Handelshuur: Bescherming voor Handelaars

    De handelshuurwet biedt specifieke bescherming aan handelaars. Wij adviseren zowel huurders als verhuurders bij handelshuurgeschillen in heel Vlaanderen.
    Google 4.9/5 (175) · Trustlocal 9.7/10 (178)050 67 32 06

    HuurClaim PRO — onbetaalde huur innen

    Onbetaalde commerciële huur of een geschil rond hernieuwing? Met HuurClaim PRO start u zelf een juridisch correct invorderingstraject — van ingebrekestelling tot verzoekschrift voor de vrederechter.

    • Alles in één dossier — overzicht, documenten en status op één plek
    • Juridisch sluitende ingebrekestelling, klaar in enkele minuten
    • Duidelijk stappenplan: van eerste aanmaning tot verzoekschrift vrederechter
    • Begeleiding door een advocaat bij elke stap, met indicatieve kosten vooraf
    Ingebrekestelling + aangetekendVerzoekschrift vrederechterStukkenbundel automatisch

    De Handelshuurwet

    De wet van 30 april 1951 beschermt huurders die een onroerend goed in hoofdzaak gebruiken voor kleinhandel of het bedrijf van een ambachtsman, met rechtstreeks contact met het publiek (art. 1). Die wet leeft voort als afdeling 2bis van boek III, titel VIII, hoofdstuk II van het oud Burgerlijk Wetboek (opschrift gewijzigd bij wet van 13 april 2019, in werking op 1 november 2020). Ze is van dwingend recht en geldt automatisch zodra aan de toepassingsvoorwaarden is voldaan.

    Belangrijk — de handelshuur is geregionaliseerd, maar slechts op vier plaatsen. Slechts vier artikelen hebben een gewestelijke variant; alle andere artikelen van de afdeling zijn in de drie gewesten identiek.

    • Art. 1 — enkel een Waalse variant. Het Waals Gewest voegde er twee paragrafen aan toe (decreet 17 juli 2018, in werking 18 oktober 2018): de afdeling is er ook volledig van toepassing op huurovereenkomsten gesloten in het kader van een commerciële samenwerkingsovereenkomst in de zin van art. I.11, 2° WER, en elk beding dat uitsluitend betrekking heeft op de lokalen die voor de exploitatie van een bepaald merkteken worden gehuurd, wordt als ongeschreven beschouwd. Die twee regels bestaan niet in Vlaanderen en Brussel.
    • Art. 2 — een variant in alle drie de gewesten, telkens voor punt 1°: de uitsluiting van de kortlopende huur. Vlaams Gewest bij decreet 17 juni 2016 (in werking 1 september 2016), Waals Gewest bij decreet 15 maart 2018 (in werking 1 mei 2018), Brussels Hoofdstedelijk Gewest bij ordonnantie 25 april 2019 (in werking 19 mei 2019).
    • Art. 3 — enkel een Waalse variant (decreet 15 maart 2018, in werking 7 april 2018): het akkoord tot beëindiging wordt er vastgesteld bij een ter registratie aangeboden schriftelijk document, waar de federale — en dus ook de Vlaamse en Brusselse — tekst een authentieke akte of een verklaring voor de rechter eist.
    • Art. 13 — enkel een Waalse variant (decreet 15 maart 2018, in werking 7 april 2018), met dezelfde vormwijziging.

    Er is dus geen Vlaamse of Brusselse variant van art. 3 en 13: daar geldt de federale tekst. Een onderhandse beëindiging die in Wallonië geldig is, is dat in Vlaanderen niet. Deze pagina beschrijft de regels zoals ze in het Vlaams Gewest gelden.

    Beschermde Activiteiten

    • • Winkels en retail
    • • Horeca (restaurants, cafés)
    • • Ambachten (bakker, slager)
    • • Dienstverlenende beroepen met publiek

    Kernrechten

    • • Minimum huurtermijn van 9 jaar
    • • Recht op huurhernieuwing (max. 3 hernieuwingen — samen ten hoogste 36 jaar)
    • • Opzeg huurder: 6 maanden, per driejarige periode
    • • Bescherming bij weigering hernieuwing
    • • Overdracht samen met de handelszaak, op de gezamenlijke rechten (art. 10) — niet bij gedeeltelijke overdracht, en niet wanneer de verhuurder of zijn familie een deel van het goed bewoont
    • • Herziening van de huurprijs bij ≥ 15% verschil, enkel in de laatste 3 maanden van elke driejarige periode (art. 6)

    Voorbeelden uit Onze Praktijk

    Casus 1: Huurhernieuwing geweigerd

    Situatie: Een bakker in Brugge kreeg een weigering van huurhernieuwing na 18 jaar in hetzelfde pand. De verhuurder wilde het pand verkopen aan een projectontwikkelaar.

    Aanpak: Wij betwistten de weigeringsgrond: verkoop is geen wettelijke weigeringsgrond onder de Handelshuurwet. Daarnaast berekenden we de maximale uitzettingsvergoeding op basis van de opgebouwde goodwill.

    Resultaat: Uitzettingsvergoeding van 3 jaar huur (€72.000) toegekend door de vrederechter.

    Casus 2: Overdracht handelszaak

    Situatie: Een restauranthouder in Gent wilde zijn zaak verkopen, maar de verhuurder weigerde de huuroverdracht aan de koper. Dit dreigde de verkoop te blokkeren.

    Aanpak: Wij toonden aan dat de verhuurder geen ernstige redenen had om de overdracht te weigeren. De koper had ervaring in de horeca en voldeed aan alle financiële vereisten.

    Resultaat: Vrederechter stond de huuroverdracht toe. Verkoop kon doorgaan voor €350.000.

    Casus 3: Huurprijsherziening

    Situatie: Een winkelier in Antwerpen betaalde €3.500/maand maar vergelijkbare panden in de straat werden verhuurd voor €2.000/maand na de Covid-periode. De verhuurder weigerde elke aanpassing.

    Aanpak: Wij verzamelden bewijsmateriaal van de gedaalde huurprijzen in de buurt en toonden aan dat de marktomstandigheden significant waren gewijzigd (+15% verschil).

    Resultaat: Huurprijsherziening door de vrederechter: huur verlaagd naar €2.200/maand vanaf de volgende driejarige periode.

    Huurhernieuwing

    Een van de belangrijkste rechten onder de handelshuurwet is het recht op huurhernieuwing. Let wel: strikte termijnen gelden!

    • Aanvraag (art. 14): Op straffe van verval ten vroegste 18 maanden en ten laatste 15 maanden vóór het eindigen van de lopende huur, via gerechtsdeurwaardersexploot of aangetekende brief. Een venster van drie maanden — te vroeg is even fataal als te laat.
    • Inhoud op straffe van nietigheid: de voorwaarden waaronder u zelf de nieuwe huur wil aangaan, én de vermelding dat de verhuurder geacht wordt in te stemmen indien hij niet binnen drie maanden op dezelfde wijze kennis geeft van zijn met redenen omklede weigering, van andere voorwaarden of van het aanbod van een derde.
    • Zwijgt de verhuurder drie maanden? Dan is de hernieuwing verkregen onder de door u voorgestelde voorwaarden. Dit is het waardevolste stuk informatie voor een handelshuurder.
    • Beperkte weigeringsgronden (art. 16, I, 1° tot 4°): (1°) persoonlijk en werkelijk eigen gebruik of gebruik door de in art. 3 opgesomde verwanten; (2°) bestemming die elke handelsonderneming uitsluit; (3°) wederopbouw — elke verbouwing voorafgegaan door afbraak die de ruwbouw raakt en waarvan de kosten drie jaar huur te boven gaan; (4°) alle grove tekortkomingen van de huurder.
    • Maximaal drie hernieuwingen (art. 13): elk van negen jaar, samen met de oorspronkelijke huur dus ten hoogste 36 jaar. Blijft de vervallen huurder in het goed, dan ontstaat een huur van onbepaalde duur die de verhuurder met 18 maanden opzeg kan beëindigen (art. 14, laatste lid).

    Uitzettingsvergoeding

    Er is geen standaardgeval. Art. 25 bepaalt de uitzettingsvergoeding forfaitair in zes gevallen, behoudens akkoord van partijen gesloten het ingaan van het recht. In de eerste drie gevallen wordt de vergoeding berekend op de lopende huurprijs, in de gevallen 4 en 5 op de huurprijs van de nieuwe overeenkomst:

    • 1. Één jaar huur: wanneer de verhuurder het goed wil bestemmen voor een ander gebruik dan handel (art. 16, I, 2°) of het wil wederopbouwen (art. 16, I, 3°). Uitzondering: geen enkele vergoeding wanneer het goed moet worden afgebroken of wederopgebouwd wegens ouderdom, wegens overmacht, of krachtens bepalingen van wetten of verordeningen.
    • 2. Twee jaar huur: wanneer de verhuurder of een van de in art. 16, I, 1° opgesomde gebruikers een soortgelijke handel drijft in het goed.
    • 3. Drie jaar huur, eventueel vermeerderd met een bedrag toereikend om de veroorzaakte schade geheel te vergoeden: wanneer de verhuurder zonder gewichtige reden het voornemen op grond waarvan hij u heeft uitgezet niet ten uitvoer brengt binnen zes maanden en gedurende ten minste twee jaar. Uitzondering: geen vergoeding wanneer hij aan het goed een bestemming geeft die hem de terugneming zonder vergoeding of tegen een gelijke of lagere vergoeding mogelijk zou hebben gemaakt.
    • 4. Één jaar van de in de nieuwe huurovereenkomst bepaalde huur: wanneer u een ernstig aanbod deed maar werd afgewezen door het aanbod van een meerbiedende derde (art. 23), en die derde in het goed een andere handel drijft.
    • 5. Twee jaar van de in de nieuwe huurovereenkomst bepaalde huur: wanneer die nieuwe huurder een soortgelijke handel drijft als u.
    • 6. Drie jaar huur, eventueel vermeerderd met volledige schadevergoeding: indien de verhuurder of de nieuwe huurder vóór het verstrijken van twee jaar een soortgelijke handel begint.

    Het aanbod van een meerbiedende derde is geen weigeringsgrond van art. 16, maar een afzonderlijk mechanisme van art. 21 tot 23, met de eigen vergoedingsregeling van de gevallen 4 tot 6.

    Verjaring — één jaar (art. 28). De rechtsvorderingen tot betaling van de uitzettingsvergoeding moeten worden ingesteld binnen één jaar te rekenen van het feit waarop de vordering gegrond is. Deze korte termijn wordt vaak gemist en is onherroepelijk.

    Retentierecht — het sterkste drukmiddel (art. 27). Zolang de afgaande huurder de uitzettingsvergoeding waarop hij recht heeft — of het gedeelte dat niet ernstig betwist wordt — niet heeft ontvangen, kan hij het goed in gebruik houden totdat de vergoeding geheel betaald is, zonder enige huur verschuldigd te zijn.

    Huurprijsherziening (art. 6)

    Bij het verstrijken van elke driejarige periode hebben beide partijen — huurder én verhuurder — het recht aan de vrederechter herziening van de huurprijs te vragen.

    • Voorwaarde — ten minste 15 procent: zij moeten bewijzen dat de normale huurwaarde van het gehuurde goed ten gevolge van nieuwe omstandigheden ten minste 15 procent hoger of lager is dan de huurprijs die in de overeenkomst is bepaald of bij de laatste herziening is vastgesteld.
    • De termijn — drie maanden, even hard als die van art. 14: de vordering kan slechts worden ingesteld gedurende de laatste drie maanden van de lopende driejarige periode. Buiten dat venster is de vordering onmogelijk.
    • Beoordeling: de rechter doet uitspraak naar billijkheid, zonder te letten op het gunstig of ongunstig rendement dat uitsluitend aan de huurder is toe te schrijven.
    • Ingang: de herziene huurprijs geldt vanaf de eerste dag van de volgende driejarige periode; de vroegere huurprijs kan voorlopig worden gevorderd tot op de dag van de eindbeslissing.

    Verbouwingen (art. 7)

    De huurder mag elke verbouwing uitvoeren die dienstig is voor zijn onderneming en waarvan de kosten drie jaar huur niet te boven gaan, mits de veiligheid, de salubriteit en de esthetische waarde van het gebouw niet in het gedrang komen.

    • Voorafgaande kennisgeving: bij aangetekende brief of deurwaardersexploot, van alle voorgenomen veranderingen, met overlegging van de plans en bestekken.
    • Dertig dagen stilzwijgen = instemming: verzet de verhuurder zich niet binnen dertig dagen na ontvangst, op dezelfde wijze, dan wordt hij geacht in te stemmen.
    • Verzet hij zich wel: dan moet de huurder die volhardt hem binnen dertig dagen dagvaarden.
    • Onderhuur voor handelsgebruik: de onderhuurder moet hoofdhuurder en eigenaar gelijktijdig verwittigen, en beiden moeten op straffe van verval hun verzet binnen dezelfde termijn kenbaar maken.
    • Het verschil met pop-uphuur: bij de kortlopende huur voor handel en ambacht ligt de grens op één jaar huur (art. 9 van het decreet van 17 juni 2016), bij de handelshuur op drie jaar huur.

    Verwar deze grens niet met die van de wederopbouw als weigeringsgrond (art. 16, I, 3°): daar geldt als wederopbouw elke verbouwing voorafgegaan door afbraak die de ruwbouw raakt en waarvan de kosten drie jaar huur te boven gaan.

    Pop-uphuur: een aparte regeling

    Alle drie de gewesten hebben de kortlopende handelshuur uit art. 2, 1° gelicht en er een eigen regeling voor gemaakt. Een kortlopende huur voor handel en ambacht valt dus niet onder de handelshuur. In het Vlaams Gewest geldt het decreet van 17 juni 2016 houdende huur van korte duur voor handel en ambacht (BS 26 juli 2016, in werking 1 september 2016) — een zelfstandige regeling, geen variant van de handelshuur. Voor Wallonië en Brussel bestaan afzonderlijke regelingen (decreet 15 maart 2018, respectievelijk ordonnantie 25 april 2019) die wij hier niet beschrijven.

    • Toepassing en duur (art. 2-3): uitdrukkelijk gesloten voor een termijn gelijk aan of korter dan één jaar; de duur mag een geheel jaar niet bereiken of overtreffen.
    • Einde (art. 4): van rechtswege op de einddatum, zonder opzegging en zonder recht op huurhernieuwing.
    • De val bij verlenging (art. 4): verlengen kan enkel schriftelijk, onder dezelfde voorwaarden, met akkoord van beide partijen en zonder dat de totale duur langer dan één jaar wordt. Zodra opeenvolgende verlengingen de totale duur boven één jaar brengen, valt de overeenkomst onder afdeling 2bis van het oud Burgerlijk Wetboek en wordt zij geacht te zijn aangegaan voor negen jaar, te rekenen vanaf de datum waarop de aanvankelijke huur van korte duur in werking trad. Eén dag over de twaalf maanden en de verhuurder zit met een handelshuur van negen jaar, terugwerkend tot de eerste startdatum.
    • Opzeg (art. 5) — asymmetrisch: de huurder kan te allen tijde beëindigen met één maand opzeg bij gerechtsdeurwaardersexploot of aangetekende brief. De verhuurder heeft dat recht niet.
    • Onderling overleg (art. 6): te allen tijde mogelijk, mits het akkoord bij geschrift wordt vastgesteld — een onderhands geschrift volstaat hier, anders dan bij de handelshuur.
    • Geen uitzettingsvergoeding (art. 7): noch bij contractuele, noch bij voortijdige beëindiging, tenzij anders overeengekomen.
    • Overdracht en onderhuur (art. 13): te allen tijde verboden, zonder uitzondering.
    • Verbouwingen (art. 9 en 12): toegelaten als ze dienstig zijn voor de onderneming en de kosten één jaar huur niet te boven gaan, mits veiligheid, salubriteit en esthetische waarde niet in het gedrang komen en de huurder de verhuurder vóór de aanvang schriftelijk verwittigt. Bij vertrek kan de verhuurder verwijdering vorderen; behoudt hij de werken, dan is hij geen vergoeding verschuldigd.
    • Kosten (art. 8): de belastingen op het onroerend goed worden geacht in de huurprijs begrepen te zijn, tenzij anders overeengekomen; de nutsvoorzieningen zijn ten laste van de huurder en kunnen met alle middelen bewezen worden.
    • Bevoegdheid en overgangsrecht (art. 15 en 20): de vrederechter van de plaats waar het voornaamste onroerend goed gelegen is; het decreet is niet van toepassing op de op 1 september 2016 lopende huurovereenkomsten.

    Wettelijk Kader

    De handelshuur wordt specifiek geregeld door de Handelshuurwet:

    Handelshuurwet 30 april 1951:

    Voortlevend als afdeling 2bis van boek III, titel VIII, hoofdstuk II van het oud Burgerlijk Wetboek (opschrift gewijzigd bij wet van 13 april 2019, in werking 1 november 2020). Dwingend recht: minimum huurtermijn 9 jaar, recht op hernieuwing (max. drie hernieuwingen), bescherming bij uitzetting. Geregionaliseerd — deze pagina volgt de Vlaamse tekst.

    Art. 14 - Huurhernieuwing:

    Aanvraag op straffe van verval ten vroegste 18 en ten laatste 15 maanden vóór het eindigen van de lopende huur. Verhuurder moet binnen 3 maanden antwoorden, zo niet is de hernieuwing verkregen onder de voorgestelde voorwaarden.

    Art. 28 - Verjaring:

    Rechtsvorderingen tot betaling van de uitzettingsvergoeding: binnen één jaar te rekenen van het feit waarop de vordering gegrond is.

    Vlaams decreet 17 juni 2016 - pop-uphuur:

    Huur van korte duur voor handel en ambacht (BS 26 juli 2016, in werking 1 september 2016). Een zelfstandige regeling voor huur van maximaal één jaar, niet van toepassing op de op 1 september 2016 lopende overeenkomsten.

    Art. 25-28 - Uitzettingsvergoeding:

    Zes forfaitaire gevallen van één, twee of drie jaar huur — de eerste drie op de lopende huurprijs, de gevallen 4 en 5 op de huurprijs van de nieuwe overeenkomst — met twee gevallen waarin géén vergoeding verschuldigd is.

    Art. 6 - Huurprijsherziening:

    Beide partijen, bij het verstrijken van elke driejarige periode, bij ≥ 15% verschil door nieuwe omstandigheden. De vordering kan enkel worden ingesteld in de laatste drie maanden van de lopende driejarige periode.

    Art. 7 - Verbouwingen:

    Kosten tot drie jaar huur, na voorafgaande kennisgeving met plans en bestekken. Stilzwijgen van de verhuurder gedurende dertig dagen geldt als instemming; bij verzet moet de huurder binnen dertig dagen dagvaarden.

    Art. 10-11 - Overdracht en onderhuur:

    Een contractueel verbod wijkt enkel voor een overdracht of onderverhuring samen met de handelszaak én op de gezamenlijke rechten. Verzet van de verhuurder binnen dertig dagen; de huurder komt tegen dat verzet in rechte op binnen vijftien dagen, op straffe van verval. Bij overdracht van de gezamenlijke rechten wordt de overnemer rechtstreekse huurder (art. 11, I).

    Art. 27 - Retentierecht:

    Zolang de uitzettingsvergoeding — of het niet ernstig betwiste gedeelte — niet is ontvangen, mag de afgaande huurder het goed in gebruik houden zonder enige huur verschuldigd te zijn.

    Overdracht en Onderhuur

    Art. 10 is genuanceerder dan de gangbare voorstelling. Een contractueel verbod om over te dragen of onder te verhuren kan geen beletsel zijn voor een overdracht of onderverhuring die samen geschiedt met de overdracht of de verhuring van de handelszaak én slaat op de gezamenlijke rechten van de hoofdhuurder. Een gedeeltelijke overdracht valt daar dus niet onder.

    • Eerste valstrik — bewoning door de verhuurder: wanneer de verhuurder of zijn familie een gedeelte van het onroerend goed bewoont, blijft het contractuele verbod gewoon gelden. Dat is bij winkels met een woonst erboven vaak het geval, en het is precies het geval waarin de huurder denkt beschermd te zijn.
    • Betekening: de huurder betekent het ontwerp van akte bij aangetekende brief of deurwaardersexploot.
    • Dertig dagen voor de verhuurder: wil hij zich verzetten, dan moet hij zijn met redenen omkleed verzet op dezelfde wijze laten kennen binnen dertig dagen na de betekening; anders wordt hij geacht in te stemmen.
    • Wanneer is het verzet gegrond? Onder meer wanneer de huurder de handel sedert minder dan twee jaar uitoefent, of sedert minder dan twee jaar de hernieuwing heeft verkregen, behoudens overlijden van de huurder of andere buitengewone omstandigheden ter beoordeling van de rechter.
    • Tweede valstrik — vijftien dagen, de kortste termijn van de hele afdeling: de huurder kan tegen het verzet in rechte opkomen binnen vijftien dagen, op straffe van verval.
    • Gevolg (art. 11, I): bij overdracht van de gezamenlijke rechten wordt de overnemer rechtstreekse huurder van de verhuurder. Volledige onderverhuring samen met de overdracht van de handelszaak wordt daarmee gelijkgesteld.
    • Na uw vertrek (art. 5): iedere huurder wiens huur eindigt mag gedurende de zes maanden na zijn vertrek aan de lokalen een duidelijk zichtbaar bericht aanbrengen met de plaats waarheen hij zijn inrichting heeft overgebracht.

    Handige Tool

    Bereken de geïndexeerde huurprijs voor uw handelspand:

    Huurindexatie Calculator

    Bereken de geïndexeerde huurprijs in Vlaanderen

    Onze Aanpak bij Handelshuur

    Bij handelshuurgeschillen volgen wij een gestructureerde aanpak:

    1. Analyse huurovereenkomst: Grondige bestudering van het contract en de toepasselijke wetgeving
    2. Termijnbewaking: Strikte opvolging van de wettelijke termijnen (18-15 maanden, 3 maanden antwoord)
    3. Onderhandeling: Poging tot minnelijke regeling over hernieuwingsvoorwaarden of uitzettingsvergoeding
    4. Procedure vrederechter: Dagvaarding indien onderhandeling niet slaagt
    5. Uitvoering: Begeleiding bij betaling van vergoeding of overdracht van huur

    Veelgestelde Vragen

    Handelshuur in Vlaanderen?

    Of u nu huurder of verhuurder bent, wij kennen de handelshuurwet tot in de details. Correcte timing en procedure zijn cruciaal. Bereikbaar vanuit 6 kantoren.

    HuurClaim PRO — onbetaalde huur innen

    Stel zelf een juridisch sluitende ingebrekestelling op, verzend ze aangetekend en bereid een verzoekschrift voor de vrederechter voor — onder begeleiding van een advocaat.

    • Alles in één dossier — overzicht, documenten en status op één plek
    • Juridisch sluitende ingebrekestelling, klaar in enkele minuten
    • Duidelijk stappenplan: van eerste aanmaning tot verzoekschrift vrederechter
    • Begeleiding door een advocaat bij elke stap, met indicatieve kosten vooraf
    Ingebrekestelling + aangetekendVerzoekschrift vrederechterStukkenbundel automatisch

    Huurcontract Analyse PRO

    Voor uw handelhuur uploadt u via Huurcontract Analyse PRO uw contract en ontvangt u meteen een AI-risicoanalyse én een herwerkt, juridisch correct huurcontract (Word) volgens de huurwetgeving 2026.

    • Upload uw huurcontract (PDF, DOCX of foto)
    • AI scant alle risico's en oneerlijke clausules
    • Ontvang meteen een herwerkt, marktconform huurcontract (Word)
    • Getoetst aan de laatste Belgische huurwetgeving 2026
    AI scant alle risico'sHerwerkt huurcontract (Word)Conform huurwetgeving 2026

    Verdiepende Artikelen

    Lees meer over dit onderwerp

    Medehuurder wil vertrekken

    Wat zijn je rechten als medehuurder bij vertrek? Ontdek de procedure volgens het Vlaams Woninghuurdecreet, de regels rond de huurwaarborg en de hoofdelijke aansprakelijkheid.

    Lees meer

    Toegang verhuurder huurwoning

    Mag een verhuurder zomaar uw woning betreden? Leer alles over het bezoekrecht, privacywetgeving en wat u kunt doen bij huisvredebreuk volgens het Vlaams Woninghuurdecreet.

    Lees meer

    Uithuiszetting procedure

    Lees alles over de uithuiszetting procedure in België: van de rol van de vrederechter en het OCMW tot praktische tips en kosten. Uw rechten als huurder en verhuurder helder uitgelegd.

    Lees meer

    Huurder overlijden nabestaanden

    Wat gebeurt er met een huurcontract als de huurder overlijdt? Ontdek de regels van het Vlaams Woninghuurdecreet, de opzegtermijnen en de rechten van nabestaanden.

    Lees meer

    Stilzwijgende verlenging huur

    Wat gebeurt er als je huurcontract afloopt en je blijft wonen? Ontdek alles over de stilzwijgende verlenging volgens het Vlaams Woninghuurdecreet en de gevolgen voor huurder en verhuurder.

    Lees meer

    Meer info: cookie beleid · privacy