Faillissementspauliana: Verdachte Transacties Ongedaan Maken
Geschreven door een LawBase expert

Advocaat – Vennoot bij LawBase
Peter-Jan is gespecialiseerd in verkeersrecht, vastgoedrecht en erfrecht. Hij staat cliënten bij met praktisch juridisch advies en een persoonlijke aanpak.
Meer over ons teamHulp nodig bij uw situatie?
Persoonlijk advies van een advocaat.

De faillissementspauliana is een cruciaal instrument in het Belgische ondernemingsrecht om transacties die vlak voor een faillissement zijn gesloten, aan te vechten en ongedaan te maken. Dit beschermt schuldeisers tegen frauduleuze handelingen.
Inhoudsopgave
Inleiding
De financiële gezondheid van een onderneming kan snel omslaan. Wanneer een bedrijf onvermijdelijk richting een faillissement beweegt, bestaat het risico dat bestuurders of derden nog snel bepaalde activa proberen te onttrekken of schuldeisers op een oneerlijke manier bevoordelen. Om de belangen van alle schuldeisers te beschermen en de gelijkheid onder hen te bewaren, heeft de wetgever de faillissementspauliana in het leven geroepen. Dit juridisch instrument stelt de curator in staat om bepaalde handelingen die de schuldenaar vóór het faillissement stelde, nietig te laten verklaren of tegenstelbaar te maken aan de boedel. Dit artikel van LawBase, uw advocatenkantoor met kantoren in onder meer Brugge, Gent en Antwerpen, biedt een diepgaand inzicht in de werking van de faillissementspauliana en de impact ervan op ondernemingen en hun schuldeisers.
Wat is de faillissementspauliana?
De faillissementspauliana, ook wel de actio pauliana of de niet-tegenwerpelijkheid aan de boedel genoemd, is een specifieke toepassing van de algemene pauliana in de context van een faillissement. Het is een mechanisme dat de curator toelaat om handelingen die de gefailleerde onderneming stelde in de zogenaamde 'verdachte periode' (of 'verdenkingsperiode') voorafgaand aan het faillissement, ongedaan te maken. Het doel is ervoor te zorgen dat alle schuldeisers in gelijke mate kunnen delen in de opbrengst van de faillissementsboedel, zonder dat bepaalde transacties hen onrechtmatig benadelen.
De basis van de faillissementspauliana ligt in de artikelen XX.111 en XX.112 van het Wetboek van Economisch Recht (WER). Deze bepalingen zijn van cruciaal belang voor de bescherming van de schuldeisers en de integriteit van de faillissementsprocedure. Een handeling die via de pauliana wordt aangevochten en succesvol wordt ongedaan gemaakt, betekent dat de goederen die de onderneming heeft overgedragen, terugvloeien naar de faillissementsboedel. Dit vergroot de beschikbare middelen voor de schuldeisers en herstelt de balans van vóór de verdachte transactie.
Laat uw dossier beoordelen
Ontvang direct inzicht in uw zaak, een plan van aanpak en een kostenindicatie.
Juridisch kader in België
Relevante wetgeving
Het juridisch kader voor de faillissementspauliana is voornamelijk terug te vinden in Boek XX van het Wetboek van Economisch Recht (WER), specifiek in de artikelen XX.111 en XX.112. Deze artikelen definiëren de voorwaarden waaronder handelingen die de gefailleerde heeft gesteld vóór het faillissement, kunnen worden aangevochten. De term 'verdachte periode' speelt hierin een centrale rol. Dit is de periode die ingaat vanaf de datum van staking van betaling, zoals door de rechtbank vastgesteld, en loopt tot aan de faillietverklaring. Deze periode mag maximaal zes maanden vóór de faillietverklaring aanvangen.
- Artikel XX.111 WER: Dit artikel stelt bepaalde handelingen die tijdens de verdachte periode werden verricht, van rechtswege niet-tegenwerpelijk aan de boedel. Dit betekent dat de curator deze handelingen niet hoeft aan te vechten; ze zijn automatisch ongeldig ten aanzien van de boedel. Voorbeelden hiervan zijn kosteloze beschikkingen (schenkingen), betalingen van niet-vervallen schulden, en vestiging van hypotheken of pandrechten voor reeds bestaande schulden. Het is belangrijk te benadrukken dat het hier gaat om handelingen waarbij de kwade trouw van de tegenpartij niet bewezen hoeft te worden. De wet vermoedt dat dergelijke handelingen in het nadeel van de schuldeisers zijn.
- Artikel XX.112 WER: Dit artikel biedt de curator de mogelijkheid om andere handelingen die tijdens de verdachte periode werden gesteld, niet-tegenwerpelijk te laten verklaren. Hierbij moet de curator wel bewijzen dat de tegenpartij wist dat de gefailleerde zich in staat van staking van betaling bevond. Dit vereist een bewijs van de zogenaamde 'samenspanning' of 'kennis van de toestand van staking van betaling' tussen de gefailleerde en de tegenpartij. Het gaat hierbij om handelingen die niet onder de strikte categorieën van artikel XX.111 vallen, maar wel nadelig zijn voor de boedel. Denk bijvoorbeeld aan de verkoop van activa tegen een ondermaatse prijs.
Naast deze specifieke bepalingen in het WER, kan ook de algemene pauliana van artikel 5.243 van het Burgerlijk Wetboek (vroeger artikel 1167 oud BW, opgeheven op 1 januari 2023) worden ingezet. Deze algemene regel vereist dat de schuldeiser bewijst dat de schuldenaar handelde met bedrieglijke intentie en dat de medecontractant op de hoogte was van deze bedrieglijke intentie. De algemene pauliana kan ook buiten de verdachte periode van het faillissement worden toegepast en is niet beperkt tot faillissementssituaties.
Het is van groot belang om de precieze voorwaarden en termijnen die in de wetgeving zijn vastgelegd, strikt te volgen. Een goede kennis van deze regels is essentieel voor zowel curatoren als voor ondernemingen die het risico lopen op faillissement, alsook voor hun handelspartners.
Recente rechtspraak
De rechtspraak over de faillissementspauliana is dynamisch en evolueert voortdurend, wat de complexiteit van dit rechtsgebied onderstreept. Recente uitspraken van het Hof van Cassatie en lagere rechtbanken verfijnen de interpretatie van de artikelen XX.111 en XX.112 WER en bieden meer duidelijkheid over de bewijslast en de toepassing van de pauliana in specifieke gevallen.
Een terugkerend thema in de rechtspraak is de invulling van de 'verdachte periode' en de 'datum van staking van betaling'. De rechtbanken benadrukken dat de staking van betaling een feitelijke toestand is die niet noodzakelijk samenvalt met de faillietverklaring. Het bepalen van deze datum is cruciaal, aangezien het de start markeert van de periode waarin transacties potentieel aanvechtbaar zijn. Rechters letten hierbij op objectieve criteria, zoals het niet langer kunnen betalen van opeisbare schulden, het opstapelen van betalingsachterstanden en het ontbreken van kredietmogelijkheden.
Verder zien we dat de rechtspraak steeds kritischer kijkt naar transacties binnen groepsvennootschappen. Wanneer een moedermaatschappij of een zusteronderneming vlak voor een faillissement betalingen ontvangt of activa verwerft van de gefailleerde dochteronderneming, staat dit vaak onder een vergrootglas. De curatoren voeren hierbij vaak aan dat er een vermoeden van kennis van de toestand van staking van betaling bestaat, gezien de onderlinge verhoudingen. De rechtbanken beoordelen dan of de transactie een normale bedrijfshandeling betrof dan wel een bevoordeling van een groepsvennootschap ten nadele van de andere schuldeisers.
Een ander belangrijk aspect is de bewijslast voor de kwade trouw van de tegenpartij onder artikel XX.112 WER. De rechtspraak aanvaardt dat deze kennis niet per se expliciet moet zijn. Indirecte bewijzen, zoals de abnormale aard van de transactie, de relatie tussen partijen, de prijszetting, of het ontbreken van een economische rechtvaardiging, kunnen volstaan om de kennis van de toestand van staking van betaling aan te tonen. Dit maakt het voor curatoren makkelijker om verdachte transacties aan te vechten, zelfs als er geen direct bewijs van samenspanning voorhanden is.
De rechtbanken blijven ook de grenslijnen aftasten tussen wat als een 'normale' transactie wordt beschouwd en wat als een benadeling van de boedel. Hierbij wordt rekening gehouden met de specifieke sector, de marktomstandigheden en de gebruikelijke handelspraktijken. De complexiteit van deze materie maakt gespecialiseerd juridisch advies onontbeerlijk.
Praktische gevolgen
De faillissementspauliana heeft verstrekkende praktische gevolgen voor alle betrokken partijen bij een faillissement: de gefailleerde onderneming, de schuldeisers, de curator en de derde partijen die transacties met de gefailleerde hebben gesloten.
- Voor de gefailleerde onderneming en haar bestuurders: Bestuurders moeten zich zeer bewust zijn van de risico's van transacties in de aanloop naar een faillissement. Handelingen die als verdacht worden beschouwd, kunnen niet alleen leiden tot niet-tegenwerpelijkheid van de transactie, maar in ernstige gevallen ook tot bestuurdersaansprakelijkheid. Dit betekent dat bestuurders persoonlijk aansprakelijk kunnen worden gesteld voor het tekort in de boedel als zij door hun handelen de schuldeisers hebben benadeeld. Dit kan zelfs leiden tot strafrechtelijke vervolging indien er sprake is van bedrieglijk onvermogen of andere misdrijven, zoals beschreven in artikel 496 Sw. — bedrieglijk bewerkstelligen van onvermogen — (voor feiten van vóór 1 september 2026: artikel 490bis oud Sw.). Goed juridisch advies is essentieel om dergelijke risico's te beperken.
- Voor schuldeisers: De faillissementspauliana is een krachtig instrument om de belangen van schuldeisers te beschermen. Door verdachte transacties ongedaan te maken, vergroot de curator de beschikbare activa in de boedel, wat de kans op een hogere uitkering voor de schuldeisers vergroot. Dit bevordert het principe van de gelijke behandeling van schuldeisers.
- Voor de curator: De curator is de spilfiguur in het aanvechten van verdachte transacties. Het is zijn plicht om de boedel te maximaliseren en alle mogelijke middelen in te zetten om de schuldeisers te voldoen. Het correct toepassen van de faillissementspauliana vereist grondig onderzoek, juridische expertise en vaak ook een juridische procedure voor de rechtbank.
- Voor derde partijen: Partijen die transacties sluiten met een onderneming die in financiële moeilijkheden verkeert, moeten uiterst voorzichtig zijn. Als een transactie later als verdacht wordt bestempeld, kan deze niet-tegenwerpelijk worden verklaard. Dit betekent dat de derde partij de ontvangen activa moet teruggeven aan de boedel, zonder dat de tegenprestatie (bijvoorbeeld een betaling) gegarandeerd terugkomt. Dit kan leiden tot aanzienlijke financiële verliezen. Het is daarom van vitaal belang om bij twijfel juridisch advies in te winnen voordat men belangrijke transacties aangaat met een financieel kwetsbare partij.
De faillissementspauliana draagt bij aan een gezonde economische omgeving door transparantie en eerlijkheid in zakelijke transacties te bevorderen, vooral in tijden van financiële nood. Het is een essentieel onderdeel van het ondernemingsrecht in België.
Wat kunt u doen?
Of u nu een ondernemer bent die in financiële moeilijkheden verkeert, een schuldeiser die vreest benadeeld te worden, of een derde partij die een transactie heeft gesloten met een gefailleerde onderneming, het is cruciaal om proactief te handelen en juridische hulp in te schakelen.
Als ondernemer (of bestuurder):
- Transparantie en zorgvuldigheid: Zorg ervoor dat alle transacties die u aangaat, zelfs in financieel moeilijke tijden, een duidelijke economische rechtvaardiging hebben en tegen marktconforme voorwaarden gebeuren. Documenteer alles zorgvuldig.
- Vroegtijdig advies: Wacht niet tot het te laat is. Zodra u merkt dat uw onderneming in financiële moeilijkheden komt, zoek dan onmiddellijk juridisch advies en overweeg opties zoals een gerechtelijke reorganisatie (WCO). Een advocaat kan u begeleiden bij het nemen van de juiste beslissingen en het beperken van persoonlijke aansprakelijkheid.
- Vermijd verdachte handelingen: Doe geen schenkingen, betaal geen niet-vervallen schulden, en vestig geen onnodige zekerheden in de aanloop naar een mogelijk faillissement. Deze handelingen zullen vrijwel zeker door de curator worden aangevochten.
Als schuldeiser:
- Monitor uw debiteuren: Houd de financiële situatie van uw belangrijke debiteuren in de gaten. Signalen van financiële problemen kunnen u waarschuwen.
- Contacteer de curator: Als een van uw debiteuren failliet wordt verklaard, neem dan onmiddellijk contact op met de curator. Deel alle informatie die u heeft over mogelijk verdachte transacties of bevoordelingen.
- Laat u bijstaan: Een advocaat kan u helpen om uw rechten als schuldeiser te verdedigen en de curator te informeren over potentiële pauliana-gevallen.
Als derde partij die een transactie heeft gesloten:
- Due diligence: Voer altijd een grondig onderzoek uit naar de financiële gezondheid van uw contractpartner, vooral bij belangrijke transacties.
- Marktconforme voorwaarden: Zorg ervoor dat alle transacties tegen marktconforme prijzen en voorwaarden worden afgesloten. Een afwijkende prijs kan later worden gezien als een teken van kwade trouw.
- Juridische bijstand: Als u wordt geconfronteerd met een vordering tot niet-tegenwerpelijkheid, zoek dan onmiddellijk juridische hulp. Een advocaat kan u bijstaan in de juridische procedure en uw verweer opbouwen.
In alle gevallen is het inschakelen van een gespecialiseerde advocaat van LawBase van onschatbare waarde. Onze experts in ondernemingsrecht in bijvoorbeeld Sint-Niklaas en Tongeren kunnen u begeleiden door de complexe wetgeving en rechtspraak en u voorzien van het beste juridisch advies.
Lees ook
- Vennootschap ontbinden en vereffenen: stappenplan
- Borgstelling bedrijfskrediet: persoonlijke aansprakelijkheid
Hulp nodig? LawBase staat klaar
De complexiteit van de faillissementspauliana en de juridische procedures die ermee gepaard gaan, vereisen gespecialiseerde kennis en ervaring. Of u nu als ondernemer, bestuurder, schuldeiser of derde partij te maken krijgt met deze materie, een doortastende juridische aanpak is essentieel om uw rechten en belangen optimaal te behartigen.
Bij LawBase beschikken we over een team van ervaren advocaten die thuis zijn in het ondernemingsrecht en faillissementsrecht. Wij bieden u concreet en praktisch juridisch advies en begeleiding doorheen het hele proces. Wij helpen u bij het beoordelen van transacties, het opstellen van verweermiddelen, of het voeren van een rechtszaak om uw belangen veilig te stellen. Onze advocaten zijn verspreid over verschillende locaties, waaronder Brugge, Gent, Antwerpen (Mortsel), Sint-Niklaas, Tongeren en Leuven, waardoor we altijd dichtbij zijn om u te helpen.
Aarzel niet om contact op te nemen voor een eerste consultatie. Een telefonisch gesprek van 15 minuten kost u € 24,20 incl. btw. Voor een uitgebreidere videocall van 30 minuten betaalt u € 60,50 incl. btw. Wenst u ons te spreken op kantoor, dan bedraagt een consultatie van 60 minuten € 90,75 incl. btw. Wij staan klaar om u te voorzien van de juridische hulp die u nodig heeft.
Wie zulke transacties verrichtte, riskeert ook persoonlijk te worden aangesproken: zie bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement. Wie tijdig ingrijpt, kan het faillissement nog afwenden: zie de gerechtelijke reorganisatie.
Hulp nodig bij uw situatie?
Persoonlijk advies van een advocaat.
Wettelijk Kader
Dit artikel is gebaseerd op de volgende Belgische wetgeving:
- •
- •
Veelgestelde vragen
Handige Tools
Gebruik onze gratis tools om direct inzicht te krijgen in uw situatie:
Meer over Onze Expertises
Ontdek al onze juridische expertisegebieden.
Mijn Dossier Beoordelen
Ontvang direct inzicht in uw zaak, een plan van aanpak en een kostenindicatie.
Gerelateerde Artikelen
Vereffening vennootschap: het belang van correcte aandeelhoudersregistratie

Sociaal recht zelfstandigen: ziekte, moederschap, pensioen

Merkenrecht in België: Uw Merknaam Beschermen
Aansprakelijkheid van bestuurders in Belgische vennootschappen
