
Opgevoerde bromfiets: Politierechter weigert opschorting wegens 'asociale gedraging' en legt boete en verval van recht tot sturen op
In deze zaak voor de Politierechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, stond een beklaagde terecht voor feiten die voortvloeiden uit het besturen van een opgevoerde bromfiets. De tenlasteleggingen omvatten drie misdrijven: het in het verkeer brengen van een motorrijtuig zonder de verplichte burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekering, het besturen van dit voertuig zonder het vereiste rijbewijs, en het gebruik van een voertuig dat niet meer gelijkvormig was met het goedgekeurde type. Volgens het vonnis reed de beklaagde met een 'opgefokte' bromfiets, waarvoor hij niet verzekerd was en geen rijbewijs had. De verdediging verzocht om opschorting van de uitspraak, maar het Openbaar Ministerie adviseerde ongunstig. De rechter volgde het Openbaar Ministerie en wees het verzoek af. De rechtbank oordeelde de feiten te ernstig voor een gunstmaatregel en benadrukte het asociale karakter van het rijden zonder rijbewijs en zonder verzekering. Een "maatschappelijke terechtwijzing in de vorm van een straf" werd noodzakelijk geacht. Op basis van de samenloopregels (art. 65 oud Sw.) werd één straf uitgesproken: een geldboete van €1.600, een verval van het recht tot sturen van 15 dagen, en de betaling van de gerechtskosten en bijdragen. De rechtbank verleende een gedeeltelijk uitstel voor €400 van de geldboete.