
Gsm achter het stuur: boete en 15 dagen verval van het recht tot sturen
In een vonnis van 5 november 2025 heeft de Politierechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, een bestuurder veroordeeld voor het gebruik van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden. De beklaagde had het apparaat gebruikt, vastgehouden of gemanipuleerd zonder dat het in een daartoe bestemde houder was bevestigd, terwijl het voertuig niet stilstond of geparkeerd was. Dit is een overtreding van artikel 8.4 van de Wegcode. Het Openbaar Ministerie zette zijn vordering uiteen. De overtreding wordt gekwalificeerd als een overtreding van de derde graad, wat een zwaardere bestraffing mogelijk maakt. De beklaagde, bijgestaan door een advocaat, voerde verweer, maar de rechtbank achtte de feiten bewezen. Bij de strafbepaling hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten en het verkeersrisico dat door afleiding ontstaat. De bestuurder werd veroordeeld tot een geldboete van 240 euro, waarvan 120 euro met uitstel voor een proefperiode van één jaar. Daarnaast legde de rechtbank een verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig op voor 15 dagen. De beklaagde werd ook veroordeeld tot het betalen van bijdragen aan het Slachtofferfonds (€200), het fonds voor juridische tweedelijnsbijstand (€26) en de gerechtskosten (€95,40).