de wet verbiedt dat het bewijs wordt geleverd, vaak omdat de aantijging de privésfeer raakt. Zelfs als het feit waar is, bent u strafbaar wegens eerroof, omdat de wet niet toelaat dat de waarheid ervan voor de rechtbank wordt onderzocht. art. 443 Sw.

    In de praktijk is dat onderscheid vooral juridisch-technisch; voor het slachtoffer draait het in beide gevallen om reputatieschade.

    De 4 constitutieve voorwaarden

    Niet elke harde of onbeleefde opmerking is laster of eerroof. Er moet cumulatief aan vier voorwaarden zijn voldaan, ontbreekt één element, dan is er geen strafbare laster of eerroof:

    1. Een bepaald feit. Het moet gaan om een concrete, welbepaalde beschuldiging ("Persoon X heeft geld gestolen uit de kassa"), niet om een vage scheldpartij. Een algemene belediging ("u bent een idioot") valt hier niet onder.
    2. Openbaarheid. De aantijging moet zijn geuit in omstandigheden die aan de wettelijke openbaarheidsvoorwaarde van art. 444 Sw. beantwoorden (zie verder).
    3. Kwaadwillig opzet (animus injuriandi). Er is een bijzonder opzet vereist: de bedoeling om te schaden of te krenken. Wie te goeder trouw of per vergissing iets onjuists doorgeeft, pleegt in beginsel geen laster.
    4. Mogelijk nadeel. De bewering moet de reputatie kunnen schaden of iemand aan openbare verachting kunnen blootstellen.

    Concrete voorbeelden van mogelijke laster of eerroof: iemand vals beschuldigen van diefstal tegenover collega's; op Facebook schrijven dat iemand een oplichter is zonder enige basis; een ex-partner vals beschuldigen van geweld om diens reputatie te schaden; of een valse politieklacht neerleggen.

    Smaad, belediging en lasterlijke aangifte

    De termen worden vaak door elkaar gebruikt, maar juridisch zijn het verschillende misdrijven. Vooral het woord "smaad" zorgt voor verwarring.

    Wat is smaad in België?

    Veel mensen zoeken online naar "wat is smaad" of "smaad en laster", ingegeven door Nederlandse websites. In het Nederlands recht is "smaad" ruwweg wat wij in België laster/eerroof noemen. In het Belgisch recht betekent smaad echter iets heel anders: smaad aan een drager van openbaar gezag, geregeld in art. 275 Sw. Het gaat om beledigingen, gebaren of bedreigingen aan het adres van bijvoorbeeld een politieagent, een minister of een magistraat in de uitoefening van zijn functie. Smaad aan een gewone burger bestaat in het Belgisch strafrecht niet, dan spreekt men van laster, eerroof of belediging.

    Belediging (art. 448 Sw.)

    Wanneer iemand u openbaar uitscheldt zonder een bepaald feit ten laste te leggen, spreekt men van belediging art. 448 Sw. De straffen liggen aanzienlijk lager dan bij laster en eerroof.

    Lasterlijke aangifte (art. 445 Sw.)

    Een veel voorkomend, specifiek misdrijf is de lasterlijke aangifte art. 445 Sw.: iemand die schriftelijk en kwaadwillig een valse klacht neerlegt bij een overheid (politie, parket, tuchtoverheid) of tegen een ondergeschikte. Denk aan een ex-partner die tijdens een vechtscheiding valselijk aangifte doet, of een werknemer die een valse klacht over grensoverschrijdend gedrag neerlegt om iemand te laten ontslaan.

    Misdrijf (België) Huidig artikel Kenmerk Doelwit
    Laster art. 443 Sw. Bepaald feit; wettelijk bewijs is toegelaten maar niet geleverd Iedereen
    Eerroof art. 443 Sw. Bepaald feit; wettelijk bewijs is verboden (vaak privéleven) Iedereen
    Belediging art. 448 Sw. Geen bepaald feit, wel grove scheldwoorden/verachting Iedereen
    Lasterlijke aangifte art. 445 Sw. Valse schriftelijke klacht bij een overheid Iedereen (via overheid)
    Smaad art. 275 Sw. Belediging/bedreiging tegen drager van openbaar gezag Ambtenaren, politie, magistraten

    De openbaarheidsvoorwaarde

    Laster of eerroof is enkel strafbaar wanneer aan de openbaarheidsvoorwaarde is voldaan. Een opmerking onder vier ogen in de keuken volstaat dus meestal niet. art. 444 Sw. somt vijf omstandigheden op waarin die openbaarheid aanwezig is: 1. in openbare bijeenkomsten of plaatsen (bv. een markt, een stationshal); 2. in tegenwoordigheid van verscheidene personen op een niet-openbare maar voor hen toegankelijke plaats (bv. de werkvloer); 3. op eender welke plaats, in aanwezigheid van het slachtoffer én getuigen; 4. door geschriften, prenten of zinnebeelden die worden aangeplakt, verkocht, verspreid of tentoongesteld; 5. door geschriften die niet openbaar zijn gemaakt, maar aan verscheidene personen zijn toegestuurd of meegedeeld.

    Dat is cruciaal voor moderne dossiers: een e-mail aan meerdere collega's, een bericht in een Facebookgroep of een rondgestuurde screenshot kan dus wel degelijk de vereiste openbaarheid hebben.

    Wat doet u als slachtoffer?

    Voor veel cliënten is dit de kernvraag. Handel snel, online bewijs verdwijnt razendsnel.

    Stap 1: Bewijs veiligstellen. Nog voor u de tegenpartij confronteert of het bericht rapporteert: leg het bewijs muurvast. Maak screenshots met datum, uur, profielnaam en context zichtbaar, noteer de URL's, en bewaar reacties, shares en tags. Een gewone screenshot is soms onvoldoende omdat digitale bestanden manipuleerbaar zijn; bij ernstige schade laat u de inhoud best vaststellen door een gerechtsdeurwaarder, wiens proces-verbaal een bijzondere bewijswaarde heeft.

    Stap 2: Ingebrekestelling. Vaak volstaat een strakke, aangetekende ingebrekestelling via een advocaat: stopzetting van de aantijgingen, verwijdering van de berichten, een rechtzetting en eventueel een minnelijke vergoeding. Zeker in familie-, buren- of ex-partnerconflicten is een snelle minnelijke oplossing soms beter dan escalatie.

    Stap 3: Een procedure opstarten. Levert dat niets op, dan zijn er drie routes:

    1. Gewone aangifte bij de politie. Laagdrempelig; er wordt een proces-verbaal opgesteld. Nadeel: het parket kan beslissen de zaak te seponeren wegens capaciteitsgebrek of lage prioriteit.
    2. Klacht met burgerlijke partijstelling bij de onderzoeksrechter. Om een sepot te vermijden, kan uw advocaat rechtstreeks klacht neerleggen bij de onderzoeksrechter; u stelt zich meteen burgerlijke partij. Voordeel: de onderzoeksrechter is verplicht een onderzoek op te starten. Hier staat wel een borgsom/consignatie tegenover, waarvan het bedrag dossierafhankelijk is (indicatief).
    3. Rechtstreekse dagvaarding. Staat het bewijs al vast en is de dader gekend, dan kunt u die rechtstreeks voor de correctionele rechtbank dagvaarden, zonder een vooronderzoek af te wachten. U houdt meer regie, maar draagt zelf meer initiatief, kosten en risico bij een verkeerde kwalificatie.

    Laster en eerroof online

    Vandaag speelt de meeste reputatieschade online: haatberichten op Facebook of Instagram, valse Google Reviews, of massale WhatsApp-groepen. Dat verandert zowel het bewijs als de strategie.

    Een aanhoudende campagne is vaak ook belaging. Gaat het niet om één bericht maar om een reeks die aanhoudt, dan is belaging een alternatieve of bijkomende kwalificatie: art. 237-238 Sw. voor feiten vanaf 1 september 2026, art. 442bis Sw. 1867 voor oudere feiten. Dat is vaak de sterkere route, omdat belaging niet op de drukpersproblematiek hieronder stuit en het herhaalde karakter zelf het misdrijf uitmaakt.

    Liken of delen kan óók strafbaar zijn. U hoeft de oorspronkelijke lasterlijke post niet zelf geschreven te hebben. Het publiekelijk delen, herposten of instemmend liken van een lasterlijk bericht kan door de rechter worden gezien als een bewuste bijdrage aan de verdere verspreiding, u vergroot immers de openbaarheid en de schade.

    De drukpersmisdrijf-hindernis. Bij schriftelijke laster, ook online, duikt een belangrijke Belgische bijzonderheid op. Zulke geschreven uitingen worden in beginsel beschouwd als een drukpersmisdrijf, en drukpersmisdrijven vallen op grond van art. 150 van de Grondwet onder de exclusieve bevoegdheid van het Hof van Assisen. In de praktijk wordt dat zware en dure Assisenhof nooit samengesteld voor een gewone lasterzaak. Art. 150 Gw. maakt zelf één uitzondering, ingevoerd bij de grondwetsherziening van 7 mei 1999: drukpersmisdrijven die door racisme of xenofobie zijn ingegeven gaan wél naar de correctionele rechtbank. Gevolg: strafrechtelijke vervolging van online laster loopt in de praktijk vaak vast.

    Daarom is de civiele weg vaak effectiever. Dat betekent niet dat u machteloos staat. In veel dossiers kiest LawBase strategisch voor de burgerlijke rechtbank, op grond van de buitencontractuele aansprakelijkheid, om, afhankelijk van de feiten:

    • een schadevergoeding voor materiële en morele schade te bekomen;
    • de verwijdering van de berichten en een verbod op verdere verspreiding af te dwingen, desnoods onder dwangsom (bv. een bedrag per dag dat het bericht online blijft);
    • een rectificatie of recht van antwoord te verkrijgen.

    Voor slachtoffers is dat vaak nuttiger dan een louter principiële strafklacht die procesrechtelijk vastloopt. De rechtspraak evolueert; laat uw dossier daarom concreet beoordelen.

    Welke straf staat erop?

    Laster, eerroof, belediging en lasterlijke aangifte zijn wanbedrijven, die in beginsel voor de correctionele rechtbank komen (behoudens de bijzondere drukpersproblematiek, zie hierboven).

    De klacht van het slachtoffer. Voor feiten van vóór 1 september 2026 vereist art. 450 Sw. 1867 voor een reeks van deze misdrijven een klacht van de benadeelde persoon voordat de vervolging kan worden ingesteld. Zonder die klacht loopt de strafvordering niet. Het nieuwe Strafwetboek neemt die voorwaarde niet over, zodat zij voor feiten vanaf 1 september 2026 geen rol meer speelt. Op een dossier dat over de datum heen loopt, is dat een van de eerste dingen om na te kijken.

    Misdrijf Nieuw artikel (feiten vanaf 1-9-2026) Oud artikel (feiten vóór 1-9-2026) Gevangenisstraf (oud recht) Geldboete (basisbedrag, oud recht)
    Laster (voorheen laster én eerroof) art. 240 Sw. art. 443-444 Sw. 1867 8 dagen tot 1 jaar € 26 tot € 200
    Lasterlijke aangifte art. 242 Sw. art. 445 Sw. 1867 15 dagen tot 6 maanden € 50 tot € 1.000
    Belediging art. 244 Sw. art. 448 Sw. 1867 8 dagen tot 2 maanden € 26 tot € 500
    Smaad (ambtenaar) art. 247 Sw. art. 275 Sw. 1867 15 dagen tot 6 maanden € 50 tot € 300

    De gevangenisstraffen en boetes in de twee rechterkolommen zijn die van het Strafwetboek 1867. Voor feiten vanaf 1 september 2026 wordt de straf bepaald door het strafniveau dat het nieuwe wetboek aan het misdrijf toekent; de basisvorm van laster valt onder strafniveau 1, waarvoor geen gevangenisstraf meer bestaat.

    Let op, opdeciemen. De geldboetes in de strafwet zijn basisbedragen: ze worden vermenigvuldigd met de wettelijke opdeciemen, voor feiten van vóór 1 februari 2026 met factor ×8, en voor feiten van 1 februari tot en met 31 augustus 2026 met factor ×10 (Wet 19 december 2025). Een basisboete van € 26 tot € 200 komt onder dat tweede regime reëel neer op ongeveer € 260 tot € 2.000. Voor feiten vanaf 1 september 2026 werkt het nieuwe Strafwetboek niet meer met opdeciemen: de geldboete hoort bij het strafniveau van het misdrijf en het nominale bedrag wordt vermenigvuldigd met 1,25. In alle drie de gevallen ligt de werkelijk te betalen boete hoger dan het bedrag in de wettekst.

    De straf voor laster/eerroof geldt bovendien enkel wanneer voldaan is aan de openbaarheidsvoorwaarde van art. 444 Sw. Voor smaad gelden verzwarende omstandigheden. Onder het oude wetboek kon de gevangenisstraf oplopen tot 2 jaar wanneer de smaad werd gepleegd in een vergadering van de Kamers of op een terechtzitting; sinds 1 september 2026 staan de smaad in art. 247 Sw. en de verzwarende omstandigheden in art. 248 Sw. Voor een eerste inschatting van een concrete straf kunt u onze strafmaat-simulator voor strafzaken raadplegen.

    Is de waarheid een verweer?

    Een vaak gehoord verweer is: "Ik heb gewoon de waarheid gezegd." Juridisch ligt dat genuanceerder. Het bewijs van waarheid, de exceptio veritatis van art. 447 Sw., is slechts in beperkte gevallen toegelaten:

    • Wél toegelaten voor tenlasteleggingen tegen openbare ambtenaren over feiten die met hun ambt verband houden.
    • Niet toegelaten voor aantijgingen over het privéleven; daar is bewijs van waarheid in principe verboden, behoudens wettelijke uitzonderingen zoals een vonnis of authentieke akte.

    Dat verklaart waarom "de waarheid spreken" niet automatisch een sluitend verweer is, zeker niet bij eerroof.

    Verweer als u wordt beschuldigd

    Werd u verhoord of gedagvaard wegens laster of eerroof? Onderschat de zaak niet: een veroordeling belandt op uw strafblad. Cruciale verweervragen zijn onder meer:

    • Ging het om een bepaald feit, of om een mening / waardeoordeel? De vrijheid van meningsuiting beschermt kritiek en satire. "Het beleid van de burgemeester is incompetent" is een mening; beweren dat hij "steekpenningen aannam" zonder bewijs is een bepaald feit, en dus mogelijk laster.
    • Was er voldoende openbaarheid?
    • Ontbreekt het kwaadwillig opzet (animus injuriandi)? Een objectieve, interne melding uit oprechte bezorgdheid mist vaak het bijzonder opzet, wat tot vrijspraak kan leiden.
    • Handelde u te goeder trouw, op basis van ernstige aanwijzingen?

    Schadevergoeding als burgerlijke partij

    Als burgerlijke partij kunt u naast (of in plaats van) een straf een schadevergoeding vorderen:

    • Materiële schade: aantoonbaar omzet- of klantenverlies, gemiste professionele kansen, medische/psychologische kosten die aantoonbaar gelinkt zijn.
    • Morele schade: stress, schaamte, reputatie- en relationele schade. De bedragen hangen sterk af van het dossier: soms een symbolische euro, soms meer. De bedragen die online circuleren voor morele schade zijn louter indicatief en volgen niet automatisch uit een veroordeling.
    • Rechtsplegingsvergoeding (RPV): wint u de zaak, dan wordt de tegenpartij meestal veroordeeld tot een RPV, een forfaitaire tegemoetkoming in uw advocatenkosten.

    Binnen welke termijn moet u optreden?

    De verjaring is technisch en hangt af van de kwalificatie en de gekozen procedure. Voor een wanbedrijf bedraagt de verjaringstermijn van de strafvordering in beginsel 10 jaar, te rekenen vanaf de dag van het misdrijf. Maar bij drukpersmisdrijven en bijzondere situaties kan de analyse anders uitvallen. Vertrouw daarom niet op één algemene termijn die u online leest: hoe sneller u bewijs verzamelt en advies inwint, hoe sterker uw positie.

    Wat verandert het nieuwe Strafwetboek?

    Het Belgische strafrecht heeft een historische hervorming achter de rug. Het bij wet van 29 februari 2024 aangenomen nieuw Strafwetboek is op 1 september 2026 in werking getreden en is dus het geldende recht.

    • Tot en met 31 augustus 2026 blijven de klassieke bepalingen leidend: art. 443 (laster/eerroof), art. 444 (openbaarheid), art. 445 (lasterlijke aangifte), art. 447 (bewijs van waarheid) en art. 448 (belediging).
    • Vanaf 1 september 2026 worden laster, eerroof en kwaadwillige ruchtbaarmaking samengebracht in art. 240 nieuw Sw. (Laster). Belediging en lasterlijke aangifte blijven aparte misdrijven: art. 242 voor de lasterlijke aangifte en art. 244 voor de belediging. Het nieuwe wetboek voegt daar art. 243 aan toe, de lasterlijke aantijging tegen een ondergeschikte.
    • Eerroof verdwijnt als aparte kwalificatie. Het onderscheid tussen laster en eerroof, dat onder art. 443 Sw. 1867 volledig afhing van de vraag of het bewijs van het feit wettelijk toegelaten was, bestaat in het nieuwe wetboek niet meer: beide vallen onder art. 240. Voor feiten van vóór 1 september 2026 blijft het onderscheid wél bepalend.
    • Art. 240 laat een verweer toe wanneer de betichte het ten laste gelegde feit aannemelijk maakt. Dat is ruimer dan de exceptio veritatis van art. 447 Sw. 1867, die het bewijs van waarheid slechts in een beperkt aantal gevallen toeliet.
    • Het nieuwe wetboek werkt met 8 strafniveaus. De basisvorm van laster/eerroof valt onder strafniveau 1, waarvoor geen gevangenisstraf meer geldt, enkel nog geldboetes, werkstraffen of alternatieve sancties, met meer nadruk op herstel.

    Concreet: verwijzingen naar louter "art. 443-453" worden vanaf die datum onvolledig. Onze advocaten toetsen altijd welk regime (oud of nieuw) op uw feiten van toepassing is.

    Voorbeelden uit de praktijk

    De volgende situaties zijn illustratief en tonen hoe een dossier kan verlopen. Elk dossier is anders; ze vormen geen garantie op een bepaalde uitkomst.

    Ex-partner die u zwartmaakt op sociale media

    Situatie: Na een moeizame relatiebreuk plaatst een ex-partner in meerdere Facebookgroepen valse beschuldigingen die uw professionele reputatie raken.

    Aanpak: De advocaat laat de berichten door een gerechtsdeurwaarder vaststellen, stuurt een aangetekende ingebrekestelling en bereidt, bij uitblijven van reactie, een vordering tot verwijdering onder dwangsom voor de burgerlijke rechtbank voor.

    Resultaat: De berichten worden verwijderd en verdere verspreiding wordt gestaakt, zonder een jarenlange strafprocedure die op de drukpersproblematiek dreigt vast te lopen.

    Valse klacht tijdens een vechtscheiding

    Situatie: U wordt geconfronteerd met een valse politieklacht die tijdens een scheidingsconflict werd neergelegd om uw geloofwaardigheid te schaden.

    Aanpak: De advocaat onderzoekt of de klacht kwalificeert als een lasterlijke aangifte (art. 445 Sw.), verzamelt tegenbewijs en bepaalt de sterkste route: verweer in het bestaande dossier én, waar aangewezen, een eigen klacht.

    Resultaat: De valse aantijgingen worden weerlegd en uw positie in het onderliggende familiegeschil wordt hersteld.

    U wordt zelf beschuldigd van laster na een interne melding

    Situatie: U meldde te goeder trouw een misstand op het werk en wordt vervolgens vervolgd wegens laster.

    Aanpak: De advocaat bouwt het verweer op rond het ontbreken van het kwaadwillig opzet (animus injuriandi) en de vraag of het om een bepaald feit dan wel een waardeoordeel ging.

    Resultaat: Het dossier wordt beoordeeld op de afwezigheid van bijzonder opzet, wat tot een sepot of vrijspraak kan leiden.

    Onze aanpak in 5 stappen

    1. Intake: videocall. In een videocall van 30 minuten (€ 60,50 incl. btw) bekijken we de berichten, de datum van de feiten en of u als slachtoffer dan wel als beschuldigde in het dossier zit.
    2. Strategie & bewijs. We stellen het bewijs veilig (screenshots, URL's, desnoods een vaststelling door een gerechtsdeurwaarder) en kiezen de route met de grootste slaagkans: strafrechtelijk, civiel of een combinatie.
    3. Ingebrekestelling of onderhandeling. Vaak volstaat een aangetekende ingebrekestelling die stopzetting, verwijdering en rechtzetting eist, soms met een minnelijke vergoeding, zeker in familie- of burenconflicten.
    4. Procedure. Levert dat niets op, dan starten we de gekozen procedure op: aangifte, klacht met burgerlijke partijstelling, rechtstreekse dagvaarding of een civiele vordering tot verwijdering onder dwangsom en schadevergoeding.
    5. Nazorg. We volgen de uitvoering op, verwijdering, betaling van de schadevergoeding en de rechtsplegingsvergoeding, en bewaken dat verdere verspreiding stopt.

    Of u nu slachtoffer bent of zich als verdachte moet verdedigen: bij laster en eerroof staan uw reputatie en soms uw strafblad op het spel. Een advocaat strafrecht van LawBase begeleidt uw dossier discreet, van de eerste ingebrekestelling tot de procedure voor de strafrechter of de burgerlijke rechtbank. Bekijk onze expertise in strafrecht voor een overzicht van de zaken die onze advocaten strafrecht behandelen, of raadpleeg de strafmaat-simulator voor strafzaken voor een eerste inschatting van de mogelijke straf.

    Laat uw dossier vertrouwelijk beoordelen of bel direct, in veel dossiers maakt een snelle keuze tussen klacht, dagvaarding, verwijdering of schadevordering het verschil.

    Dichtstbijzijnde kantoor: LawBase Brugge(West-Vlaanderen)

    Oosterlingenplein 4A, 8000 Brugge

    Veelgestelde vragen

    Hulp nodig bij uw juridische vraag?

    Onze advocaten staan voor u klaar met deskundig advies.

    Plan een consultatieBekijk onze kantoren

    Meer info: cookie beleid · privacy