Terug naar Blog
    Burgerlijk Recht

    Wat moet ik betalen als ik een rechtszaak verlies?

    Mr. Peter-Jan De Meulenaere9 april 202514 min leestijd220 weergaven
    Delen:
    Wat moet ik betalen als ik een rechtszaak verlies?

    Wat moet ik betalen als ik een rechtszaak verliest?

    9 oktober 2023

    Als je betrokken raakt bij een rechtszaak en de zaak verliest, kan je te maken krijgen met de rechtsplegingsvergoeding. Dit is een vergoeding die je moet betalen aan de winnende partij om hun advocaatkosten te dekken. Het is daarom belangrijk om te weten wat de tarieven van de rechtsplegingsvergoeding in België zijn en wat je kunt verwachten als je een rechtszaak verliest.

    Wat is de rechtsplegingsvergoeding precies?

    Wat is de rechtsplegingsvergoeding precies?

    De rechtsplegingsvergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij, ten laste van de in het ongelijk gestelde partij. Dit betekent dat de wetgever heeft besloten om een deel van de advocaatkosten van de winnende partij te laten dragen door de verliezende partij. Het is geen volledige vergoeding van alle gemaakte kosten, maar een tegemoetkoming die deels is gebaseerd op de aard en het belang van de zaak. Het systeem van de rechtsplegingsvergoeding is ingevoerd om de toegang tot de rechter te verbeteren en tegelijkertijd te voorkomen dat partijen onnodig procedures aanspannen. Het is geregeld in artikel 1022 van het Gerechtelijk Wetboek.

    Praktisch voorbeeld: Stel, de heer Jansen heeft een vordering van 10.000 euro op mevrouw Peeters. Mevrouw Peeters weigert te betalen en de heer Jansen start een gerechtelijke procedure. De rechter stelt de heer Jansen in het gelijk. Mevrouw Peeters zal dan niet alleen de 10.000 euro moeten betalen aan de heer Jansen, maar ook een rechtsplegingsvergoeding aan de heer Jansen ter dekking van diens advocaatkosten.

    Wettelijke basis: Artikel 1022 van het Gerechtelijk Wetboek bepaalt: "De rechtsplegingsvergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij, ten laste van de in het ongelijk gestelde partij. De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de basis-, minimum- en maximumbedragen van de rechtsplegingsvergoeding, alsook de nadere regels voor de berekening ervan."

    De tarieven van de rechtsplegingsvergoeding in België zijn vastgelegd in de wet. Het bedrag van de vergoeding hangt af van verschillende factoren, zoals de waarde van de zaak en de aard van de vordering. Over het algemeen geldt dat hoe hoger de waarde van de zaak is, hoe hoger de rechtsplegingsvergoeding zal zijn.

    Hoe wordt de rechtsplegingsvergoeding berekend?

    Hoe wordt de rechtsplegingsvergoeding berekend?

    De concrete bedragen van de rechtsplegingsvergoeding worden vastgelegd in een Koninklijk Besluit. Dit besluit bevat tabellen met minimum- en maximumbedragen, alsook een basisbedrag, afhankelijk van de aard van de zaak en het bedrag van de vordering. Er wordt onderscheid gemaakt tussen zaken met een bepaalbare waarde (bijvoorbeeld een geldsom) en zaken met een onbepaalbare waarde (bijvoorbeeld een echtscheiding of een vordering tot staking van hinder). Voor zaken met een bepaalbare waarde zijn er verschillende schijven. Hoe hoger de waarde van de vordering, hoe hoger de rechtsplegingsvergoeding. De rechter kan, op verzoek van een partij en mits motivering, de rechtsplegingsvergoeding aanpassen binnen de wettelijke minimum- en maximumgrenzen. Dit kan gebeuren op basis van factoren zoals de financiële draagkracht van de verliezende partij, de complexiteit van de zaak, de aard van de vordering, de geleverde prestaties door de advocaat en het kennelijk onredelijke karakter van de vordering of verdediging.

    Praktisch voorbeeld: Voor een vordering van 10.000 euro kan het basisbedrag van de rechtsplegingsvergoeding bijvoorbeeld 1.200 euro bedragen. Dit bedrag kan door de rechter worden verhoogd tot een maximum van bijvoorbeeld 2.000 euro of verlaagd tot een minimum van 800 euro, afhankelijk van de specifieke omstandigheden van de zaak en de argumenten van de partijen.

    Wettelijke basis: Het Koninklijk Besluit van 26 oktober 2007 tot vaststelling van het tarief van de rechtsplegingsvergoeding (zoals gewijzigd) is de leidraad voor de concrete bedragen. Dit besluit specificeert de tarieven in verschillende categorieën, afhankelijk van de aard van de zaak en het belang van de vordering. De rechterlijke discretionaire bevoegdheid om af te wijken van het basisbedrag is eveneens vastgelegd in artikel 1022, §3 van het Gerechtelijk Wetboek.

    Bij een verloren rechtszaak moet de verliezende partij de rechtsplegingsvergoeding betalen aan de winnende partij. Het bedrag van de vergoeding kan variëren van enkele honderden tot duizenden euro's, afhankelijk van de omstandigheden van de zaak. Het is daarom belangrijk om een goede afweging te maken voordat je een rechtszaak begint.

    Welke andere kosten kunnen er nog bijkomen?

    Welke andere kosten kunnen er nog bijkomen?

    Naast de rechtsplegingsvergoeding zijn er nog andere kosten die een verliezende partij moet dragen. Dit zijn de zogenaamde gerechtskosten. Deze omvatten onder meer:

    • Rolrechten: Dit zijn de kosten voor het inschrijven van de zaak op de rol van de rechtbank. Deze kosten moeten door de eiser worden voorgeschoten, maar komen uiteindelijk ten laste van de verliezende partij.
    • Dagvaardingskosten: De kosten die de gerechtsdeurwaarder aanrekent voor het betekenen van de dagvaarding aan de tegenpartij.
    • Kosten van deskundigenonderzoek: Indien de rechtbank een deskundige aanstelt (bijvoorbeeld een architect, arts of boekhouder) om advies te geven, komen de kosten hiervan in principe ten laste van de verliezende partij.
    • Kosten van getuigen: Vergoedingen voor getuigen die voor de rechtbank moeten verschijnen.
    • Kosten van afschriften: Kosten voor het verkrijgen van afschriften van processtukken.

    Het is cruciaal om te begrijpen dat deze gerechtskosten, in tegenstelling tot de rechtsplegingsvergoeding, in principe volledig worden terugbetaald door de verliezende partij. De totale financiële impact van het verliezen van een rechtszaak kan dus aanzienlijk zijn en niet beperkt blijven tot enkel de rechtsplegingsvergoeding.

    Praktisch voorbeeld: In de zaak tussen de heer Jansen en mevrouw Peeters (vordering van 10.000 euro), zal mevrouw Peeters, naast de 10.000 euro en de rechtsplegingsvergoeding, ook de rolrechten (bijvoorbeeld 165 euro), de dagvaardingskosten (bijvoorbeeld 250 euro) en eventuele kosten van een door de rechtbank aangestelde deskundige (bijvoorbeeld 1.500 euro) moeten betalen.

    Wettelijke basis: De basis voor de gerechtskosten is te vinden in de artikelen 1017 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek. Artikel 1017 stelt: "Elk eindvonnis bevat de veroordeling tot de kosten van het geding van de in het ongelijk gestelde partij, onverminderd de toepassing van de artikelen 1022 en 1023."

    Als je overweegt om een rechtszaak te beginnen, is het belangrijk om een advocaat in te schakelen die je kan adviseren over de mogelijke kosten en risico's. Een ervaren advocaat kan je helpen bij het beoordelen van de haalbaarheid van je zaak en je adviseren over de mogelijke uitkomsten.

    Het belang van vroegtijdig advies en risicoanalyse

    Het belang van vroegtijdig advies en risicoanalyse

    Voordat men een gerechtelijke procedure start, is het van essentieel belang om een grondige risicoanalyse uit te voeren met een advocaat. Een advocaat kan niet alleen de juridische haalbaarheid van de zaak inschatten, maar ook een realistische inschatting maken van de potentiële kosten als de zaak verloren wordt. Dit omvat niet alleen de eigen advocaatkosten, maar ook de mogelijke rechtsplegingsvergoeding en alle andere gerechtskosten die aan de tegenpartij betaald moeten worden. Soms kan een schikking buiten de rechtbank, hoewel dit een toegeving kan inhouden, financieel voordeliger zijn dan een langdurige en onzekere procedure. Een advocaat kan ook adviseren over alternatieve geschillenbeslechting, zoals bemiddeling of arbitrage, die vaak minder kostenintensief zijn.

    Praktisch voorbeeld: Een bedrijf overweegt een vordering van 50.000 euro tegen een klant. De advocaat van het bedrijf analyseert de zaak en schat de kansen op succes in op 60%. De advocaat legt uit dat bij verlies de rechtsplegingsvergoeding en andere gerechtskosten al snel 5.000 tot 10.000 euro kunnen bedragen, bovenop de eigen advocaatkosten. De advocaat kan dan voorstellen om eerst een bemiddelingspoging te doen, waarbij de klant misschien bereid is om 30.000 euro te betalen, wat een snellere en goedkopere oplossing kan zijn dan procederen met een onzekere uitkomst.

    Rechtspraak referentie: Het Hof van Cassatie heeft in diverse arresten het belang van een zorgvuldige motivering van de rechtsplegingsvergoeding door de rechter benadrukt, wat impliceert dat de rechter rekening houdt met de specifieke omstandigheden van de zaak en de argumenten van de partijen. Dit onderstreept de noodzaak van een gedegen voorbereiding en argumentatie door de advocaat.

    Als je een rechtszaak verliest en te maken krijgt met de rechtsplegingsvergoeding, is het belangrijk om snel actie te ondernemen. Een advocaat kan je helpen bij het beoordelen van de hoogte van de vergoeding en kan eventueel onderhandelen over een betalingsregeling.

    Mogelijkheden na een verloren rechtszaak

    Mogelijkheden na een verloren rechtszaak

    Wanneer een partij de rechtszaak verliest en geconfronteerd wordt met de betaling van de rechtsplegingsvergoeding en andere gerechtskosten, zijn er nog steeds mogelijkheden. Ten eerste kan de verliezende partij besluiten om in beroep te gaan of cassatieberoep in te stellen, indien de wettelijke voorwaarden hiervoor vervuld zijn. Echter, dit brengt nieuwe kosten en risico's met zich mee. Ten tweede, als betaling van de vergoeding problematisch is, kan een advocaat proberen om met de winnende partij of diens advocaat te onderhandelen over een betalingsregeling. Dit kan inhouden dat de betaling in termijnen gebeurt of dat er een lager bedrag wordt overeengekomen. Een dergelijke regeling moet schriftelijk worden vastgelegd om misverstanden te voorkomen. Het is van groot belang om niet te wachten totdat de gerechtsdeurwaarder aan de deur staat, maar proactief te handelen en juridisch advies in te winnen.

    Praktisch voorbeeld: Mevrouw De Wit verliest een rechtszaak en moet 3.000 euro rechtsplegingsvergoeding en 1.500 euro gerechtskosten betalen. Zij kan dit bedrag niet in één keer ophoesten. Haar advocaat neemt contact op met de advocaat van de winnende partij en stelt voor om de schuld af te betalen in zes maandelijkse termijnen van 750 euro. Na onderhandeling gaat de winnende partij akkoord, op voorwaarde dat een schriftelijke overeenkomst wordt opgesteld.

    Wettelijke basis: De mogelijkheid tot beroep is geregeld in de artikelen 1050 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek. De uitvoering van rechterlijke beslissingen en de rol van de gerechtsdeurwaarder zijn te vinden in de artikelen 1386 en volgende van het Gerechtelijk Wetboek. Hoewel er geen specifieke wetsartikelen zijn over het onderhandelen over betalingsregelingen, is dit een gangbare praktijk die valt onder de algemene beginselen van contractvrijheid en minnelijke schikking.

    Neem contact op met ons kantoor voor meer informatie over de rechtsplegingsvergoeding en hoe wij je kunnen helpen bij een eventuele rechtszaak. Onze advocaten hebben ruime ervaring op dit gebied en kunnen je adviseren en bijstaan tijdens het hele proces.

    Veelgestelde Vragen (FAQ)

    1. Kan de rechter de rechtsplegingsvergoeding kwijtschelden of volledig annuleren?

    Nee, de rechter kan de rechtsplegingsvergoeding niet volledig kwijtschelden of annuleren. De wet voorziet wel de mogelijkheid voor de rechter om de vergoeding aan te passen binnen de vastgelegde minimum- en maximumbedragen. Dit kan gebeuren op basis van specifieke criteria zoals de financiële draagkracht van de verliezende partij, de complexiteit van de zaak, of het kennelijk onredelijke karakter van de vordering. De rechter moet deze afwijking van het basisbedrag wel motiveren. Een volledige kwijtschelding is echter niet mogelijk, aangezien de rechtsplegingsvergoeding een wettelijk bepaalde tegemoetkoming is voor de advocaatkosten van de winnende partij.

    2. Wat gebeurt er als ik de rechtsplegingsvergoeding niet kan betalen?

    Als je de rechtsplegingsvergoeding niet kunt betalen, kan de winnende partij overgaan tot gedwongen uitvoering van het vonnis. Dit betekent dat zij via een gerechtsdeurwaarder beslag kunnen laten leggen op je inkomsten, roerende goederen (bijvoorbeeld je bankrekening of auto) of onroerende goederen (bijvoorbeeld je huis). Het is daarom cruciaal om, zodra je weet dat je moet betalen en je dit financieel moeilijk ligt, onmiddellijk contact op te nemen met je advocaat. Deze kan proberen om een betalingsregeling te treffen met de advocaat van de winnende partij om zo gedwongen invordering te voorkomen.

    3. Geldt de rechtsplegingsvergoeding ook voor zaken voor de vrederechter of de arbeidsrechtbank?

    Ja, de regels inzake de rechtsplegingsvergoeding zijn van toepassing op alle rechtbanken, inclusief de vrederechter en de arbeidsrechtbank. De bedragen kunnen echter verschillen afhankelijk van de aard en het belang van de vordering, die vaak lager liggen bij de vrederechter dan bij de rechtbank van eerste aanleg. Ook voor de arbeidsrechtbank zijn er specifieke tarieven van toepassing, die rekening houden met de aard van de arbeidsrechtelijke geschillen. Het principe dat de verliezende partij de rechtsplegingsvergoeding betaalt, blijft echter onverkort gelden.

    4. Kan ik zelf de rechtsplegingsvergoeding eisen als ik zonder advocaat procedeer en win?

    Nee, de rechtsplegingsvergoeding is specifiek bedoeld als een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten en erelonen van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij. Als je zonder advocaat procedeert en wint, heb je geen advocaatkosten gemaakt die door de tegenpartij vergoed moeten worden. In dat geval kun je dus geen aanspraak maken op een rechtsplegingsvergoeding. Dit is een van de redenen waarom het inschakelen van een advocaat vaak aanbevolen wordt, zelfs als je denkt dat je een sterke zaak hebt.

    5. Wat is het verschil tussen gerechtskosten en de rechtsplegingsvergoeding?

    Gerechtskosten omvatten een breder scala aan uitgaven dan de rechtsplegingsvergoeding. Ze omvatten onder meer griffierechten, kosten voor dagvaarding door een gerechtsdeurwaarder, kosten van deskundigenonderzoek en eventuele getuigenvergoedingen. De rechtsplegingsvergoeding is specifiek een forfaitaire tegemoetkoming in de advocaatkosten van de winnende partij, terwijl gerechtskosten alle noodzakelijke uitgaven dekken die direct verband houden met de procedure zelf. Beide kunnen ten laste van de verliezende partij worden gelegd.

    6. Kan ik beroep aantekenen tegen de hoogte van de rechtsplegingsvergoeding?

    Ja, het is mogelijk om beroep aan te tekenen tegen de hoogte van de toegekende rechtsplegingsvergoeding, zowel door de partij die moet betalen als door de partij die de vergoeding ontvangt. Dit moet dan gebeuren in het kader van een hoger beroep tegen het volledige vonnis. De hogere rechtbank zal dan opnieuw de criteria beoordelen, zoals de complexiteit van de zaak en de gepresteerde arbeid, om te bepalen of het bedrag rechtmatig is vastgesteld binnen de wettelijke marges.

    7. Wat als ik een zaak verlies tegen de overheid? Moet ik dan ook de rechtsplegingsvergoeding betalen?

    Ja, de regels inzake de rechtsplegingsvergoeding zijn in principe ook van toepassing wanneer je een zaak verliest tegen de overheid. De overheid, als procespartij, heeft eveneens recht op een tegemoetkoming in haar advocaatkosten indien zij in het gelijk wordt gesteld. Er zijn geen specifieke uitzonderingen voor zaken tegen de overheid, tenzij er specifieke wetgeving van toepassing is die anders bepaalt, wat zelden het geval is voor de rechtsplegingsvergoeding.

    8. Zijn er situaties waarin de rechter beslist dat elke partij zijn eigen kosten draagt, zelfs als er een winnaar en verliezer is?

    Ja, de rechter heeft de mogelijkheid om te beslissen dat elke partij zijn eigen kosten draagt, zelfs als er formeel een winnende en verliezende partij is. Dit gebeurt meestal in gevallen waarbij de rechter oordeelt dat beide partijen deels in het ongelijk zijn gesteld (gedeeltelijk gelijk, gedeeltelijk ongelijk, art. 1017 Ger.W.). Ook kan de rechter oordelen dat, gelet op de omstandigheden van de zaak, het onbillijk zou zijn om de verliezende partij alle kosten te laten dragen. Dit is een discretionaire bevoegdheid van de rechter.

    9. Hoe wordt de rechtsplegingsvergoeding berekend bij meerdere verliezende partijen?

    Wanneer er meerdere verliezende partijen zijn, kan de rechter beslissen dat zij hoofdelijk of in solidum gehouden zijn tot betaling van de rechtsplegingsvergoeding. Dit betekent dat de winnende partij de volledige vergoeding van één van de verliezende partijen kan eisen, waarna deze partij eventueel een deel kan terugvorderen van de andere verliezende partijen. De rechter kan ook de rechtsplegingsvergoeding verdelen over de verliezende partijen, rekening houdend met hun individuele aandeel in het geschil of hun draagkracht.

    10. Wat als de vordering wordt afgewezen omdat deze onontvankelijk is verklaard? Moet ik dan ook betalen?

    Ja, ook als een vordering onontvankelijk wordt verklaard, wordt de eiser in principe beschouwd als de verliezende partij. Onontvankelijkheid betekent dat de rechter de vordering inhoudelijk niet kan behandelen, bijvoorbeeld omdat een procedurele voorwaarde niet is vervuld. De partij die de onontvankelijke vordering heeft ingesteld, zal dan veroordeeld worden tot het betalen van de gerechtskosten en de rechtsplegingsvergoeding aan de verweerder, die in het gelijk is gesteld.

    Veelgestelde vragen

    Meer over Burgerlijk Recht

    Hulp bij aansprakelijkheid, schadevergoeding en contracten.

    Vragen over dit onderwerp?

    Neem vrijblijvend contact op voor persoonlijk advies van onze advocaten in Brugge.