Drugshandel: zware straffen uitgelegd, en hoe u zich verdedigt
Verdacht van drugshandel? Een advocaat strafrecht bekijkt de kwalificatie (bezit vs. handel), de strafvork en uw verweer. Videocall 30 min € 60,50 incl. btw. Bel voor uw verhoor.

Mr. Peter-Jan De Meulenaere
Advocaat • Balie West-Vlaanderen • Universiteit Gent
Wettelijk Kader
Dit artikel is gebaseerd op de volgende Belgische wetgeving:
- •
Drugswet van 24 februari 1921(art. 2bis)
Strafbaarstelling van drugshandel en de verzwarende omstandigheden; de straffen zijn sinds 1 september 2026 heruitgedrukt in de strafniveaus van het Strafwetboek
- •
Strafwetboek 1867 (oud)(art. 36)
De acht strafniveaus en de hoofdstraffen die er per niveau bij horen
- •
- •
Strafwetboek 1867 (oud)(art. 60)
Herhaling: verhoging naar het onmiddellijk hogere strafniveau binnen vijf jaar
- •
Drugswet van 24 februari 1921(art. 4 par. 6)
Verbeurdverklaring, ook van zaken van derden
- •
KB van 6 september 2017(lijsten verdovende middelen)
Vastlegging van de verboden stoffen en categorieën
Bent u verdacht van drugshandel, of maakte u net een huiszoeking, verhoor of aanhouding mee? Dan voelt u waarschijnlijk vooral onzekerheid: hoe zwaar is dit, ziet het parket dit als handel, en wat mag u wél en niet zeggen? De strafvork loopt in de basisvorm van 3 maanden tot 5 jaar cel op, en de boete kan na opdeciemen fors uitvallen, maar de uitkomst hangt zelden af van "welke drug". Ze hangt af van de kwalificatie: bezit of handel, en welke rol u speelde.
U hoeft dit niet alleen te doen. Een advocaat strafrecht kan uw dossier lezen vóór u een verklaring aflegt, de kwalificatie betwisten, de verbeurdverklaring nauwkeurig nakijken en tijdig een alternatieve straf bepleiten. Leg dus geen verklaring af zonder zicht op het dossier: u hebt zwijgrecht en recht op bijstand van een advocaat.
Wanneer schakelt u best een advocaat strafrecht in?
Neem contact op, bij voorkeur vóór uw verhoor, zodra een van deze situaties speelt:
- U ontving een uitnodiging voor politieverhoor of bent opgeroepen naar aanleiding van een drugsdossier.
- Er was een huiszoeking of er werden zaken (gsm, cash, een voertuig) in beslag genomen.
- U bent gearresteerd en er dreigt een aanhoudingsmandaat of raadkamerzitting.
- Het parket spreekt van handel terwijl het volgens u om eigen gebruik of gebruikersverkoop gaat.
- Er is sprake van een minderjarige, een vereniging/organisatie, wapens of een overlijden, de verzwarende trappen zijn steil.
- Het parket kondigt een verbeurdverklaring van opbrengsten of van uw (of andermans) voertuig aan.
- U twijfelt of een werkstraf, probatie of uitstel in uw dossier haalbaar is.
Videocall 30 min € 60,50 incl. btw · kantoorafspraak 60 min € 90,75 incl. btw · vaak gedekt door uw rechtsbijstandsverzekering
Bezit of handel: waar ligt de grens?
De moeilijkste vraag in een drugsdossier is zelden "welke drug?". Ze is: ziet het parket dit als bezit voor eigen gebruik, of als handel? Daar bestaat in België geen algemene wettelijke drempel in gram waarboven bezit automatisch handel wordt. De grens is een feitelijke beoordeling: kan het openbaar ministerie bewijzen dat u de bedoeling had te verhandelen, te verdelen of af te leveren? Het parket kijkt daarvoor nooit naar één element, maar naar het geheel.
| Indicator | Wijst eerder op eigen gebruik | Wijst richting handel (opzet) |
|---|---|---|
| Hoeveelheid | Beperkt tot wat iemand zelf in een korte periode verbruikt | Volumes die normale persoonlijke consumptie ruim overstijgen |
| Verpakking | Eén of enkele zakjes of wikkels | Meerdere identiek afgewogen eenheden (gripzakjes, ponypacks) |
| Attributen | Gebruiksmateriaal (vloeitjes, pijpje) | Precisieweegschaal, versnijdingsmiddelen, overtollig verpakkingsmateriaal |
| Geld | Geen onverklaarbare sommen | Grote sommen cash, vaak in kleine coupures |
| Communicatie | Contact met één vaste leverancier | Meerdere gsm's, klantenlijsten, berichten over prijzen en leveringen |
Geen enkele indicator is op zich beslissend: een weegschaal kan dienen om te controleren wat u zelf koopt, cash kan een legale herkomst hebben. Daar grijpt de verdediging aan, op de context en de interpretatie van berichten en verklaringen. Dit is vaak het belangrijkste verdedigingspunt: niet "ik heb niets gedaan", maar de juiste kwalificatie.
Ook gratis doorgeven is handel
Een hardnekkige misvatting: dat u pas dealer bent als u winst maakt. De wet straft het verkopen, te koop aanbieden, afleveren en verschaffen, ten bezwarende titel én "om niet". Dat volgt uit art. 1, par. 1 Drugswet (afleveren of aanschaffen, tegen betaling of kosteloos), uit art. 3, par. 2 Drugswet en uit de bepaling van art. 2bis over voorbereidende handelingen. Gratis uitdelen op een feestje, of samen aankopen en verdelen zonder winstmarge, kan juridisch als handel worden gekwalificeerd. "Ik heb er niets aan verdiend" volstaat dus niet.
Gebruikersverkoop en eigen verslaving
Wie kleine hoeveelheden verkoopt om de eigen verslaving te bekostigen, zit in een aparte positie, maar sinds 1 september 2026 bestaat daarvoor geen bijzondere wettelijke regeling meer. Art. 9 Drugswet, dat gebruikersverkoop een eigen gunstregime gaf, is op die datum opgeheven door de wet van 16 maart 2026. Voor feiten vanaf die datum lopen opschorting en uitstel via het algemene stelsel van het Strafwetboek: opschorting van de uitspraak is mogelijk bij elk misdrijf van niveau 1 tot 6, als u daarmee instemt (art. 64 Sw.), en uitstel van de straf wanneer de opgelegde straf niveau 3 niet overschrijdt (art. 65 Sw.). De verslaving blijft wel een belangrijk element in de straftoemeting.
Voor feiten van vóór 1 september 2026 gold art. 9 nog: wie de stoffen met het oog op eigen gebruik vervaardigde, verkreeg of onder zich had, of met het oog op eigen gebruik het gebruik voor anderen vergemakkelijkte of verkocht, kon opschorting, uitstel of probatie krijgen, zelfs als eerdere veroordelingen dat normaal uitsloten, behalve bij de zwaarste verzwarende omstandigheden. Zie ook drugsbezit voor eigen gebruik en probatie-uitstel.
Cannabis: het tolerantiebeleid is géén wet
Vaak wordt gedacht dat het bezit van 3 gram cannabis of 1 plant legaal zou zijn. Dat klopt niet. Het gaat om vervolgingsbeleid, een richtlijn van het College van procureurs-generaal die meerderjarigen zonder openbare overlast of problematisch gebruik de laagste vervolgingsprioriteit geeft. Het wetsartikel dat dit verankerde (art. 11 Drugswet) werd vernietigd door het Arbitragehof bij arrest nr. 158/2004 van 20 oktober 2004. Cannabis blijft illegaal, en voor handel bestaat geen tolerantie. Kweekt u planten, zie de straf voor een cannabisplantage.
Wat zegt de Drugswet?
De kernbepaling is art. 2bis Drugswet. Zij bestraft overtredingen van de koninklijke besluiten die krachtens de Drugswet zijn uitgevaardigd, in het bijzonder het KB van 6 september 2017, dat de lijsten en categorieën vastlegt. Het gaat om vervaardigen, verkrijgen, onder zich hebben, verkopen, te koop aanbieden, en de verbouw van planten waaruit die stoffen kunnen worden getrokken.
De straffen per paragraaf van art. 2bis
Sinds 1 september 2026 drukt art. 2bis Drugswet de straffen uit in de strafniveaus van het nieuwe Strafwetboek (wet van 16 maart 2026). De tabel geeft die regeling weer. Voor feiten van vóór die datum golden andere vorken; die staan onder de tabel. De rechter past de regeling toe die voor de dader het gunstigst is (art. 2 Sw.).
| Bepaling | Situatie | Straf |
|---|---|---|
| §1 | Basisvorm: vervaardigen, verkrijgen, onder zich hebben, verkopen, te koop aanbieden; verbouw van planten | Niveau 3: gevangenisstraf van meer dan 3 tot 5 jaar |
| §3 a) | Feiten ten aanzien van een minderjarige ouder dan 12 en jonger dan 16 jaar | Niveau 4: meer dan 5 tot 10 jaar |
| §3 b) | Het gebruik veroorzaakte de dood | Niveau 4: meer dan 5 tot 10 jaar |
| §4 a) | Feiten ten aanzien van een kind jonger dan 12 jaar | Niveau 5: meer dan 10 tot 15 jaar |
| §4 b) | Deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging of criminele organisatie (art. 406 Sw.) | Niveau 5: meer dan 10 tot 15 jaar |
| §5 | Diezelfde deelneming als leidend persoon | Niveau 6: meer dan 15 tot 20 jaar |
| §6 | Bijkomende geldboete in al deze gevallen | 200 tot 800.000 euro, effectief 250 tot 1.000.000 euro |
Verzwarende factoren zonder hoger niveau. Werden de feiten gepleegd ten aanzien van een minderjarige boven de volle zestien jaar, of veroorzaakte het gebruik bij een ander een integriteitsaantasting van de derde graad (art. 79, 17° Sw.), dan blijft het bij niveau 3. De rechter moet die omstandigheden wel in overweging nemen bij de keuze en de zwaarte van de straf (art. 2bis, § 2 Drugswet en art. 28 Sw.).
Het niveau is het vertrekpunt, niet de uitkomst. Bij verzachtende omstandigheden kan de rechter een straf van niveau 3 vervangen door een straf van niveau 2 of 1 (art. 36 Sw.), en daar horen ook een werkstraf, een probatiestraf of een straf onder elektronisch toezicht bij.
De Drugswet gaat niet tot 30 jaar. Dat wordt online vaak geschreven, maar het klopt niet. De hoogste straf in de Drugswet zelf is niveau 6, een gevangenisstraf van meer dan 15 tot 20 jaar, voor wie als leidend persoon deelneemt. Enkel via een afzonderlijke tenlastelegging kan een dossier zwaarder uitvallen.
Feiten van vóór 1 september 2026. Toen golden vrijheidsstraffen per paragraaf: 3 maanden tot 5 jaar in de basisvorm; 5 tot 10 jaar ten aanzien van een minderjarige boven zestien jaar of bij ernstige gezondheidsgevolgen; 10 tot 15 jaar ten aanzien van een minderjarige tussen twaalf en zestien jaar, bij deelneming aan een vereniging of bij overlijden; 15 tot 20 jaar ten aanzien van een kind jonger dan twaalf jaar of als leidend persoon.
De geldboete: basisbedrag × opdeciemen
Voor feiten vanaf 1 september 2026 is de geldboete bij drugshandel een bijkomende straf naast de gevangenisstraf. Ze bedraagt minstens 200 euro (art. 52, § 1 Sw.) en, in afwijking van de gewone maxima, ten hoogste 800.000 euro (art. 2bis, § 6 Drugswet). Op dat bedrag komen de opdeciemen: sinds 1 september 2026 wordt het vermenigvuldigd met 1,25.
| Omschrijving | Wettelijk bedrag | Na opdeciemen (×1,25) |
|---|---|---|
| Minimum bijkomende geldboete | €200 | €250 |
| Maximum bijkomende geldboete (art. 2bis, § 6) | €800.000 | €1.000.000 |
| Verplichte bijdrage Slachtofferfonds | €200 | €250 |
Feiten van vóór 1 september 2026. Toen bedroeg de geldboete 1.000 tot 100.000 euro, te vermenigvuldigen met de opdeciemen van dat moment: ×8 tot en met 31 januari 2026 en ×10 van 1 februari tot en met 31 augustus 2026 (wet van 19 december 2025). Ook hier past de rechter de voor de dader gunstigste regeling toe (art. 2 Sw.).
Let op: de opdeciemen gelden voor de rechterlijke geldboete na vonnis. Ze werken niet op dezelfde manier door op een onmiddellijke inning of een minnelijke schikking in strafzaken. Daarbovenop komen nog gerechtskosten en een eventuele verbeurdverklaring.
Art. 2ter: het lichtere regime, niet de bendevorm
Veel bronnen stellen art. 2ter voor als de bepaling over bendevorming of vereniging. Dat is onjuist. De vereniging en de criminele organisatie staan in art. 2bis, § 4 b), de leidend persoon in art. 2bis, § 5. Art. 2ter laat de Koning toe om voor bepaalde misdrijven een lichter regime vast te leggen, in afwijking van art. 2bis. Sinds 1 september 2026 gaat het om een van deze twee:
- een straf van niveau 1, met een geldboete van 200 euro bij een eerste inbreuk, maximaal 400 euro bij herhaling binnen een jaar na de eerste veroordeling en maximaal 800 euro bij een nieuwe herhaling binnen een jaar na de tweede veroordeling. Met de opdeciemen wordt dat 250, 500 en 1.000 euro;
- een straf van niveau 2, met een geldboete van ten hoogste 800.000 euro.
Voor feiten van vóór 1 september 2026 gold een oudere versie van art. 2ter, met lagere bedragen en een korte gevangenisstraf bij herhaling.
Herhaling en correctionalisering
Voor feiten vanaf 1 september 2026 geldt de algemene herhalingsregel van art. 60 Sw.: wie een nieuw misdrijf pleegt binnen vijf jaar nadat een eerdere veroordeling definitief werd, kan van de rechter een straf van het onmiddellijk hogere strafniveau krijgen. Dat is een mogelijkheid, geen automatisme. Voor feiten van voor die datum gold de oude regel: correctionele straffen konden worden verdubbeld en criminele straffen werden verzwaard volgens het toen geldende Strafwetboek.
Verzwarende omstandigheden
Hoewel de zwaardere vormen wettelijk misdaden zijn, belanden drugsdossiers in de praktijk vrijwel altijd voor de correctionele rechtbank via correctionalisering wegens verzachtende omstandigheden. Voor feiten van voor 1 september 2026 betekende dat: een vork van 5 tot 10 jaar levert maximaal 5 jaar op, 10 tot 15 jaar maximaal 10 jaar. Voor feiten vanaf die datum werkt het anders. Art. 30 en 36 Sw. laten de rechter toe om bij verzachtende omstandigheden een straf van het ene niveau te vervangen door een straf van het eerstvolgende of het daaropvolgende lagere niveau, bijvoorbeeld niveau 4 door niveau 3 of niveau 2. De concrete straf hangt af van uw rol, de duur, de hoeveelheden, uw antecedenten, een eventuele verslavingsproblematiek en uw houding na de feiten. Alternatieven zoals een werkstraf of een voorwaardelijke straf moeten tijdig én onderbouwd worden gevraagd.
1. Minderjarigen. De leeftijd is beslissend. Zijn de feiten gepleegd ten aanzien van een minderjarige boven de volle zestien jaar, dan blijft het bij niveau 3, maar weegt dat door in de straf; tussen twaalf en zestien jaar → niveau 4 (meer dan 5 tot 10 jaar); jonger dan twaalf jaar → niveau 5 (meer dan 10 tot 15 jaar). Het gaat bovendien niet enkel om verkoop aan een minderjarige: de wet spreekt van feiten "ten aanzien van" een minderjarige, wat ruim kan worden onderzocht.
2. Vereniging en criminele organisatie. Deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging of van een criminele organisatie als bedoeld in art. 406 Sw. valt onder art. 2bis, § 4 b) → niveau 5; deelneming als leidend persoon onder § 5 → niveau 6. De deelneming aan een criminele organisatie is daarnaast een eigen misdrijf in het Strafwetboek (art. 406 Sw., art. 324bis oud Sw. voor feiten van vóór 1 september 2026), dat het parket in grote dossiers vaak mee vervolgt.
3. Gezondheidsgevolgen of overlijden. Veroorzaakte het gebruik bij een ander een integriteitsaantasting van de derde graad, dan blijft het bij niveau 3, als verzwarende factor die de rechter moet meewegen. Overlijdt de gebruiker → niveau 4 (meer dan 5 tot 10 jaar).
4. Voorbereidende handelingen. Art. 2bis, § 7 bestraft ook wie, onder bezwarende titel of om niet, voorbereidende handelingen stelt met het oog op de aanmaak, verkoop, levering of illegale verschaffing. Die bepaling wordt ruim gelezen: niet alleen de verkoop zelf, maar alle handelingen die de illegale handel voorbereiden of vergemakkelijken, om elke schakel in de georganiseerde handel te kunnen vatten.
Speelt de soort drug een rol?
De strafvork van art. 2bis maakt fundamenteel geen onderscheid tussen soorten drugs: alle verboden verdovende middelen en psychotrope stoffen vallen onder dezelfde strafbepalingen. Het KB van 6 september 2017 legt de lijsten en categorieën vast, en de Koning kan daarbinnen onderscheiden. Er is dus geen lagere strafvork voor softdrugs bij handel.
In de straftoemeting weegt de soort drug wél zwaar: handel in cocaïne, heroïne of synthetische drugs wordt in de praktijk beduidend strenger bestraft dan beperkte cannabishandel, zeker bij aanwijzingen van organisatie, minderjarigen, wapens of grote winsten.
Verbeurdverklaring: wat kunt u verliezen?
In drugsdossiers gaat het zelden alleen over celstraf. De financiële afrekening weegt vaak zwaarder, en langer.
Voorwerpen, ook die van anderen. Art. 4 §6 Drugswet laat de verbeurdverklaring toe van voertuigen, toestellen, instrumenten of zaken die hebben gediend of bestemd waren om de misdrijven te plegen, of die er het voorwerp van uitmaken, uitdrukkelijk "zelfs indien ze niet het eigendom zijn van de veroordeelde". Gebruikt u de wagen van een vriend om te leveren, dan kan die wagen verbeurd worden verklaard, ook al is die persoon eigenaar. De verdediging moet hier precies werken rond eigendom, goede trouw en proportionaliteit.
Vermogensvoordelen. Daarnaast vordert het parket de verbeurdverklaring van de illegale opbrengsten op grond van het Strafwetboek. Politie en parket ramen die winst uit telefonieonderzoek en verklaringen van afnemers of medeverdachten, volgens de logica:
duur × frequentie × hoeveelheid × prijs
Cruciaal: de door u betaalde aankoopprijs wordt daarbij doorgaans niet in mindering gebracht. De raming gebeurt dus op de bruto omzet, waardoor een op het oog beperkte handel toch tot een zeer hoge verbeurdverklaring kan leiden, ook als het geld allang uitgegeven is.
De verbeurdverklaring moet de Procureur des Konings schriftelijk vorderen, en alleen de rechter spreekt ze uit. Betwist daarom nooit enkel de schuldvraag, maar ook de berekening: duur, frequentie, hoeveelheden, prijs, herkomst van cash en proportionaliteit. Waar geldstromen in beeld komen, dreigt bovendien een aparte tenlastelegging witwassen.
Het onderzoek: huiszoeking, tap en verhoor
Huiszoeking. In principe is een ondertekend huiszoekingsbevel van de onderzoeksrechter vereist, tenzij bij heterdaad of een andere wettelijke uitzondering. Controleer altijd: welk adres, welke feiten, welke onderzoeksrechter, welk tijdstip, en wat werd precies in beslag genomen? Lees meer over uw rechten bij een huiszoeking.
Telefonie, tap en BOM. Retroactief telefonieonderzoek en tap vereisen een bevel van de onderzoeksrechter. Observatie en infiltratie zijn bijzondere opsporingsmethoden (BOM), onder controle van de Kamer van Inbeschuldigingstelling. Onregelmatigheden zijn belangrijk, maar leiden niet automatisch tot vrijspraak of bewijsuitsluiting: de rechter toetst onder meer aan de betrouwbaarheid van het bewijs en het recht op een eerlijk proces.
Aanhouding. Na een arrestatie moet de onderzoeksrechter binnen 48 uur beslissen over een aanhoudingsmandaat. Daarna verschijnt u in principe binnen 5 dagen voor de raadkamer, die de voorlopige hechtenis vervolgens periodiek herbekijkt. Zie onze uitleg over de procedure bij aanhouding.
Verhoor. Gebruik uw Salduz-rechten. U mag zwijgen. Een korte, slecht voorbereide uitleg weegt later vaak zwaarder dan u verwacht. Lees vooraf wat een uitnodiging voor politieverhoor betekent.
Hoe een verdediging wordt opgebouwd
De verdediging werkt op vier assen: (1) bewijs, rechtmatig en betrouwbaar verkregen? (2) kwalificatie, handel, bezit, gebruikersverkoop of deelneming? (3) omvang, kloppen duur, frequentie, hoeveelheid en prijs? (4) straftoemeting, zijn opschorting, uitstel, probatie of werkstraf verdedigbaar?
Wat verandert het nieuwe Strafwetboek?
Het nieuwe Strafwetboek is op 1 september 2026 in werking getreden. Belangrijk voor deze pagina: de Drugswet van 24 februari 1921 wordt niet opgeslorpt. Zij blijft een bijzondere wet, drugshandel blijft dus in de Drugswet geregeld.
Wel heeft de wet van 16 maart 2026 (W 2026-03-16/13) de Drugswet, samen met onder meer de Wapenwet, afgestemd op het nieuwe systeem. Concreet:
- de verwijzingen naar het Strafwetboek zijn geactualiseerd: art. 324bis oud Sw. (criminele organisatie) is nu art. 406 Sw., en ook de nummers voor verbeurdverklaring en deelneming zijn gewijzigd;
- de straffen zijn heruitgedrukt in de acht strafniveaus van art. 36 Sw.;
- de terminologie is gemoderniseerd;
- de operatie was hoofdzakelijk wetgevingstechnisch, maar niet uitsluitend: sommige straffen zijn omhooggegaan, onder meer inzake criminele organisatie.
Voor een lopend dossier is vooral bepalend wanneer de feiten zijn gepleegd en welke wet toen gold; of een latere, mildere strafwet kan doorwerken, moet dossier per dossier worden beoordeeld.
Zo pakken wij het aan, drie voorbeelden
De volgende voorbeelden zijn illustratief en beschrijven hoe een verdediging kan verlopen. Ze zijn geen belofte over de uitkomst, elk dossier wordt op zijn eigen feiten beoordeeld.
1. Gebruikersverkoop verkeerd als handel gekwalificeerd. Situatie: Een cliënt met een verslaving verkocht kleine hoeveelheden om zijn eigen gebruik te bekostigen; het parket vervolgde dit als klassieke handel. Aanpak: De advocaat plaatste de feiten binnen de scharnier van art. 9 Drugswet (feiten van voor 1 september 2026) en onderbouwde het eigen gebruik met de context en het dossier. Resultaat (illustratief): De discussie verschoof van "dealer" naar gebruikersverkoop, wat de deur opende naar opschorting, uitstel of probatie in plaats van een klassieke celstraf.
2. Verbeurdverklaring op bruto-omzet betwist. Situatie: Het parket raamde een vermogensvoordeel op basis van duur × frequentie × hoeveelheid × prijs, zonder de aankoopprijs af te trekken. Aanpak: De advocaat betwistte de berekening post per post: de aangenomen frequentie, de hoeveelheden en de herkomst van de cash, en riep de proportionaliteit in. Resultaat (illustratief): Door de raming te ontleden in plaats van enkel de schuldvraag te betwisten, kwam een realistischer bedrag ter tafel.
3. Voertuig van een derde met verbeurdverklaring bedreigd. Situatie: Er dreigde verbeurdverklaring van een wagen die eigendom was van een familielid, op grond van art. 4 §6 Drugswet. Aanpak: De verdediging werkte rond eigendom, goede trouw en proportionaliteit en liet de positie van de eigenaar actief verdedigen. Resultaat (illustratief): De positie van de derde-eigenaar werd afzonderlijk in de procedure gebracht in plaats van onbesproken te blijven.
Onze aanpak: van eerste videocall tot nazorg
- Intake: videocall. In een videocall van 30 minuten (€ 60,50 incl. btw) overlopen we de tenlastelegging, wat er in beslag is genomen en wat u bij een verhoor te wachten staat.
- Strategie. We lezen het dossier en bepalen de as van uw verdediging: bewijs, kwalificatie (bezit, gebruikersverkoop of handel), omvang en straftoemeting.
- Onderhandeling of dagvaarding. Waar mogelijk sturen we op een gunstiger afhandeling; komt het tot een dagvaarding, dan bouwen we uw pleidooi en betwisten we ook de verbeurdverklaring.
- Procedure. We staan u bij voor de raadkamer en ter zitting, en bepleiten tijdig alternatieven zoals werkstraf, probatie of uitstel.
- Nazorg. We overlopen het vonnis, de gevolgen en de mogelijkheden (waaronder hoger beroep) en begeleiden de volgende stappen.
Een drugsdossier laat weinig ruimte voor improvisatie: de kwalificatie, de verbeurdverklaring en de eerste verklaring wegen zwaar door. Een advocaat strafrecht van LawBase leest uw dossier, bewaakt uw rechten bij verhoor en aanhouding en bouwt een onderbouwd verweer, of het nu gaat om betwisting van de handel, de berekening van het vermogensvoordeel of het bepleiten van een alternatieve straf. Bekijk ons volledige aanbod strafrecht.
Laat uw dossier vertrouwelijk beoordelen, zeker als er een verhoor of raadkamerzitting gepland staat.
Kunt u geen advocaat betalen? Dan is er mogelijk kosteloze tweedelijnsbijstand, zie pro-Deoadvocaat in strafzaken.
Stand van zaken: augustus 2026. De artikelnummers in dit artikel verwijzen naar het Strafwetboek van 1867. Op 1 september 2026 treedt het nieuw Strafwetboek (Sw. 2024) in werking (Wet van 29 februari 2024, BS 8 april 2024; de oorspronkelijk geplande datum van 8 april 2026 werd uitgesteld). Boek II wordt daarbij volledig hernummerd. Voor feiten gepleegd vóór 1 september 2026 blijft het Strafwetboek van 1867 van toepassing.
Wij actualiseren deze pagina met de nieuwe artikelnummers zodra de omzetting definitief is. Speelt uw dossier rond de datumgrens? Laat de kwalificatie nakijken door een advocaat strafrecht, welk regime van toepassing is, hangt af van de datum van de feiten.
Dichtstbijzijnde kantoor: LawBase Brugge(West-Vlaanderen)
Oosterlingenplein 4A, 8000 Brugge
Veelgestelde vragen
Gerelateerde Artikelen
Alle expertiseDrugsbezit eigen gebruik
Wat zijn de gevolgen van drugsbezit voor eigen gebruik in België? Leer alles over Artikel 2bis, boetes, de rol van het parket en praktische tips van de advocaten van LawBase.
Probatie uitstel
Alles over probatie-uitstel in België: voorwaarden, procedure bij de rechtbank en praktische tips van de advocaten van LawBase om een effectieve straf te vermijden.
Cannabisplantage straf
Alles over straffen bij een cannabisplantage in België: van gevangenisstraf en boetes tot de impact van de verbeurdverklaring. Juridisch advies door ervaren advocaten.