Terug naar Blog
    Familierecht

    Week-weekverblijf en kinderalimentatie: wat besliste het hof?

    Mr. Peter-Jan De Meulenaere3 november 202611 min leestijd
    Delen:

    Geschreven door een LawBase expert

    Mr. Peter-Jan De Meulenaere
    Mr. Peter-Jan De Meulenaere

    Advocaat – Vennoot bij LawBase

    Peter-Jan is gespecialiseerd in verkeersrecht, vastgoedrecht en erfrecht. Hij staat cliënten bij met praktisch juridisch advies en een persoonlijke aanpak.

    Meer over ons team
    4.9/5 Google
    531+ reviews
    4.000+ dossiers beoordeeld
    Google 4.9/5 (353) · Trustlocal 9.7/10 (178)

    Hulp nodig bij uw situatie?

    Persoonlijk advies van een advocaat.

    Week-weekverblijf en kinderalimentatie: wat besliste het hof?
    In het kort11 min leestijd

    Wat gebeurt er met de kinderalimentatie als het verblijf wijzigt naar een week-weekregeling? Het hof van beroep van Gent oordeelde op 6 januari 2026 dat de regeling dan, op vraag van een ouder, volledig opnieuw wordt beoordeeld en dat er bij gelijk verblijf in beginsel geen bijdrage meer is.

    Inleiding

    Uw kind verbleef jarenlang vooral bij één ouder en de andere ouder betaalde een vast bedrag aan onderhoudsgeld. Dan komt er een week-weekregeling. Wordt het oude bedrag dan gewoon wat verlaagd, of moet alles opnieuw worden berekend? En moet er bij een gelijk verdeeld verblijf nog wel iets betaald worden?

    Het hof van beroep van Gent gaf op 6 januari 2026 een helder antwoord. Verandert de verblijfsregeling zo dat een ouder meer in natura presteert en vraagt een ouder een nieuwe beoordeling, dan moet de familierechter de onderhoudsregeling in haar geheel herbeoordelen, en niet enkel het oude bedrag proportioneel aanpassen. Bij een gelijkmatig verdeeld verblijf met gelijke prestaties in natura is er in beginsel geen onderhoudsbijdrage meer: elke ouder laat het kind tijdens zijn eigen week delen in zijn eigen levensstandaard. Het hof wees ook de vraag af om één ouder alleen de medische beslissingen te laten nemen.

    De uitspraak is gepubliceerd op Juportal onder ECLI:BE:HBGNT:2026:ARR.20260106.1.

    De feiten: van een vast bedrag naar een week-weekregeling

    Een moeder en een vader zijn de ouders van één schoolgaand kind. In 2019 sloten zij een akkoord: de vader betaalde een vaste maandelijkse onderhoudsbijdrage van 350 euro voor de gewone kosten.

    Vanaf november 2022 gold een 9-5-regeling; in de berekening kwam dat neer op 65% van de zorg bij de moeder en 35% bij de vader. Met het vonnis van de eerste rechter kwam er een gelijkmatig verdeeld verblijf. Een maatschappelijk onderzoek had een week-weekregeling geadviseerd.

    De familierechtbank in Gent besliste in een vonnis van maart 2025 onder meer het volgende:

    • er komt een gelijkmatig verdeeld verblijf in een week-weekregeling, met wissel op vrijdag via de school, en een vakantieregeling;
    • voor de periode van november 2022 tot het vonnis betaalt de vader een onderhoudsbijdrage van 130 euro per maand;
    • vanaf het vonnis is er geen onderhoudsbijdrage meer: elke ouder draagt de gewone kosten tijdens zijn eigen verblijfsperiode;
    • de buitengewone kosten worden verdeeld volgens een verdeelsleutel van 57% voor de vader en 43% voor de moeder;
    • het groeipakket en de fiscale en sociale voordelen worden bij helften verdeeld.

    De moeder ging in hoger beroep. Zij vroeg onder meer:

    • het exclusieve ouderlijk gezag voor de medische beslissingen over een gezondheidskwestie van het kind;
    • een ongelijk verblijf, waarbij het kind om de week van vrijdag tot dinsdag bij de vader zou zijn;
    • hogere onderhoudsbijdragen, onder meer ruim 340 euro per maand voor de periode van de 9-5-regeling en ongeveer 210 euro per maand bij een week-weekregeling;
    • een andere verdeelsleutel voor de buitengewone kosten: 72% voor de vader en 28% voor zichzelf.

    De vader vroeg de bevestiging van het vonnis.

    Bereken uw alimentatie

    Krijg direct een indicatie van de alimentatiebijdrage op basis van uw situatie.

    Bereken Nu

    Alimentatie PRO Simulator

    Bereken in enkele minuten wat u zou betalen of ontvangen bij élke mogelijke verblijfsregeling — week-om-week, weekend, 9/5, 1/3-2/3 — en stuur een onderbouwd voorstel naar uw ex-partner. Klaar voor uw gesprek met bemiddelaar of advocaat.

    • Vergelijk wat u betaalt of ontvangt bij elke verblijfsregeling
    • Stuur een concreet voorstel naar uw ex-partner — met opvolging (bekeken / akkoord)
    • Onderhandelingsdocument voor uw gesprek met bemiddelaar of advocaat
    • Juridisch onderbouwd, ook zonder juridische voorkennis te begrijpen
    Elke verblijfsregelingVoorstel naar ex-partnerKlaar voor onderhandeling

    Het wettelijk kader

    Het hof steunt op het oud Burgerlijk Wetboek en het Gerechtelijk Wetboek. Hieronder de belangrijkste regels, aangevuld met enkele algemene bepalingen die het hof niet uitdrukkelijk aanhaalt:

    • Onderhoudsplicht. De ouders zorgen naar evenredigheid van hun middelen voor de huisvesting, het levensonderhoud, de gezondheid, het toezicht, de opvoeding, de opleiding en de ontplooiing van hun kinderen (artikel 203, § 1 oud BW).
    • Middelen. Daaronder vallen onder meer alle beroepsinkomsten, roerende en onroerende inkomsten van de ouders, en alle voordelen en andere middelen die hun levensstandaard en die van de kinderen waarborgen (artikel 203, § 2 oud BW).
    • Verdeling. Elke ouder draagt bij in de kosten in verhouding tot zijn aandeel in de samengevoegde middelen (artikel 203bis, § 1 oud BW).
    • Gewone en buitengewone kosten. De kosten omvatten de gewone kosten van het dagelijkse onderhoud en de buitengewone kosten: uitzonderlijke, noodzakelijke of onvoorzienbare uitgaven die voortvloeien uit toevallige of ongewone gebeurtenissen en die het gebruikelijke budget overschrijden (artikel 203bis, § 3 oud BW). Welke kosten buitengewoon zijn, werkt het KB van 22 april 2019 verder uit.
    • Motivering. Een vonnis over de onderhoudsbijdrage vermeldt onder meer de middelen van elke ouder, de gewone kosten van het kind, de verblijfsregeling en de bijdrage in natura die daaruit volgt (artikel 1321, § 1 Ger.W.), en verduidelijkt hoe die elementen in acht werden genomen (artikel 1321, § 2 Ger.W.). Die regels komen uit de wet van 19 maart 2010.
    • Ouderlijk gezag. Ouders die niet samenleven, blijven het gezag gezamenlijk uitoefenen. Bij gebrek aan overeenstemming over onder meer belangrijke beslissingen over de gezondheid van het kind kan de familierechtbank de uitoefening ervan uitsluitend aan één ouder opdragen (artikel 374, § 1 oud BW).
    • Verblijf. Bij gebrek aan akkoord en bij gezamenlijk gezag onderzoekt de rechtbank, op vraag van minstens één ouder, bij voorrang een gelijkmatig verdeeld verblijf. Is dat niet de meest passende oplossing, dan kan zij een ongelijk verblijf vastleggen (artikel 374, § 2 oud BW).
    • Nieuwe elementen. Zaken over onder meer onderhoud, verblijf en gezag blijven ingeschreven op de rol van de familierechtbank. Bij nieuwe elementen kan dezelfde zaak opnieuw voor de rechtbank worden gebracht (artikel 1253ter/7, § 1 Ger.W.).

    Hoe redeneerde het hof van beroep?

    1. Geen exclusief gezag voor de medische beslissingen

    Het hof vertrekt van de regel: "Overeenkomstig de wet oefenen ouders in beginsel gezamenlijk het ouderlijk gezag uit over hun gemeenschappelijke kinderen." Het hof is "in het algemeen terughoudend" om het gezag aan een ouder te ontzeggen en doet dat in de regel slechts wanneer de gezamenlijke uitoefening strijdig zou zijn met het belang van het kind. Volgens het hof geldt "dat een kind er in beginsel en in het algemeen, belang bij heeft beide ouders als volwaardige ouder te hebben".

    Exclusief gezag voor de gezondheid vereist een voldoende ernstig gebrek aan overeenstemming over belangrijke beslissingen over de gezondheid van het kind. Dat bleek hier niet uit de stukken die de moeder voorlegde. Beide ouders hadden aandacht voor de gezondheid van het kind en stonden inhoudelijk niet ver uit elkaar. Het hof wees de vraag af.

    2. De week-weekregeling blijft

    Het hof wijst erop "dat de wetgever vraagt om bij voorrang de mogelijkheid van een gelijkmatig verdeeld verblijf te onderzoeken". Het maatschappelijk onderzoek had een week-weekregeling geadviseerd. Het hof bevestigde die regeling en ook de vakantieregeling.

    3. Bij een verblijfswijziging wordt alles opnieuw beoordeeld

    Ouders mogen afspraken maken over hun bijdrage in het onderhoud van hun kind, zolang die niet ingaan tegen de openbare orde of de belangen van het kind. Maar: "Eens blijkt dat er gewijzigde omstandigheden zijn, zoals een aanpassing van een verblijfsregeling en navenant hogere prestaties in natura door een ouder, die rechtvaardigen dat de onderhoudsregeling opnieuw wordt beoordeeld, moet de familierechter op vordering van een partij en binnen het beschikkingsbeginsel, onderzoeken welke onderhoudsregeling moet worden bepaald opdat partijen zouden bijdragen in het onderhoud van hun kind in verhouding tot hun aandeel in de beschikbare middelen. Dit wil zeggen dat dan de onderhoudsregeling in zijn geheel moet worden herbeoordeeld."

    Het oude bedrag van 350 euro werd dus niet proportioneel verminderd, maar helemaal herberekend.

    4. De berekening voor de periode van de 9-5-regeling

    Voor de periode van november 2022 tot het vonnis werkte de eerste rechter met de volgende stappen; het hof liet die berekening binnen de appreciatiemarge van de eerste rechter staan:

    • Aandeel in de middelen. Op basis van het netto inkomen en het netto verdienvermogen van elke ouder, zonder aftrek van de niet-samendrukbare kosten, kwam de eerste rechter tot een verhouding van 57% voor de vader en 43% voor de moeder.
    • Kosten van het kind. Met een tabel uit de rechtsleer werden de kosten van het kind geraamd op afgerond 900 euro per maand bruto, of 780 euro netto na aftrek van ongeveer 120 euro groeipakket.
    • Wat elke ouder moet dragen. De vader moest 57% van 780 euro dragen, afgerond 445 euro; de moeder 43%, afgerond 335 euro.
    • Wat elke ouder in natura presteert. Bij de 9-5-regeling nam de vader 35% van de zorg op zich. Hij presteerde dus 35% van 900 euro in natura, dat is 315 euro. De moeder presteerde netto 465 euro (65% van 900 euro, of 585 euro, min het groeipakket van 120 euro).
    • Het verschil. De vader moest 445 euro dragen en presteerde er 315 in natura. Het verschil, 130 euro per maand, is de bijdrage die hij aan de moeder moest betalen.

    5. Bij gelijk verblijf: in beginsel geen bijdrage

    Vanaf het vonnis gold een gelijkmatig verdeeld verblijf met gelijke prestaties in natura. Het hof oordeelde: "Tenzij er sprake zou zijn van bijzondere omstandigheden die er in deze zaak niet zijn, impliceert dat ook dat elke ouder het kind in de eigen levensstandaard van het gezin laat delen voor de eigen gelijke verblijfsperiode, en dat op die manier automatisch in natura wordt gepresteerd in verhouding tot het aandeel in de beschikbare middelen".

    In die redenering draagt elke ouder al in verhouding tot zijn middelen bij, via de levensstandaard die hij het kind tijdens zijn verblijf biedt. Een bijdrage was hier dus niet meer verschuldigd.

    6. De rekenmethode valt binnen de appreciatiemarge

    Het hof maakte ook een eigen, alternatieve berekening. Daarbij trok het de niet-samendrukbare kosten van elke ouder af. De verhouding kwam dan uit op 52% voor de vader en 48% voor de moeder. Zelfs als het hof een bijkomend voordeel van ongeveer 350 euro per maand bij het inkomen van de vader telde, kwam de verhouding op 56% tegenover 44%. Volgens die berekeningen lag het aandeel van de moeder dus eerder hoger dan de 43% waarmee de eerste rechter rekende. Met de verdeling van de eerste rechter zou de moeder minder bijdragen dan haar aandeel. Ook daarom was haar hoger beroep ongegrond.

    Er bestaan verschillende rekenmethodes en tabellen. Het hof merkt op "dat het ramen van inkomsten en kosten altijd beredeneerd giswerk vraagt en slechts tot doel heeft de onderlinge verhouding (en de levensstandaard) benaderend te begroten". Waar het om gaat: "Van belang is dat er een redenering wordt opgebouwd en uiteengezet die begrijpelijk, billijk en coherent is, en dat op dezelfde wijze en op een vergelijkbare manier wordt geredeneerd voor zowel vader als moeder."

    De beslissing

    Het hof van beroep verklaarde het hoger beroep van de moeder ontvankelijk, maar ongegrond. Het bevestigde het vonnis van de familierechtbank volledig. De moeder moest de gedingkosten in hoger beroep dragen, waaronder een rechtsplegingsvergoeding van ruim 1.880 euro aan de vader.

    Wat betekent dit voor u?

    U hebt of krijgt een week-weekregeling

    Bij een gelijk verdeeld verblijf met gelijke prestaties in natura is er in beginsel geen maandelijkse onderhoudsbijdrage meer. Elke ouder draagt de gewone kosten tijdens zijn eigen week. Dat is geen automatisme: het hof maakt uitdrukkelijk een voorbehoud voor bijzondere omstandigheden. Het hof zegt niet welke omstandigheden bijzonder zijn. Meent u dat ze er in uw geval zijn, onderbouw dat dan concreet met stukken.

    De buitengewone kosten blijven verdeeld

    Ook zonder maandelijkse bijdrage blijven de buitengewone kosten, zoals bepaalde medische kosten of schoolkosten, te verdelen volgens een verdeelsleutel. Die sleutel volgt uit het aandeel van elke ouder in de middelen. In deze zaak was dat 57% en 43%. Dat percentage is geen norm: het is de uitkomst van de cijfers in deze zaak.

    Uw oude afspraak wordt niet zomaar bijgesteld

    Is het verblijf gewijzigd sinds u een vast bedrag afsprak? Vraagt een ouder een aanpassing en rechtvaardigt de wijziging een nieuwe beoordeling, dan berekent de rechter de bijdrage volledig opnieuw, op basis van de middelen van beide ouders, de kosten van het kind en de verblijfsregeling van dat moment.

    Medische beslissingen neemt u in principe samen

    Wie alleen over de gezondheid van het kind wil beslissen, moet met stukken een voldoende ernstig gebrek aan overeenstemming over belangrijke beslissingen aantonen. Liggen de standpunten inhoudelijk dicht bij elkaar, dan blijft het gezag in de regel gezamenlijk.

    Wat de uitspraak niet zegt

    • Het gaat om één concrete zaak: de inkomens, de kindkosten en de percentages zijn ramingen in die zaak.

    Stappenplan: alimentatie bij een (nieuwe) week-weekregeling

    • Stap 1: breng de werkelijke verblijfsregeling in kaart. Hoeveel nachten per twee weken is het kind bij elke ouder? Dat bepaalt de prestaties in natura.
    • Stap 2: verzamel de inkomensstukken van beide ouders. Loonfiches, aanslagbiljetten en voordelen zoals een salariswagen (artikel 203, § 2 oud BW).
    • Stap 3: lijst de kosten van het kind op. Maak een onderscheid tussen gewone kosten en buitengewone kosten (artikel 203bis, § 3 oud BW). Bewaar facturen en betaalbewijzen.
    • Stap 4: probeer eerst tot een akkoord te komen. Een duidelijke schriftelijke afspraak over verblijf, gewone en buitengewone kosten en de verdeelsleutel voorkomt veel discussie.
    • Stap 5: lukt het niet, stap dan naar de familierechtbank. Bij nieuwe elementen kan de zaak opnieuw voor de familierechtbank worden gebracht (artikel 1253ter/7, § 1 Ger.W.). Onderbouw uw vraag met een berekening die voor beide ouders op dezelfde manier is opgebouwd.

    Meer achtergrond vindt u in onze artikels over hoe kinderalimentatie wordt berekend, welke kosten buitengewoon zijn, hoe de verblijfsregeling bij co-ouderschap wordt bepaald, het verschil tussen ouderlijk gezag en verblijf en de fiscale voordelen bij co-ouderschap.

    Wanneer schakelt u een advocaat in?

    Een wijziging van het verblijf heeft vaak grote gevolgen voor de alimentatie. Een berekening die voor beide ouders op dezelfde manier redeneert, maakt het verschil.

    LawBase bekijkt uw situatie, maakt de berekening en zoekt eerst naar een akkoord. Lukt dat niet, dan verdedigen wij u voor de familierechtbank of in hoger beroep. Wij werken voor cliënten in heel Vlaanderen en Brussel, met kantoren in Brugge, Gent, Antwerpen, Sint-Niklaas, Tongeren en Leuven. Een telefonisch gesprek van 15 minuten kost € 24,20 incl. btw, een videocall van 30 minuten € 60,50 incl. btw en een consultatie op kantoor van 60 minuten € 90,75 incl. btw.

    Wilt u eerst weten hoe sterk u staat? Laat uw situatie beoordelen via Mijn dossier beoordelen of neem rechtstreeks contact op. Meer recente uitspraken vindt u in ons overzicht van rechtspraak.

    Bron

    Hof van beroep Gent, familiekamer, arrest van 6 januari 2026, ECLI:BE:HBGNT:2026:ARR.20260106.1, gepubliceerd op Juportal. Het hof van beroep oordeelde als feitenrechter in één concrete zaak; de bedragen en percentages zijn de uitkomst van de gegevens in die zaak.

    Google 4.9/5 (353) · Trustlocal 9.7/10 (178)

    Hulp nodig bij uw situatie?

    Persoonlijk advies van een advocaat.

    Wettelijk Kader

    Dit artikel is gebaseerd op de volgende Belgische wetgeving:

    Veelgestelde vragen

    Meer over Familierecht

    Expertise in echtscheiding, alimentatie en ouderschapsregelingen.

    Kindregeling PRO — Ouderschapsovereenkomst

    Stel een sluitende ouderschapsovereenkomst op: verblijfsregeling, vakantieregeling en kostenverdeling — klaar voor de familierechtbank.

    • Alle afspraken — verblijf, vakantie, school en kosten — in één document
    • Onderbouwd via de Methode-Renard voor kostenverdeling
    • Advocatencontrole vóór neerlegging
    • Vaste prijs en duidelijk stappenplan
    VerblijfsregelingVakantie & kostenKlaar voor familierechtbank

    Mijn Dossier Beoordelen

    Ontvang direct inzicht in uw zaak, een plan van aanpak en een kostenindicatie.

    Meer info: cookie beleid · privacy